nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

21.12.2018 Landbouwrampenfonds gaat op de schop in september

Op 1 september 2019 stopt het landbouwrampenfonds met het vergoeden van teeltschade. Dat staat in het programmadecreet van de Vlaamse regering dat donderdag werd besproken in het Vlaams Parlement. De regering zet stappen om een alternatief uit te werken, in de vorm van een weersverzekering voor de landbouwers, zei landbouwminister Joke Schauvliege (CD&V). Volgens Groen is er in de verzekeringssector echter geen animo voor het afdekken van een dergelijk risico. De huidige politieke stroomversnelling moet het momentum creëren. Oppositielid Bart Caron is echter op zijn hoede voor “politieke spelletjes op kap van de landbouwsector”. Volgens hem was het “politiek netter” geweest om eerst met een alternatief te komen en pas dan de oude regeling af te schaffen.

Landbouwrampen als gevolg van extreme weersomstandigheden komen steeds vaker voor en daardoor wordt het huidige systeem van erkende rampen en een vergoeding uit het rampenfonds onhoudbaar. Het systeem holt ook zichzelf uit, zei Schauvliege in het Vlaams Parlement, omdat extreem weer wordt gedefinieerd als omstandigheden die zich maar eens in de 20 jaar voordoen.

De Vlaamse regering schrijft in het programmadecreet dat het huidige systeem in september volgend jaar uitdooft. "We gaan voor een brede weersverzekering, die haalbaar en betaalbaar moet zijn voor alle landbouwers", aldus Schauvliege. "We engageren ons om ervoor te zorgen dat er een werkend alternatief is op het moment dat landbouwrampen niet meer erkend worden door de regering."

Dat alternatief moet nog worden uitgewerkt, geeft de minister toe, "maar we moeten aan de markt het signaal geven dat het huidige systeem stopt. Anders merk je dat de markt daar geen werk van wil maken". Groen-parlementslid Bart Caron gelooft er niet in. "Ik verneem in de wandelgangen dat geen enkele verzekeringsmaatschappij bereid is om zo'n verzekering uit te rollen, waar zijn we dan mee bezig?", vraagt hij.

Volgens Jos De Meyer (CD&V) zal er altijd een landbouwrampenfonds voor onverzekerbare risico's blijven bestaan. De voorzitter van de commissie Landbouw wees ook op het advies van de SALV, meer in het bijzonder op de fundamentele vraag of dergelijke ingrijpende wijzigingen van het beleid wel thuishoren in een programmadecreet. “De adviesraad hield een pleidooi voor een haalbaar en volwaardig alternatief en het behoud van het landbouwrampenfonds voor uitzonderlijke omstandigheden die in de private markt niet verzekerbaar zijn.” De Meyer is vooral bezorgd dat het landbouwrampenfonds verdwijnt alvorens er daadwerkelijk een alternatief is in de vorm van een weersverzekering.

Door N-VA werd benadrukt dat de opeenvolging van klimatologische tegenspoed en mislukte oogsten door de tussenkomsten van het (landbouw)rampenfonds druk zet op “onze beperkte Vlaamse middelen”. Met een landbouwrampenfonds dat steevast tussenkomt, zullen volgens Jelle Engelbosch landbouwers de stap naar een weersverzekering niet zetten. “N-VA kan zich dus vinden in het engagement van de Vlaamse regering om een nieuw systeem van vergoedingen op te zetten dat de vorm zal aannemen van een sectoraal fonds en/of een weersverzekering met sectorresponsabilisering en stabiele geplafonneerde jaarlijkse financiële bijdragen vanuit de overheid.”

Namens Open Vld drukte Francesco Vanderjeugd zijn waardering uit voor de vastberadenheid waarmee minister Schauvliege aan een weersverzekering werkt. “Met wat er op tafel ligt, prikkelen we de verzekeringsmaatschappijen om een weersverzekering op de markt te brengen zodat we na al die jaren kunnen landen in dit dossier.” Een schouderklopje voor de minister kwam er zelfs van de oppositie en meer bepaald van volksvertegenwoordiger Stefaan Sintobin (Vlaams Belang). Hij liet zich als volgt uit: “Ik moet zeggen dat u uw job als minister van Landbouw toch redelijk goed hebt gedaan in de moeilijke omstandigheden waarin de landbouwsector zich bevindt. Het kan natuurlijk altijd beter, maar we zijn vaak met handen en voeten gebonden aan de Europese landbouwpolitiek.”

De meest fundamentele kritiek op het gevoerde beleid kwam van Bruno Tobback (sp.a) en Bart Caron (Groen). Over het meer fundamentele debat ‘Waar naartoe met onze landbouw?’, dat zij graag willen voeren, zegt Schauvliege: “We moeten inderdaad in een volgende legislatuur dat debat voeren, evenwel zonder een voorafname te doen omtrent het soort landbouw dat we in Vlaanderen willen. Dat is een ondernemerskeuze. De landbouwsector staat voor een aantal uitdagingen. Er is het gemeenschappelijk landbouwbeleid, het klimaatplan, de schaalvergroting in de sector, de brexit ook die waarschijnlijk gevolgen gaat hebben voor land- en tuinbouw.”

Bron: eigen verslaggeving / Belga

Beeld: Loonwerk Defour

Volg VILT ook via