nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

24.05.2016 Onrust over poldergraslanden is weggeëbd op het terrein

Het laatste nieuws in het dossier van de poldergraslanden is dat de relatieve rust op het terrein is teruggekeerd. Dat is althans de indruk van Vlaamse parlementsleden die zich het dossier aantrekken. Groen-parlementslid Bart Caron oppert dat er toch een vorm van acceptatie van het compromis is van beide kanten, landbouwers en natuurbeschermers. Het feit dat die rust er is, onderstreept volgens Bart Dochy (CD&V) de verantwoordelijkheidszin van landbouwers. Zorgen maakt Caron, en ook diens collega Wilfried Vandaele (N-VA), zich over de waardevolle graslanden die in handen zijn van particulieren. Minister Schauvliege bekijkt de mogelijkheid om hen extra te informeren.

Na 20 jaar van politieke (hoog)spanning forceerde Vlaams minister Joke Schauvliege in het dossier van de poldergraslanden een doorbraak. Haar compromis bestaat eruit dat 5.000 hectare poldergraslanden bescherming genieten via de natuurwetgeving en 3.000 hectare via de landbouwwetgeving. Op de beschermde graslanden van het tweede type zijn de verplichtingen (niet omvormen tot akker, nvdr.) maar ook de mogelijkheden (nieuwe graszode aanleggen, nvdr.) voor ecologisch kwetsbaar blijvend grasland uit het Europees landbouwbeleid van toepassing.

Tevreden met de rechtszekerheid die geboden werd, hebben de landbouworganisaties de beperkingen aan de graslanduitbating aanvaard. De natuurbeweging is minder te spreken over het compromis en stelde de Vlaamse regering zelfs in gebreke. Hoewel de angel nog niet helemaal uit het dossier is getrokken, zou de rust op het terrein wel zijn teruggekeerd. Bart Caron (Groen) is de eerste om dat te signaleren in een vraag over het dossier aan minister Schauvliege. Net vanwege de rust die er nu heerst, betreurt CD&V-parlementslid Bart Dochy dat de natuurverenigingen “een provocerende procedure” hebben aangespannen tegen de Vlaamse regering alvorens de beschermingsregeling zijn nut heeft kunnen bewijzen.

De bezorgdheid die nu bij de politici leeft, heeft vooral te maken met het handhavingsbeleid voor graslanden die niet in handen zijn van landbouwers maar van particulieren. De bescherming via de zorgplicht, opgelegd in artikel 14 van het Natuurdecreet, moet daarvoor garant staan. Caron vreest een zwakke handhaving omdat er sedert eind 2014 maar één proces-verbaal is opgesteld op basis van dat artikel. Minister Schauvliege nuanceert dat het risico dat een particulier een poldergrasland ploegt klein is omdat een houder van schapen, paarden of pony’s geen akker maar weide wil.

Volksvertegenwoordiger Wilfried Vandaele (N-VA) vindt het belangrijk dat deze particulieren voldoende geïnformeerd zijn in de wetenschap dat ze ook onder de zorgplicht van het Natuurdecreet vallen. Individueel zijn ze niet op de hoogte gebracht, de kaarten van poldergraslanden zijn wel bekendgemaakt en openbaar te raadplegen. Lokale besturen zijn ook geïnformeerd. Minister Schauvliege gaat na of ze iets extra kan doen om particuliere poldergraslandeigenaars te attenderen op de bescherming.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Regionaal Landschap IJzer&Polder

Volg VILT ook via