nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

Vlaamse land- en tuinbouw anno 2015
22.03.2016  Landbouwzakfolder 2015

De landbouwzakfolder 2015 is een handige en compacte brochure die in een aantal zorgvuldig geselecteerde figuren en tabellen de Vlaamse land- en tuinbouw anno 2015 presenteert. Wie geïnteresseerd is in de sector, krijgt in een notendop basiscijfers aangereikt over structurele, economische, sociale en milieu-indicatoren en over het landbouwbeleid.

De Vlaamse land- en tuinbouw realiseerde in 2015 een eindproductiewaarde van 5,4 miljard euro. Dat is bijna twee procent minder dan in 2014. De achteruitgang is te wijten aan de veehouderij, die zijn omzet ziet dalen met 8,5 procent. De betere resultaten in de plantaardige sector konden dat slechts gedeeltelijk compenseren. 60 procent van de productiewaarde is afkomstig van de veeteelt, 29 procent van de tuinbouw en 11 procent van de akkerbouw. De vijf belangrijkste producten qua productiewaarde zijn varkensvlees, groenten, rundvlees, zuivel en sierteelt.

De lagere uitgaven voor veevoeders en energie zorgen voor een daling van de directe kosten met bijna drie procent. Deze kostendaling en de toename van de netto subsidies, vooral dankzij het ketenoverleg, resulteren in een stijging van de netto toegevoegde waarde naar 1,2 miljard euro. Uitgedrukt per arbeidseenheid, stijgt de netto toegevoegde waarde – de indicator voor het globaal inkomen – met 6 procent ten opzichte van het crisisjaar 2014. Het inkomen blijft echter onder het niveau van 2013.

De Vlaamse land- en tuinbouw wordt gekenmerkt door schaalvergroting, specialisatie, verbreding en innovatie. Vlaanderen telt in 2014 24.252 landbouwbedrijven. Het aantal bedrijven loopt jaar na jaar terug, maar de gemiddelde oppervlakte cultuurgrond per bedrijf groeit gestaag. Een gemiddeld bedrijf is nu 25 hectare groot. Een gespecialiseerd rundveebedrijf telt 120 runderen, een varkensbedrijf 1.850 varkens en een pluimveebedrijf 47.000 stuks pluimvee. De evolutie naar minder maar grotere bedrijven doet zich ook voor in andere landen van de Europese Unie.

88 procent van de Vlaamse landbouwbedrijven is gespecialiseerd in één van de drie sectoren. Veeteelt is veruit de belangrijkste specialisatie, gevolgd door akkerbouw en tuinbouw. 20 à 25 procent van de bedrijven doet aan verbreding en haalt een aanvullend inkomen uit bijvoorbeeld hoeveverkoop, toerisme, natuurzorg, energieproductie, loonwerk of sociale opvang. Uit een enquête van 2014 blijkt dat 43 procent van de land- en tuinbouwbedrijven de voorbije twee jaren een innovatie doorvoerde.

België heeft in 2014 een handelsoverschot van 4,6 miljard euro in de handel in landbouwproducten. Ondanks het Russische embargo was de uitvoer nog altijd goed voor 40 miljard euro, 1 procent meer dan in 2013. Enkele belangrijke exportproducten, met een exportwaarde van meer dan 1 miljard euro, zijn zuivel, chocolade, aardappelbereidingen, varkensvlees, banketbakkerswerk en diepvriesgroenten.

Vlaanderen neemt 82 procent van de Belgische landbouwexport voor zijn rekening. Onze buurlanden Nederland, Duitsland en Frankrijk blijven onze bevoorrechte handelspartners, maar de toetreding van nieuwe EU-lidstaten en de globalisering hebben nieuwe impulsen gegeven aan onze landbouwexport.

Meer info: Landbouwzakfolder 2015

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via