nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

26.11.2018 Nederlands ammoniakemissiebeleid passeert Europees Hof

Eerder deze maand deed het Europees Hof van Justitie uitspraak over de Programma Aanpak Stikstof (PAS) die Nederland hanteert. Je kan het Nederlandse beleid inzake stikstofemissies naar de lucht door menselijke activiteiten vergelijken met de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) die we in Vlaanderen kennen, en toch ook weer niet. Van de Nederlandse aanpak zegt het Hof dat die juridisch standhoudt in het licht van de eisen van de Europese Habitatrichtlijn. Nederlands landbouwminister Carola Schouten heeft het parlement daarover geïnformeerd.

De Europese natuurrichtlijnen (Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn) schrijven de lidstaten voor dat ze gebieden moeten afbakenen voor het behoud of herstel van voor de natuur waardevolle habitattypes, dier- en vogelsoorten. In Vlaanderen zijn 62 speciale beschermingszones aangeduid die samen het 166.000 hectare grote Natura 2000-netwerk vormen. Daar gaan natuurbeschermers proberen om de Europese doelstellingen te realiseren. Hun werk kan je niet los zien van de menselijke activiteiten (verkeer, industrie, landbouw, ...) in de wijde omgeving van die waardevolle natuurgebieden. Door onder meer ruimtebeslag, een daling van de grondwatertafel maar nog het meest door luchtemissies van stikstofverbindingen (o.a. ammoniak) is het extra lastig om in die gebieden de gewenste natuur te realiseren.

Dit had kunnen betekenen dat het moeilijk om niet te zeggen onmogelijk werd om vergunningen te verlenen aan bedrijven die stikstof uitstoten in de buurt van deze speciale beschermingszones. Om zowel de natuurdoelen te kunnen realiseren als de betrokken bedrijven een toekomst te geven (of toch de meesten want sommige bedrijven zullen uitdoven op de huidige locatie, nvdr.), werd in Vlaanderen de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) in het leven geroepen. Ook Nederland heeft zo’n ‘PAS’. Die zit weliswaar anders in elkaar en gaat uit van het concept ontwikkelruimte. Net zoals bij ons is het beleid inzake stikstofemissies onderhevig aan maatschappelijke en politieke discussie. Juridisch wordt er door onze Noorderburen met een vergrootglas naar gekeken omdat de Raad van State zich diende te buigen over de wettelijkheid ervan.

Het Nederlandse rechtscollege schoof in 2017 de hete patat door naar het Europees Hof van Justitie in de vorm van een aantal vragen om uitleg. De Raad van State en de rechtbanken in Nederland hebben op dit moment meer dan 200 zaken in behandeling die te maken hebben met de Europese natuurdoelstellingen en hun impact op de ontwikkelingsruimte voor bedrijven. Zij hadden de behandeling hiervan opgeschort in afwachting van het antwoord door het Europees Hof van Justitie op de prejudiciële vragen. Uit het arrest valt op te maken dat het Hof een programmatische aanpak mogelijk acht, weliswaar onder strikte randvoorwaarden zoals een wetenschappelijke basis en een passende beoordeling van ieder project dat mogelijk een impact heeft op een waardevol natuurgebied.

De wetenschappelijke onderbouwing van dit beleid moet voldoende zekerheid bieden dat de natuurwaarden in Natura 2000-gebieden geen schade ondervinden van de vergunde activiteiten. De lat daarvoor ligt hoog, zo blijkt uit de uitspraak van het Hof, zeker waar de natuur zich niet in een gunstige staat van instandhouding bevindt door overbelasting met stikstof. Op veel plaatsen in Nederland en in Vlaanderen is dat het geval. In 2015 bedroeg de gemiddelde totale vermestende depositie hier 23,6 kilo stikstof per hectare per jaar. Voor een boer is dat stikstof die letterlijk uit de lucht komt vallen en hij niet in de vorm van meststoffen moet toedienen op zijn akkers of weiden. Voor natuurbeschermers is die ‘gratis gift’ geen geschenk want stikstof doet gras en ook planten zoals brandnetels sneller groeien. En laat dat nu net niet de soort natuur zijn die Europa gerealiseerd wil zien in Vlaanderen.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via