nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

26.06.2017 Overkappen hoort bij professionaliseren van kersenteelt

De fruitsector rijgt sinds de Rusland-boycot de tegenslagen aan elkaar. “We zijn in de situatie beland dat fruittelers belangrijke investeringen moeten doen, maar er alleszins de ruimte niet meer is om foute keuzes te maken”, zegt Dany Bylemans van het Proefcentrum Fruitteelt. Dat geldt ook voor telers die zich specialiseren in intensieve kersenteelt. Een overkapping is voor hen sowieso een goede keuze, maar de grote vraag is met welk commercieel systeem? Zowel qua kostprijs als techniek zijn de verschillen groot. Dankzij de financiële steun van de provincie Limburg kan pcfruit zes verschillende kersenoverkappingen op hun deugdelijkheid testen. Het onderzoek reikt nog veel verder en gaat bijvoorbeeld ook na of je schade door de Aziatische fruitvlieg kan voorkomen door de zijkanten van de overkapping dicht te maken.

De provincie Limburg maakt 169.000 euro vrij voor onderzoek naar kersenoverkappingen op het Proefcentrum Fruitteelt en voor de aanplanting van een perceel biologische appels en peren. Van het nut van een overkapping voor kersen die onder invloed van regen kunnen barsten, hoeven telers niet meer overtuigd te worden. De grote investering van hou je vast, 60.000 tot 70.000 euro per hectare, schrikt een aantal onder hen weliswaar af. Vooral voor kersenboomgaarden ‘oude stijl’ met lage plantdichtheden en relatief hoge kersenbomen is dat een moeilijk overbrugbare hindernis. Voor moderne aanplantingen met veel laagstam kersenbomen per hectare kan een teler er bijna niet buiten. Deze plantages hebben namelijk een hogere aanplantingskost en in verhouding lagere plukkost zodat oogstzekerheid een belangrijke factor wordt. Een mislukte oogst kost te veel geld.

Buitenlandse kersentelers hoef je daar niet van te overtuigen. Zij hebben de laatste jaren sterk geïnvesteerd in overkappingen. Limburgs gedeputeerde van Landbouw Inge Moors verwijst naar Nederland, waar 80 à 90 procent van het kersenareaal onder een overkapping staat. In eigen land is dat amper 5 à 10 procent zodat er een voor de concurrentiekracht nadelige achterstand is die beter snel ingelopen wordt. Overkappingen zouden namelijk ook een deel van de oogst gered hebben die nu verloren is gegaan door late lentenachtvorst. Nachtvorst in de bloesemtijd is een jaarlijks weerkerend risico dat Vlaamse kersentelers slapeloze nachten bezorgd terwijl hun grote concurrenten uit Italië, Spanje en Turkije daar niet of minder van wakker hoeven te liggen.

Als het van de provincie Limburg afhangt, dan wordt de achterstand in teeltbescherming snel ingehaald, maar op een verstandige manier. Het door de provincie gesubsidieerde onderzoek op pcfruit naar verschillende overkappingssystemen moet telers toelaten om een hen passende keuze te maken. Tijdens de jaarlijkse opendeurdag zoete kersen konden ze zich met eigen ogen vergewissen van zes erg verschillende systemen die op de markt zijn. Pcfruit demonstreert de overkappingen op een oppervlakte van ongeveer 90 are. De meeste bezoekers aan de opendeurdag zijn doorwinterde kersentelers, maar de teelt wekt ook de interesse van hardfruittelers die hun areaal willen diversifiëren. “Kersenteelt is in opmars als alternatieve teelt”, weet directeur van pcfruit Dany Bylemans, “want commercieel is er veel interesse in het product.”

Kersenteelt vond een nieuw élan dankzij andere variëteiten en onderstammen en lagere plukkosten door het gebruik van laagstam kersenbomen die ladders voor de plukkers overbodig maken. Ondertussen groeien er op een kleine 1.000 hectare in ons land zoete kersen. Een aantal technische evoluties scheppen extra commerciële mogelijkheden. We hebben het dan over sorteerinstallaties en hydrokoeling van de kersen onmiddellijk na de pluk. Door de kersen onder te dompelen in een bad met ijskoud water bewaren ze beter en presenteren ze mooier in de winkel. Optische sorteerinstallaties laten op hun beurt toe om afnemers een homogener en aantrekkelijker product aan te bieden waarvoor de consument meer wil betalen. BelOrta, de grootste veiling van het land, nam nog maar net een gesofisticeerde installatie in gebruik die per schip werd ingevoerd vanuit Australië.

Commercieel beweegt er dus wat rond kersen en daarom is het een uitdaging om geïnteresseerde afnemers niet op hun honger te laten zitten en jaar na jaar een kwaliteitsvol product aan te bieden. Overvloedige regen kan spelbreker zijn indien een plantage niet beschermd is, maar er loeren nog meer kapers op de kust. De Aziatische fruitvlieg en het little cherry virus zetten een rem op de ontwikkeling van kersen als derde teelt op fruitbedrijven. Op het Proefcentrum Fruitteelt lopen onderzoeksprojecten om beide problemen op termijn te tackelen.

Mogelijk bieden kersenoverkappingen behalve tegen gebarsten kersen door de regen ook een uitkomst tegen de exotische fruitvlieg die sedert 2014 grote schade veroorzaakt in onze contreien, voornamelijk aan zachtfruit. Kersen die aangeprikt zijn door de fruitvlieg voor eileg zijn onverkoopbaar. “Zodra de kersenoverkapping er staat, kan je met een relatief kleine extra investering ook de zijkanten dichtmaken”, zegt Bylemans. Zo hou je vogels buiten die aan de haal kunnen gaan met een quasi volledig oogst, en mogelijk bewijst het ook zijn nut als afweer tegen de Aziatische fruitvlieg. Op voorwaarde dat de mazen van het net klein genoeg zijn, want één fabrikant vergiste zich daarin en dat bewijst meteen het belang van praktijkonderzoek.

In een regenachtig jaar als 2016 kan 60 tot 70 procent van de kersen onverkoopbaar zijn. Wanneer overkappingen het verlies door rotte en gebarsten kersen kunnen reduceren tot 20 à 30 procent, dan stijgt de omzet met 20.000 euro per hectare. Weliswaar zal de winst niet ieder jaar zo groot zijn. Een kersenteler ambieert 15 à 20 ton kersen per hectare en hoopt voor het gros van zijn oogst een mooie prijs van 4 à 5 euro per kilo te krijgen. Dat lukt niet met verregende kersen. En het lukt ook niet wanneer een beloftevol seizoen in de kiem gesmoord wordt door late lentenachtvorst. Een kersenoverkapping kan soelaas bieden door de warmte s’ nachts gevangen te houden in de plantage.

Ook in jaren dat het niet overvloedig regent of vriest wanneer de bloemknoppen openstaan, verdient een kersenoverkapping zichzelf terug. “Je verlengt het seizoen onder een overkapping. De kersen kunnen langer dikken, wat behalve voor de producent ook interessant is voor de afnemer die zich langer verzekerd weet van kersen uit eigen regio”, is te horen op pcfruit. Het is de taak van een proefcentrum om behalve op de voordelen ook op de mogelijke nadelen te wijzen, zodoende: “Onder de overkapping kan het warmer en broeieriger worden. We gaan na welk effect een hogere temperatuur en luchtvochtigheid hebben op de kersen. Een continue watergift onder de kap is nodig voor kersen zonder barsten. Verder dient een teler zich bewust te zijn van de tijd nodig voor het openen en sluiten van de overkapping. Nieuwe systemen zijn arbeidsvriendelijker dan de oude, maar ook op dit vlak is de oplossing van de ene fabrikant (bv. een ritssluiting) al vernuftiger dan die van een ander (meer knoopwerk).”

Met de 169.000 euro provinciale subsidies werd behalve in de plaatsing van en het onderzoek naar kersenoverkappingen ook geïnvesteerd in de aanplanting van een bioperceel appel en peer. Met de biologische teeltwijze werd in een ander deel van de proefvelden al geëxperimenteerd, maar dit gaat om een demonstratieperceel dat volgens de regels van de kunst uitgebaat zal worden. Jef Vercammen die verantwoordelijk is voor de proeftuin pit- en steenfruit legt uit dat biologische fruittelers reeds ondersteund worden door pcfruit en er voor proeven uitgeweken werd naar hun boomgaarden. Een eigen demoperceel laat toe om die proeven volledig in eigen beheer te doen, én het biedt een antwoord op de groeiende interesse van gangbare telers in een omschakeling naar bio.

“Die interesse is er”, zo verzekert directeur Dany Bylemans, “want een studiedag lokte een 60-tal telers waar er nu in gans Vlaanderen maar 15 à 20 biologische fruittelers actief zijn. De overstap naar bio is echter behoorlijk groot omdat alle percelen ineens omgeschakeld moeten worden en de eerste drie jaar, in afwachting van het biolabel, financieel moeilijk zijn. “Ook teelttechnisch is bio een uitdaging”, voegt Jef Vercammen toe, “en zullen we gelet op de totaal andere aanpak in bio in de eerste plaats zelf het preventief werken tegen ziekten onder de knie moeten krijgen.” Schurft is maar één van de problemen die de bioteelt van peer bemoeilijkt. Een andere urgente vraag voor het bio-onderzoek in Kerkom (Sint-Truiden) is die naar het tegenhouden van drift van gewasbeschermingsmiddelen van naburige percelen. Zowel van een haag als een scherm van gaasdoek worden bekeken of dit volstaat om biologisch fruit te beschermen tegen ongewenste residuen.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via