nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

12.11.2018 Ook Natuurpunt heeft last van te veel evers

Het everzwijn is dezer dagen de kop van Jut. Niet alleen voor landbouwers die vrezen dat de dieren hun varkens zullen besmetten met de Afrikaanse varkenspest, maar ook voor bewoners die hun kostbare gazon omgewoeld zien worden door de wilde dieren. Zelfs voor Natuurpunt, de organisatie die nochtans pleit voor natuur en dier, gaan de everzwijnen niet volledig vrijuit. “Als je een weiland jarenlang beheert om orchideeën te krijgen en vervolgens komt zo'n bende everzwijnen het weiland omploegen, is dat uiteraard niet fijn”, zegt Jan Kenens, gids bij Natuurpunt, in De Standaard.

Na landbouwers en burgers met een mooi gazon, wordt ook natuurorganisatie Natuurpunt niet (altijd) vrolijk van de everzwijnpopulatie in ons land. Jarenlang beheerde gebieden kunnen in enkele dagen veranderen in omgewoelde vlakten. Jan Kenens werkt al achttien jaar als gids voor Natuurpunt in de Vallei van de Zwarte Beek in Beringen, het grootste natuurgebied van de organisatie en ziet het met lede ogen aan. “Everzwijnen zoeken hier naar eten in de strooisellaag. Daar is genoeg vocht en zuurstof, zodat er kleine insecten, zwammen en schimmels in kunnen gedijen. Met hun stevige snuit woelen ze die grassen om.”

De gids erkent de problemen die de everzwijnen veroorzaken, maar gaat liever niet in discussie met eigenaren van omgewoelde voortuinen. “Mensen trekken almaar verder de natuur in, want ze wonen daar graag. Maar dan is hun tuin natuurlijk het eerste waarmee dieren in contact komen als ze uit het bos komen. Vroeger leerden mensen te leven met de natuur. Nu zou de natuur zich moeten aanpassen aan de mens.” Natuurpunt ijvert voor een everzwijncoördinator die het probleem onderzoekt, acties op het terrein coördineert en daarvoor ook over de landsgrenzen kijkt.

De dieren afschieten om de Afrikaanse varkenspest in te dijken, heeft volgens Natuurpunt geen zin. “Je kan everzwijnen niet volledig uitroeien”, klinkt het. “Dat zou bovendien heel slecht zijn, want het everzwijn heeft een plaats in de keten. Om de problematiek aan te pakken moeten de dieren eerst en vooral grotere gebieden krijgen.” Daarna kunnen preventieve maatregelen, zoals de schrikdraad, ook een oplossing bieden. “Pas in laatste instantie wil Natuurpunt de populatie indijken door erop te jagen of ze te vangen en ze ergens anders neer te zetten”, reageert Jan Kenens. De gids geeft wel toe dat het daarna slechts een kwestie van tijd is vooraleer de everzwijnen hun weg terugvinden naar onze contreien.

Bron: De Standaard

Volg VILT ook via