nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

18.01.2017 Meer vogelsoorten waar het slecht dan goed mee gaat

Op basis van een evaluatie van 161 Vlaamse broedvogelsoorten blijkt dat 38 procent ernstig bedreigd, bedreigd of kwetsbaar is. Helaas betekent dat niet dat het met de overige 62 procent goed gaat. Dat kan maar gezegd worden van 42 procent van de soorten. Vooral vogels van kust- en landbouwgebieden hebben het moeilijk, melden Natuurpunt en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO). "In Vlaanderen worden zes soorten die hier ooit voorkwamen inmiddels als uitgestorven beschouwd", zeggen Koen Devos (INBO) en Gerald Driessens (Natuurpunt). "Dit betekent dat ze hier al minstens 10 jaar niet meer tot broeden komen." Het opmerkelijk herstel van de geelgors op het platteland toont aan dat het niet te laat is om de andere soorten te redden.

De nieuwe Rode Lijst werd opgemaakt op basis van een evaluatie van 161 Vlaamse broedvogelsoorten en schat in hoe groot de kans is dat een bepaalde soort uitsterft. Het Natuuronderzoeksinstituut INBO maakt de lijst in samenwerking met Natuurpunt. De Rode Lijst verscheen zopas in Natuur.oriolus, het ornithologisch tijdschrift van Natuurpunt. In vergelijking met de vorige meting in 2004 is de situatie verslechterd. Toen ging het nog goed met 55 procent van de soorten, nu is slechts 42 procent niet in gevaar. Al de rest varieert van 'bijna in gevaar' (15,5%), over 'kwetsbaar' (12,4%) en 'bedreigd' (9,9%) tot 'ernstig bedreigd' (15,5%) en 'uitgestorven' (3,7%).

"Vergelijken is moeilijk omdat de methodiek nu anders is dan toen", zegt ornitholoog Gerald Driessens van de studiedienst van Natuurpunt in De Standaard. Al blijft de conclusie volgens hem wel dat de toestand ernstig is. De soort die het meest recent verdween uit Vlaanderen, is de klapekster, met een laatste gekend broedgeval in 2000. "Dat er sindsdien geen andere soorten zijn uitgestorven, wijst jammer genoeg niet op een trendbreuk. Heel wat soorten zijn de voorbije decennia zo zeldzaam geworden dat ze nu op de rand van regionaal uitsterven staan." Zo zijn er nog slechts een handvol broedpaartjes van strandplevier, draaihals, kuifleeuwerik, paapje en tapuit.

"Er zijn zelfs enkele tot voor kort nog algemene soorten zoals zomertortel, ringmus en grauwe gors die zo snel in aantal afnemen, dat het waarschijnlijk wordt dat ze binnenkort volledig zullen verdwijnen in Vlaanderen", voegen de onderzoekers toe. In veel gevallen is er een duidelijk verband tussen de afname van vogelsoorten en het verdwijnen van geschikte broedhabitat. Vooral kust- en landbouwvogels hebben het moeilijk.

Tijdelijke natuur voor kustbroedvogels blijkt onvoldoend robuust om tot een duurzaam populatieherstel te komen en wat de landbouwvogels betreft, kunnen vooral soorten die gebonden zijn aan vochtige, extensief beheerde graslanden zich moeilijk handhaven, zeggen de onderzoekers. Vijf van de 11 kenmerkende weidevogelsoorten zijn ernstig bedreigd. Grutto, wulp en kievit worden nu voor het eerst op de Rode Lijst als ‘bedreigd’ of ‘kwetsbaar’ gecatalogeerd. Ook meer aan akkers gebonden soorten zoals patrijs, ringmus en grauwe gors vertonen alarmerende afnames.

Bij bosvogels is het algemeen beeld positiever. Er zijn ook enkele soorten uit kwetsbare habitats die het opvallend beter doen, zoals de boomleeuwerik, roodborsttapuit of nachtzwaluw. En voor de broedvogels die voorkomen in het landbouwgebied is het niet allemaal kommer en kwel. In heel wat akkerbouwgebieden is een opmerkelijk herstel van de geelgors merkbaar, wat mogelijk toe te schrijven is aan de beheermaatregelen door landbouwers. De recentste cijfers wijzen zelfs op een toename van de geelgors met meer dan 40 procent over de laatste tien jaar. Om het tij ook voor de overige vogelsoorten te keren, rekenen de wetenschappers op specifieke soortbeschermingsprogramma's.

Bron: Belga / De Standaard / eigen verslaggeving

Beeld: Freek Verdonckt

Volg VILT ook via