nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

14.02.2018 "Mens zelf belangrijkste bron antibioticaresistentie"

Het idee dat mensen vooral via het eten van vlees antibioticaresistente bacteriën oplopen, is een misvatting. Overdracht gebeurt namelijk vooral tussen mensen onderling, zo blijkt uit onderzoek van Wageningen Universiteit. Vlees bevat wel ESBL's, enzymen die bepaalde antibiotica afbreken, maar de kans op besmetting is klein zolang het vlees goed wordt verhit en er hygiënisch wordt gewerkt. Veehouders of slachthuismedewerkers hebben wel een grotere kans om ESBL’s bij zich te dragen, aldus het onderzoek. 

Eiwitten met de naam Extended Spectrum Beta-Lactamases (ESBL’s) zijn enzymen die bepaalde antibiotica afbreken. Bacteriën die de enzymen maken, zijn daardoor bestand tegen deze antibiotica. Mensen en dieren die besmet zijn met deze resistente bacteriën zijn daardoor moeilijker te behandelen. Dat is vooral een probleem voor kwetsbare mensen met een verminderde weerstand. Bacteriën kunnen stukjes DNA aan elkaar doorgeven, waardoor die andere bacterie ook ESBL's kunnen maken. Maar hoe gebeurt de verspreiding van die bacteriën?

In totaal onderzochten wetenschappers van Wageningen Universiteit 22 verschillende bronnen en overal vonden ze ESBL’s. Ongeveer vijf procent van de mensen draagt ze bij zich. Deze mensen worden niet per definitie zelf ziek, maar kunnen wel andere mensen infecteren. De onderzoekers vonden de ESBL’s ook bij gezelschapsdieren, wilde watervogels, pluimvee, varkens, en rundvee. Genetische analyse van de enzymen bracht belangrijke informatie aan het licht. De ESBL’s van zieke mensen lijken meer op die van gezonde mensen, dan op die in vee en vlees worden aangetroffen.

Dat betekent dat mensen vooral besmet worden via andere mensen, en minder via dieren en vlees. Vlees bevat wel ESBL's, maar de kans op besmetting is klein zolang het vlees goed wordt verhit en er hygiënisch wordt gewerkt. Veehouders of slachthuismedewerkers hebben wel een grotere kans om ESBL’s bij zich te dragen.

De onderzoekers onderzochten ook andere pistes. Oppervlaktewater bijvoorbeeld bevat vaak ESBL’s. Dit komt vooral door lozing van gezuiverd afvalwater uit het riool of omdat mest van dieren erin terecht komt. Volgens de studie is de kans echter gering dat mensen hiermee in aanraking komen, bijvoorbeeld door zwemmen, omdat de concentraties erg laag zijn. Omwonenden van veehouderijen worden ook blootgesteld aan ESBL’s via de lucht, maar het blijkt dat zij een verhoogde kans hebben om de enzymen bij zich te dragen.

De productie van ESBL’s door bacteriën is het gevolg van een continue wapenwedloop tussen de bacteriën en de antibiotica die we gebruiken om ze te bestrijden. Verantwoord antibioticagebruik zowel bij mensen als dieren, is dan ook een belangrijke maatregel om de verspreiding van ESBL’s te beperken, zo concluderen de onderzoekers. 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via