nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

08.08.2018 “Nieuwe regelgeving op maat van CRISPR nodig”

De beslissing van het Europees Hof van Justitie eind juli dat nieuwe genbewerkingstechnieken zoals CRISPR/Cas9 moeten worden gezien als genetische modificatie (en daardoor vallen onder dezelfde strenge ggo-wetgeving) heeft voor een ware schok gezorgd in wetenschappelijke middens. “De landbouw van de toekomst heeft CRISPR nodig”, stellen twaalf academici van de KU Leuven in een opiniestuk in De Standaard.

“Tegen 2050 zullen er 9 miljard mensen op aarde zijn”, stellen de academici. “Op termijn zal de opbrengst van onze gewassen moeten verdubbelen, zonder uitbreiding van het landbouwareaal. Een te grote impact op biodiversiteit en ecosysteem kunnen we ons niet veroorloven. Daarom is de snelle ontwikkeling van nieuwe, efficiëntere gewassen cruciaal. Met CRISPR kunnen planten resistent worden gemaakt tegen ziekten en plagen, zijn er geen of minder pesticiden meer nodig en kunnen we mislukte oogsten beperken door planten te wapenen tegen hitte en droogte.”

De nadruk ligt hierbij op snelle ontwikkeling, waardoor klassieke veredeling geen optie is. “Om een nieuwe graanvariëteit te ontwikkelen, hebben we twaalf jaar nodig, en daarna duurt het nog eens drie jaar om die op de markt te zetten”, geeft professor Wannes Keulemans, een van de twaalf academici, als voorbeeld. “Dat is vijftien jaar, en die tijd hebben we gewoonweg niet. De situatie is nu zo dat we snel meer moeten gaan produceren en dat op een duurzame manier. Welk landbouwmodel daarvoor moet gebruikt worden, daar spreken we ons niet over uit. Maar voor ons staat het vast dat het zonder CRISPR niet zal gaan.”

De uitspraak van het Europees Hof komt volgens de academici echter neer op een totaalverbod voor CRISPR. “De voorzorgsmaatregelen en erkenningsdossiers zijn zo duur dat alleen grote multinationals de kosten kunnen dragen”, luidt het, doelend op de strenge regelgeving.

Voor de wetenschappers is de beslissing van het Europees Hof “onbegrijpelijk, inconsequent en, bekeken vanuit de voedselproblematiek, maatschappelijk onaanvaardbaar”. Er bestaan volgens hen namelijk fundamentele verschillen tussen ggo-toepassingen en CRISPR. CRISPR is “veiliger en doeltreffender dan technieken die willekeurig genetische veranderingen introduceren”, betogen de wetenschappers. “Ook met bestralingen kun je immers kunstmatig mutaties opwekken in het DNA van planten. Paradoxaal genoeg is deze veel gebruikte techniek vrijgesteld van de huidige ggo-reglementering.”

“CRISPR werkt als een 'moleculaire schaar' die knipt op één welbepaalde plaats in het genoom van de plant”, klinkt het verder. “Daar veroorzaakt ze een gewenste genetische verandering. Zulke mutaties komen ook spontaan voor in de natuur, maar willekeurig en minder frequent. (…) Met CRISPR willen we doelgericht interessante mutaties veroorzaken, zonder stukjes vreemd DNA toe te voegen. Aan ggo's worden meestal wel stukjes vreemd DNA toegevoegd, fragmenten afkomstig van andere planten, dieren of micro-organismen. Bij CRISPR zijn aanpassingen soorteigen.”

Dat CRISPR niet 100 procent foutenvrij is, en er soms toch mutaties op onbedoelde plaatsen kunnen voorkomen, zij het aan een bijzonder lage frequentie, is volgens de academici geen probleem. “Moderne genoomanalysetechnieken kunnen onbedoelde fouten opsporen om enkel CRISPR-planten met gewenste mutaties te weerhouden”, stellen ze. “Gewassen met zeldzame ongewenste mutaties zullen niet in de voedselketen terechtkomen. Zo is CRISPR inherent veilig voor de veredeling van planten.”

Daarom dringen ze aan op een nieuwe Europese regelgeving op maat van CRISPR: “Het is essentieel dat er snel werk wordt gemaakt van correcte en transparante regels met zorgvuldig ingebouwde controlemechanismes. De wetenschap moet nieuwe toepassingen met CRISPR kunnen ontwikkelen, op een verantwoorde en duurzame manier, met het oog op de voedselzekerheid van 9 miljard mensen”.

Bron: De Standaard / eigen verslaggeving

Volg VILT ook via