nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

"Opvallende vondsten zijn de uitzondering"
05.06.2018  Met het FAVV door de haven van Antwerpen

Of het nu over fipronil, residuen van gewasbeschermingsmiddelen of salmonella gaat, voedselveiligheid beroert de publieke opinie. Sinds de dioxinecrisis waakt het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) over de veiligheid van wat u eet. Via uitgebreide controleprogramma’s en doortastende inspecties overal te lande, maar evengoed via strategische grenscontroleposten aan de toegangspoorten van de Europese Unie. VILT ging op bezoek bij de grenscontrolepost van het FAVV in de haven van Antwerpen en inspecteerde er samen met FAVV-controleurs zalm uit de VS en aardappelen uit Israël. 

Volgens cijfers van het federaal Agentschap voor Buitenlandse Handel voerde ons land in 2016 voor 10,5 miljard euro aan plantaardige producten en voor 6,7 miljard euro aan dierlijke producten in vanuit niet-EU-landen. Achter die bedragen gaan miljoenen consumentenverpakkingen schuil die aan strenge regels moeten voldoen om toegelaten te worden op de Europese markt. Maar wat als dat uitzonderlijk niet het geval is? Als ladingen nieuwe ziektekiemen in zich dragen? Als gecontamineerde partijen de Europese voedselveiligheid in het gedrang brengen?

Om de insleep van dierziekten te vermijden heeft de DG SANTE van de Europese Commissie in 2003 TRACES ingevoerd, een geïntegreerd computersysteem dat de uitwisseling van informatie inzake handelsverkeer tussen lidstaten stroomlijnt en de bewegingen volgt van levende dieren en bepaalde dierlijke bijproducten. TRACES wordt ook gebruikt voor de registratie van zendingen die uit derde landen in de EU ingevoerd worden. Bij invoer worden alle levende dieren en dierlijke producten (humane en niet-humane consumptie) geregistreerd, net zoals de niet-dierlijke producten onderhevig aan nood- of vrijwaringsmaatregelen. “Een zeer efficiënt systeem”, aldus Marc Beliën, hoofd van de Lokale Controle-Eenheid Antwerpen. “En cruciaal voor onze grenscontrolepost hier in Antwerpen.”

FAVV haven container_gevilt.jpg

“Beeld je in dat we hier in Antwerpen een verdacht lot ontdekken dat niet conform de Europese voedselveiligheidsregels blijkt, dan wordt de weigering via TRACES meteen naar alle Europese grenscontroleposten doorgestuurd en komen producten van dezelfde afzender er nergens meer in”, legt Beliën uit. “Het heeft dus geen zin om verder te varen naar Rotterdam of Hamburg om je product alsnog aan wal te krijgen. In totaal zijn er verspreid langs de belangrijkste handelsroutes die Europa met de rest van de wereld verbinden meer dan 300 grenscontroleposten.”

Binnen de zogenaamde Europese Economische Ruimte (EER), waartoe ook Noorwegen, IJsland en Liechtenstein behoren, geldt een vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal. Om de stroom van goederen die van buiten de EER in Europa worden ingevoerd te monitoren, is het FAVV op strategische plekken aanwezig om een oogje in het zeil te houden. In het vakjargon worden die uitvalsbasissen ‘grenscontroleposten’ of GCP’s genoemd. Ons land telt zes GCP’s, telkens gevestigd op strategische locaties voor de in- en uitvoer van handelsgoederen: drie in de havens van Antwerpen, Gent en Zeebrugge en vier in de luchthavens van Zaventem, Oostende, Luik en Charleroi, waar ze telkens nauw samenwerken met de douanediensten.

Co-housing in de haven
De activiteiten van de douane in de haven zijn voor sommige aspecten zo verweven met het werk van het FAVV dat beide instanties een gebouw delen op Linkeroever. Ook een afdeling van de politie heeft er zijn intrek genomen. Er is plaats voor veterinaire inspecties, inspecties van plantaardige producten en zelfs een zogenaamde ‘alfaport’ om containers te controleren op radioactiviteit.

Wat de invoer van land- en tuinbouwproducten uit derde landen betreft maakt de Europese regelgeving een onderscheid tussen plantaardige producten enerzijds en levende dieren en producten van dierlijke oorsprong anderzijds. Plantaardige producten kunnen aan meerdere controles onderworpen zijn die een afzonderlijk veiligheidsaspect belichten: de fytosanitaire of plantengezondheidscontroles zijn gericht op het vermijden van het binnenbrengen van nieuwe plantenziekten en -plagen; de controles op levensmiddelen en diervoeders van plantaardige oorsprong zijn gericht op het respecteren van de voedsel- en voederveiligheidsvoorschriften die binnen de EU gelden.

FAVV haven_gevilt.jpg

Plantaardige producten die onder de fytosanitaire controle vallen, moeten drieledig worden gecontroleerd. “Voor elke zending van dergelijke producten kijken we het fytosanitair certificaat van het land van oorsprong na”, aldus Beliën. “Daarna kijken we of de inhoud van de zending overeenkomt met de informatie op het bijbehorende fytosanitaire certificaat. Gaat het wel om dezelfde soort? En om dezelfde hoeveelheid en gewicht als wordt vermeld?”

Het derde luik is de fytosanitaire controle die gebeurt op grond van een visuele controle van de producten, inclusief een monsterneming en analyse indien nodig. Als er tekenen van besmetting zijn dan wordt de zending apart gehouden tot een laboanalyse uitsluitsel brengt. Het lot aardappelen uit Israël dat we aantreffen in een gekoelde loods lijkt alvast prima in orde. Uit verschillende kisten worden enkele aardappels genomen, doormidden gesneden en geïnspecteerd. De FAVV-verantwoordelijke vult het fytosanitair vervoersdocument verder aan, waardoor de lading officieel vrijgegeven wordt en probleemloos langs de douane kan passeren.

Voor sommige levensmiddelen en diervoeders van plantaardige oorsprong uit bepaalde landen werden op Europees niveau uitgebreide controles of zelfs noodmaatregelen opgelegd om de afwezigheid van contaminanten – denk aan residuen van gewasbeschermingsmiddelen, aflatoxines, niet-toegelaten kleurstoffen – te controleren. Ook deze producten moeten door het FAVV worden gecontroleerd. Na de controle door het FAVV wordt het gemeenschappelijk document van binnenkomst in TRACES afgewerkt en kan de zending bij de douane aangeboden worden om ze “in het vrije verkeer van inkomende goederen” te brengen.

Rondneuzen in containers
Voor producten van dierlijke oorsprong is de procedure gelijkaardig. Vrachtwagens halen hun container op in een terminal in de buurt van het schip en rijden ermee naar de GIP. Daar meldt de trucker zich eerst aan bij de douane, daarna passeert hij bij het FAVV-loket op enkele meters, aan de andere kant van de gang. Bij elke stap in het controleproces betekent een non-conformiteit onverbiddelijk de weigering van de zending. “Zijn de papieren niet in orde of kloppen de hoeveelheden niet, dan gaat er meteen een streep door het de hele zending”, aldus Beliën.

FAVV haven controle inspectie_gevilt.jpg

“We zijn intussen expert geworden in het ontmaskeren van namaakdocumenten”, gaat Beliën verder. “Vanuit sommige landen ontvangen we wel eens nagemaakte stempels of documenten met valse handtekeningen. Andere zendingen zien er op het eerste zicht prima uit, maar staan geseind in TRACES en moeten we op basis daarvan onderwerpen aan een verscherpte controle. Het Europese Rapid Alert System for Food and Feed (RASFF) zorgt ervoor dat alle lidstaten razendsnel geïnformeerd worden over eventuele inbreuken. Bij andere zendingen ontbreekt simpelweg informatie in het document. Het spreekt voor zich dat er dan een weigering volgt.”

“We moeten op alle details letten”, zegt Beliën net voor hij twee medewerkers met een korte knik de opdracht geeft het zegel van een containerslot open te breken voor een visuele controle van een lot zalm uit de Verenigde Staten. “Afhankelijk van het product en het land van oorsprong wordt 1% - 10%, 20%, 50% of 100% van de zendingen materieel gecontroleerd.” Dag mag je heel letterlijk nemen. De FAVV-dierenarts die verantwoordelijk is voor deze zending neemt enkele blikjes zalm mee naar het inspectielokaal en haalt een blikopener boven. Hij legt stukjes zalm op een bordje en ruikt er goedkeurend aan. “Soms proeven we ook, maar dat lijkt me hier niet nodig”, klinkt het. “Dit product ziet er helemaal conform uit.”

Niet elk product heeft hetzelfde risicoprofiel. De aard van het product speelt een rol, maar ook de afkomst. De regels omtrent de import zijn sterk geharmoniseerd op Europees niveau. Zo is er sprake van geharmoniseerde en niet-geharmoniseerde dieren en producten. Tot de eerste categorie behoren dieren en producten waarvoor de Europese Unie voorschriften vastlegt voor derde landen die naar de EU mogen uitvoeren. Belangrijk voor het FAVV is dat geharmoniseerde producten minder vaak gecontroleerd moeten worden. Levende dieren worden bij de invoer altijd aan een documentenovereenstemming en materiële controle onderworpen.

FAVV haven aardappel controle_gevilt.jpg

“Met landen als Canada en Nieuw Zeeland heeft de EU bijvoorbeeld een equivalentieakkoord afgesloten dat de controle-intensiteit nog verder verlaagt”, verduidelijkt Beliën. “Voor Canada is dat – afhankelijk van het product – 15%, voor Nieuw-Zeeland 1%. Niet-geharmoniseerde producten zijn bijvoorbeeld krokodillenvlees, een product dat in 100% van de gevallen ook materieel wordt gecontroleerd. In 2015 stuurden we in totaal voor 1.630 zendingen bestemd voor humane consumptie stalen naar het labo. Bij producten voor niet-humane consumptie was dat 219 keer. De dozen die het FAVV opent voor een invoercontrole worden na de materiële controle en een eventuele laboanalyse weer gesloten met FAVV-tape. Na afloop van de controle wordt de container opnieuw verzegeld. De kosten van die controles worden deels verhaald op de “belanghebbende” van de zending. Afhankelijk van het product hanteren we daarvoor verschillende tarieven. Voor de controle van vis en vlees is dat bijvoorbeeld 0,0060 euro per kilo.”

Een hond uit China
De trafiek in de haven van Antwerpen is de laatste 20 jaar sterk toegenomen. “In 1993 ontvingen we in de haven van Antwerpen ongeveer 6.000 zendingen met dierlijke producten voor humane consumptie, in 2005 waren dat er al 13.000”, aldus Beliën. “In 2015 ging het al om bijna 20.000 zendingen. Daarnaast controleren we ook doorgaande handel: goederen die van het ene schip op het andere worden overgeladen. In 2016 waren dat zo’n 21.000 zendingen. Daarnaast zijn er nog enkele uitzonderlijke gevallen zoals bijvoorbeeld het proviand voor Amerikaanse soldaten die gelegerd zijn in Duitsland. Een Amerikaanse soldaat heeft recht op Amerikaans voedsel, en vooraleer de Amerikaanse soldaten in Duitsland genieten van hun vertrouwde kost passeren de voedselpakketjes in Antwerpen.”

“We ontvangen hier producten van over de hele wereld”, wijst Beliën naar enkele witte containers verderop in het dok. Veruit het grootste deel van de verse voedingsmiddelen wordt vervoerd in zogenaamde reefer containers. Zo’n gekoelde container is altijd wit, zo blijkt. We denken er nog eens aan terug als we een uurtje later op de Antwerpse ring in de file staan en omsingeld zijn door vrachtwagens met containers in alle kleuren. “Denk aan garnalen uit Zuidoost-Azië, vis uit Afrika en vlees uit Zuid-Amerika. Uit Afrika mogen we geen vers vlees invoeren omdat het risico op de insleep van dierziekten te groot is.”

FAVV haven container controle_gevilt.jpg

Hoe vaak worden manifeste inbreuken vastgesteld, willen we graag nog weten. En om wat voor inbreuken gaat het dan? “Als ik er één specifiek probleem moet uithalen dat vaak voorkomt dan is het waarschijnlijk de schimmelgifstof aflatoxine die kan voorkomen in partijen noten, granen, rijst, enzovoort”, zegt Beliën. “Zo nu en dan doen we opvallendere vondsten, zoals een vacuüm verpakt karkas uit China dat verdacht veel op een hond leek. En Antwerpen is natuurlijk een belangrijke draaischijf in de internationale drugshandel, dus dat soort vondsten doen we ook wel ‘s. Maar nog eens, fraude komt gelukkig zeer zelden voor. Maar hier bij ons in Antwerpen ligt het aantal non-conformiteiten al bij al zeer laag, in de grootteorde van 1 à 2% van alle gecontroleerde zendingen.” 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via