nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

24.04.2017 Landelijke Gilden ondersteunt 135 schooltuintjes

Begin mei belooft het warmer te worden en zal er volop gezaaid en geplant worden in de moestuin. Dankzij de ondersteuning van Landelijke Gilden kunnen ook kinderen uit 135 lagere scholen in Vlaanderen zich uitleven in de (school)tuin. Het werken met ‘levend materiaal’ heeft een belangrijke pedagogische waarde. “Elke school kan met een moestuin starten”, zo verzekert Marleen Van der Velden van Landelijke Gilden. “Sommige scholen hebben zelf een lapje grond terwijl andere moestuinbakken plaatsen of uitwijken naar een tuintje in de buurt.” Vaak is er een begeleider met wat tuinervaring. In 36 scholen is dit een vrijwilliger van de lokale landelijke gilde uit het dorp.

Samen wroeten in de tuin, zaadjes zien kiemen, zorg dragen voor de jonge plantjes, bloemen en vlinders observeren, pieren en duizendpoten tellen, … In een moestuin zijn er 101 activiteiten waar kinderen veel plezier aan beleven. Niet alle kinderen hebben de kans om thuis te tuinieren zodat Landelijke Gilden schooltuintjes promoot. Leerkrachten krijgen financiële ondersteuning, meer bepaald een AVEVE-waardebon, producten van Naturen en een extra subsidie bij de eerste deelname vanwege Landelijke Gilden. Plattelandsklassen, de educatieve dienst van de plattelandsvereniging, zorgt voor een map met informatie over tuinieren.

Verspreid over Vlaanderen maken 135 lagere scholen daar dankbaar gebruik van. De belangstelling voor schooltuintjes is de afgelopen tien jaar sterk toegenomen, en kende vorig schooljaar zijn voorlopig hoogtepunt. Marleen Van der Velden, stafmedewerker bij Landelijke Gilden, schrijft dat toe aan de hype rond tuinieren en koken. “Ook de maximumfactuur voor scholen speelt een rol”, zegt ze, “want het doet scholen sneller kiezen voor een activiteit dichtbij.” Zeker niet elke school beschikt over een tuin in vollegrond, maar voor de kinderen zijn moestuinbakken of een tuintje in de omgeving van de school even leuk.

Een schooltuin is een perfecte omgeving om met leerlingen, vrijwilligers en leerkrachten samen te werken. “Het spannende aan samen tuinieren is weten waar je begint, maar niet waar je eindigt”, klinkt het. Leerlingen kunnen zich in de schooltuin op een andere manier uitdrukken dan in punten en kennis. En tezelfdertijd steken ze er wat van op want er zijn heel wat raakvlakken met hetgeen ze leren in de klas. “Tijdens het uitmeten van een teeltbedje oefenen ze wiskunde, het tuingereedschap benoemen is een goede les taal en schrijven kunnen ze leren door een dagboek bij te houden over de tuinwerkzaamheden”, illustreert Marleen Van der Velden. In de meeste scholen wordt er daarom getuinierd tijdens de schooluren, en anders kan het tijdens de middagpauze.

In iedere school is de betrokkenheid van de leerlingen groot. Soms ontfermt iedere klas zich over een tweetal teelten zodat kinderen na zes jaar het tuinieren helemaal in de vingers hebben. Elders is het één leerjaar dat tuiniert, terwijl de anderen de vruchten van hun werk gadeslaan en er van mogen proeven. Een begeleider met wat tuinervaring is best handig. Hij of zij kan af en toe ook het zwaardere werk voor zich nemen, het spitten bijvoorbeeld. Zo’n ‘tuinkabouter’ hebben 36 scholen gevonden bij de lokale landelijke gilde in het dorp. Vaak gaat het om een (groot)ouder van één van de schoolkinderen.

Landelijke Gilden geeft schooltuintjes op deze manier al meer dan 20 jaar ondersteuning. Inschrijven voor dit schooljaar kan niet meer. Scholen kunnen hun belangstelling laten blijken tussen 1 september en 31 december.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Landelijke Gilden

Volg VILT ook via