nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

Natuurlijke plaagbestrijding via bloemenranden
24.09.2018  "Biodiversiteit en opbrengst kunnen perfect hand in hand gaan"

In de sierteelt en de fruitteelt is men er al langer mee vertrouwd: nuttige insecten inzetten als natuurlijke plaagbestrijding. Als het van het project ‘FABuleus Platteland’ afhangt, vindt deze techniek weldra ook ingang bij akkerbouwers. “Door weldoordacht bloemenranden rond een perceel aan te leggen, kunnen deze bloemen insecten aantrekken die niet alleen belangrijk zijn voor de bestuiving, maar die ook insecten die schadelijk zijn voor de teelt op een natuurlijke manier gaan bestrijden. Proefprojecten wijzen uit dat dit de opbrengst kan verhogen en dat er een kostenbesparing optreedt doordat er minder chemische bestrijdingsmiddelen moeten worden ingezet. Dubbele winst voor het milieu en de boer dus”, zegt Mathias D’Hooghe van agrobeheercentrum Eco².

De agromilieumaatregelen geraken stilaan ingeburgerd bij de Vlaamse land- en tuinbouwers. Vandaag hebben meer dan 3.000 landbouwers een beheerovereenkomst afgesloten met de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) om de natuur, het landschap of het milieu een duwtje in de rug te geven, voor in totaal 9.691 hectare landbouwgrond. “Vandaag ligt de focus van die agromilieumaatregelen op de positieve impact die landbouw kan hebben op het milieu. Op die manier ontstaat de perceptie dat er een conflict is tussen landbouwproductiviteit en milieu. Daarom kiezen landbouwers voor de maatregelen die het gemakkelijkst zijn toe te passen, maar die vaak het minste ecologische meerwaarde hebben”, legt professor Felix Wäckers uit.

De redenering moet volgens hem juist omgedraaid worden: de agromilieumaatregelen kunnen ook een positieve impact hebben op de opbrengst van gewassen. “Ze leveren een ecosysteemdienst door de natuurlijke plaagbestrijding een duwtje in de rug te geven en de bestuiving in de hand te werken. Door natuurlijke plaagbestrijding in te zetten kan er wereldwijd jaarlijks 320 miljard euro bespaard worden. De waarde van natuurlijke bestuiving bedraagt 90 miljard euro. De bottleneck om deze natuurlijke processen meer ingang te laten vinden, is het gebrek aan nectar en stuifmeel in de hedendaagse landbouwomgeving. “Akkers en serres worden vandaag te clean gehouden waardoor nuttige insecten onvoldoende nectar en stuifmeel vinden om energie te tanken”, meent Felix Wäckers. “Een experiment wijst uit dat één bloem plaatsen in een gesloten serre voldoende is om sluipwespen te laten overleven die tot 300 schadelijke rupsen kunnen doden.”

Veel meer bloeiende kruiden en bloemen rond akkers inzaaien kan dus een positieve impact hebben op de natuurlijke plaagbestrijding en bestuiving. In dat kader heeft de professor bestudeerd in welke mate commerciële mengsels die gebruikt worden voor het inzaaien van bloemenranden een bijdrage leveren aan het overleven van deze nuttige insecten. “Op drie zaken moet daarbij gelet worden: Welke bloemen zijn attractief voor de bestuivers en nuttige insecten? Is het stuifmeel van die bloemen bereikbaar voor deze diertjes? Welke bloemen helpen plagen voeden zodat die kunnen vermeden worden in de mengsels? Zo hebben we bloemenmengels teruggevonden waarbij slechts twee van de 11 aanwezige bloemen een bijdrage leveren aan het overleven van nuttige insecten”, klinkt het.

bloemenrand_geVILT.jpg

Door een uitgekiende samenstelling van een bloemenmengsel kan een positieve spiraal worden gecreëerd: wanneer meer nuttige insecten kunnen overleven in het veld, zijn er minder plagen en moet de landbouwer minder teruggrijpen naar chemische bestrijdingsmiddelen, wat er op zijn beurt voor zorgt dat de overlevingskans van de natuurlijke plaagbestrijders vergroot. Een studie in het Verenigd Koninkrijk heeft niet alleen aangetoond dat bloemenranden rond akkers zorgen voor een verlaagde inzet van gewasbeschermingsmiddelen, het toonde ook een opbrengststijging aan van de gewassen. Voor tarwe kon er een stijging van 12 procent worden gerealiseerd, voor erwten ging het om een toename van 26 procent en voor wortelen om 32 procent. “Deze bevindingen maken duidelijk dat er geen conflict hoeft te zijn tussen biodiversiteit en opbrengst, maar dat zij perfect hand in hand kunnen gaan”, aldus professor Wäckers.

Met het project ‘FABuleus Platteland’ willen de initiatiefnemers deze functionele agrobiodiversiteit nu in de praktijk gaan testen. Het project zal lopen tot maart 2020 en wordt gefinancierd door het Departement Omgeving van de Vlaamse overheid. Op de terreinen rond de Proeftuin in Pamel, die vandaag uitgebaat worden door het biologisch tuinbouwbedrijf Ecodal/Kestemont cvba, zullen bloemenranden worden aangelegd om te bekijken op welke manier ze functioneren, welke impact ze hebben op de natuurlijke plaagbestrijders en op de biodiversiteit, wat er gebeurt met de opslag van bloemenzaad in de akkers, hoe lang zo’n bloemenrand zichzelf kan in stand houden, enz. “Nadien is het belangrijk dat alle verzamelde informatie ook tot bij de landbouwers geraakt zodat zij ermee aan de slag kunnen. Vandaag zien we dat het inzetten van nuttige insecten al wordt toegepast in de fruitteelt en de sierteelt en ook in de glastuinbouw kent het ingang, maar voor akkerbouwers kan het eveneens een interessante techniek zijn waarbij zowel de boer als het milieu wint”, vertelt Mathias D’Hooghe van Eco², dat het project coördineert. Ook Hogeschool Gent, Boerenbond en Biobest participeren in het project.

Meer informatie: Agrobeheercentrum Eco²

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via