nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

07.03.2019 Niet alle dode schapen zijn toe te schrijven aan wolven

Tijdens de krokusvakantie zijn in het genetisch laboratorium van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) de uitstrijkjes onderzocht van zes dit jaar gemelde gevallen van één of meerdere doodgebeten schapen. Vier van de zes incidenten situeren zich in het leefgebied van Naya en August, één ver daarbuiten, namelijk in Welle (Oost-Vlaanderen). Daar was de dader een hond. Dat bleek ook zo te zijn voor de drie schapen die dood gebeten werden in een weide in het Kempense dorp Weelde, dichtbij de grens met Nederland.

Voor de aanvallen op schapen die in de Kempen gemeld werden, ging het in vier van de vijf gevallen om een wolf. Naya en August maakten twee keer slachtoffers in Lommel en eenmaal in Oudsbergen en in Peer. De laboranten van INBO vonden haplotype 1 en 2 op dezelfde plaatsen terug, wat doet vermoeden dat Naya en August samen jagen. De wolvin heeft namelijk haplotype 1, dat is een genetische variant van een diagnostisch gen. August heeft haplotype 2. Alle onderzoeken werden gevoerd in het kader van schadedossiers. De getroffen schapenhouders vragen een tegemoetkoming in hun schade.

Nina Holvoet van de Hogeschool Gent heeft onder begeleiding van INBO haar bachelorproef gewijd aan een studie van de al genomen preventiemaatregelen tegen de wolf in het leefgebied van Naya en August. Zij onderzocht 83 weides, waarvan 64 met schapen. Driekwart van de kuddes waren kleiner dan 10 schapen. In de meeste gevallen ging het dus niet om professionele schapenhouders. Slechts 3 van de 83 weides boden volgens de criteria in het wolvenplan voldoende bescherming tegen wolven. Holvoet wijst erop dat elke niet-beschermde weide het risico vergroot dat wolven zich specialiseren in vee, eerder dan in wild.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: INBO

Volg VILT ook via