nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

20.09.2018 Noordwest-Europa zal 18 pct minder aardappelen oogsten

De oogst van consumptieaardappelen in de belangrijkste productieregio van Europa zal dit jaar 18 procent lager uitvallen dan die van vorig jaar en acht procent lager dan het vijfjarig gemiddelde. Dat blijkt uit opbrengstramingen van de North-western European Potato Growers (NEPG). De droogte van afgelopen zorgt niet alleen voor een lagere opbrengst, maar ook de kwaliteit is ondermaats omdat er in heel wat percelen doorwas is vastgesteld. Voor de telers betekent dit kopzorgen over de vraag of zij hun contracten wel kunnen invullen, maar ook over de bewaring van de aardappelen.

De uitzonderlijke weersomstandigheden in heel Noordwest-Europa resulteren in een geschatte gemiddelde opbrengst van ongeveer 40 ton per hectare in België, Nederland, Frankrijk en Duitsland. Omdat de hoofdoogst in Groot-Brittannië nog nauwelijks is begonnen, is het daar nog steeds moeilijk om tot een betrouwbare schatting te komen, maar ook hier worden lagere opbrengsten verwacht. NEPG schat de totale bruto consumptieoogst tussen de 23,5 en 24 miljoen ton. Dat is 18 procent minder dan vorig jaar, maar nog steeds meer dan de kleine oogst van 2012 die 22,5 miljoen ton bedroeg. “Maar het areaal was toen 90.000 hectare kleiner en de vraag naar aardappelen was op dat moment 15 procent lager”, klinkt het.

Er rijzen ook grote vragen bij de kwaliteit van de aardappelen. Niet alleen zijn de knollen veel kleiner, alle landen melden ook doorwas. Dat zorgt er voor dat het gemiddelde drogestofgehalte van de aardappelen sterk afneemt. Omdat de meeste aardappelen nog in de grond zitten, is het nog te vroeg om een goede inschatting te maken over de invloed van doorwas op de netto-opbrengst. Ook de invloed van die doorwas op de bewaring van de aardappelen is wellicht nefast en baart de aardappeltelers kopzorgen. Daarnaast zal het tarrapercentage over het algemeen hoger uitvallen dan vorig seizoen.

Sommige aardappelverwerkers hebben hun leveringsnormen al verlaagd en er wordt gemeld dat al tafelaardappelen of zetmeelaardappelen in de verwerkingslijnen terecht zijn gekomen. Ook worden sommige lijnen gedurende enkele uren of dagen niet gevoed door een gebrek aan aardappelen omdat de huidige droge omstandigheden het oogsten vertragen in veel van de NEPG-landen. Telers hopen op regen, maar een te grote hoeveelheid en een regenachtige herfst zou de oogst dan weer kunnen belemmeren.

NEPG signaleert ook dat de prijzen van de aardappelen op de vrije markt vandaag wel heel hoog zijn door dit lage aanbod, maar tegelijk zullen lang niet alle telers kunnen profiteren van deze hoge prijzen omdat er voor het merendeel van de aardappelen contracten zijn afgesloten. “De combinatie van een lagere opbrengst en een hogere tarra zal duidelijk van invloed zijn op de hoeveelheid nog vrij te verkopen aardappelen”, waarschuwt NEPG. Dat maakt dat heel wat telers te weinig aardappelen zullen rooien om aan hun contracten te kunnen voldoen.

Dat zorgt voor onrust bij telers in de NEPG-landen omdat onduidelijk is op welke manier afnemers met deze situatie zullen omgaan. Telersorganisaties in deze vijf landen hebben bij hun regering aangedrongen om een situatie van overmacht in te roepen omdat zij niet verantwoordelijk kunnen gesteld worden voor deze lage opbrengsten. In het Nederlandse vakblad Boerderij laat een Waalse akkerbouwer optekenen: “Ik heb met een aardappelverwerker een contract afgesloten van 35 ton per hectare. Gemiddeld ga ik dat niet halen. Strikt genomen zou ik aardappelen moeten bijkopen (op de vrije markt, nvdr.) of bijbetalen om aan mijn verplichtingen te voldoen. Het bestaat niet dat ik ga betalen voor aardappelen die ik niet kan leveren.”

Bron: Nieuwsbrief PCA

Volg VILT ook via