nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

Wie controleert landbouwbedrijven en waarom?


  • Een landbouwer kijkt niet raar op van een controleur op zijn erf want hij weet dat diverse overheidsinstanties allerhande regelgeving handhaven. Afnemers hebben op hun beurt eisen die mee worden opgenomen in lastenboeken. Hier wonen we een controle bij voor Vegaplan, de kwaliteitsstandaard voor plantaardige productie.
  • De medewerker van de onafhankelijke certificeringsinstelling inspecteert hier in opdracht van Vegaplan een akkerbouwbedrijf. Teeltfiche ziet er ok uit want ze is voorzien van alle nodige info en het zaaizaadetiket.
  • Een akkerbouwer zit niet enkel aan het stuur van zijn tractor, maar ook best veel uren achter zijn bureau. Voor dit kleine bedrijf dikt het papierwerk toch serieus aan. De inspecteur grasduint in de administratie en neemt foto's van de in- en uitgaande facturen, checkt of de landbouwer beschikt over een spuitlicentie, of hij zijn mestboekhouding bijhoudt, enz. Ook stelt hij een aantal vragen om te achterhalen of de bedrijfsvoering stoelt op duurzame landbouwpraktijken. Komen bijvoorbeeld aan bod: erosiebestrijding op hellende percelen en een geïntegreerde, niet louter chemische gewasbescherming.
  • Op dit kleinschalig akkerbouwbedrijf is een fytokast groot genoeg om alle gewasbeschermingsmiddelen te stockeren. Grotere bedrijven richten meestal een fytolokaal in. Aan gevaarsymbolen geen gebrek op deze kast! En de sproeistoffen staan achter slot en grendel, zo hoort het.
  • De inspecteur noteert alle aanwezige gewasbeschermingsmiddelen zodat hij later hun erkenning kan verifiëren. De markttoelating van een product is niet onbeperkt in de tijd, maar onderhevig aan (her)evaluatie. Als landbouwer moet je dus bij de pinken zijn en regelmatig www.fytoweb.be raadplegen. De fytokast mag geen producten bevatten die niet terug te vinden zijn op deze website.
  • Blik op de inhoud van de sproeistoffenkast. Ai, hier laat de landbouwer punten liggen. Kan iemand al raden waarom? Het antwoord geven we met de laatste foto die het inspectieverslag toont.
  • Van de sproeistoffenkast gaat het naar het spuittoestel. De groene sticker springt meteen in het oog en bewijst dat deze landbouwer driejaarlijks naar de (wettelijk verplichte) keuring gaat met de machine. De overheid wil er zeker van zijn dat spuittoestellen goed functioneren. Je kan het vergelijken met de voor iedereen verplichte autokeuring.
  • De inspecteur verifieert ook de spuitdoppen. Het lange, groene uitsteeksel is een nieuw gemonteerde driftreducerende spuitdop. Verplicht sinds 1 januari 2017! Hiermee voorkomt een landbouwer dat de spuitnevel naast het perceel terechtkomt bij een zuchtje wind.
  • Wat zit hierin? Geen gewasbeschermingsmiddel maar wel een meststof, meer bepaald stikstof in vloeibare vorm. Dit wordt toegediend met het spuittoestel op de vorige foto. Denk dus niet dat een landbouwer altijd "pesticiden sproeit" wanneer hij uitrukt met zijn spuittoestel. Meer en meer boeren gebruiken vloeibare meststoffen in plaats van kunstmestkorrels.
  • Naast kunstmest krijgen de gewassen ook dierlijke mest toegediend. Ook dat wordt nauwkeurig bijgehouden door landbouwer, loonwerker en overheid. Te veel mest op het veld is immers nefast voor de waterkwaliteit. Een akkerbouwer heeft geen dieren, dus geen eigen mestproductie en laat de loonwerker dierlijke mest aanvoeren van collega-veehouders uit de buurt.
  • De controle eindigt met het auditverslag van de inspecteur. Wat is het verdict? Spannend, lijkt wel een schoolrapport... Driemaal 100% zegt het verslag, en éénmaal 96%. Het advies van de inspecteur voor certificering is positief. De landbouwer grijpt naast de maximumscore door de houtvezelplanken in zijn fytokast. De kast had van boven tot onder van niet-absorberend materiaal moeten zijn. Niettemin, een pluim voor deze landbouwer. Zo'n goed rapport scoren, lukte de VILT-redactie niet op school ;-)
  • Volg VILT ook via