nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

28.05.2019 Overstap naar akkers blijkt geen succes voor kievit

Voor het derde jaar op rij zijn er nauwelijks jonge kieviten bijgekomen in Vlaanderen, waardoor de vogel met de kenmerkende kuif "in sneltempo op weg lijkt naar de uitgang". Dat meldt Natuurpunt, dat zijn hoop stelt op het soortbeschermingsplan weidevogels dat de Vlaamse overheid dit jaar opstart. Hoewel de kievit de stempel weidevogel krijgt, vonden de natuurbeschermers in Vlaams-Brabant (de provincie sponsorde het onderzoek, nvdr.) veruit de meeste nesten op nattere maïsakkers die wat later in het voorjaar bewerkt worden. Grondbewerking is, na extreem weer, de grootste oorzaak van nestverlies. De studie suggereert om de oude beheerovereenkomst nestbescherming te heractiveren want alleen met het later maaien van grasland kan de soort niet gered worden.

Uit een onderzoek van Natuurpunt Studie in opdracht van de provincie Vlaams-Brabant blijkt dat slechts 1 op de 10 onderzochte nesten kieviten in de provincie succesvol was. Voor een vogelsoort als de kievit, die soms 20 jaar oud kan worden, is één jaar met een laag broedsucces geen ramp, zolang dergelijke jaren maar afgewisseld worden met goede jaren. "Maar daar knelt het schoentje: door de kurkdroge winter waren er dit voorjaar opnieuw onvoldoende geschikte broedplaatsen, want daarvoor zijn natte plekjes cruciaal. Daarmee is het al het derde jaar op rij huilen met de pet op. De zwart-witte vogel met kenmerkende kuif is nu al onze meest bedreigde landbouwvogel, zowel op de Europese als Vlaamse Rode Lijst. En het lijkt erop dat hij nu echt in sneltempo op weg is naar de uitgang", zegt Simon Feys van Natuurpunt.

De soort doet het niet enkel slecht in landbouwgebieden, maar ook in een aantal natuurgebieden. De verdroging van natuurgebieden speelt daar waarschijnlijk een belangrijke rol. "Vijftig jaar geleden kwam de kievit vooral voor in vochtige weilanden in de kustpolders, en in riviervalleien en natte heidegebieden van de Kempen. Daarna begon de soort ook in landbouwgebied te broeden, met een aanzienlijke populatietoename tot gevolg: van 1.300-1.500 paar in België in 1956, naar een geschatte 20.000 paar tegen de jaren ‘80", zegt Natuurpunt. Deze spectaculaire toename verliep grotendeels parallel met de toename van het areaal aan maïs. Vroeg in het voorjaar vormen maïsstoppels op zware bodems een aantrekkelijk broedgebied voor kieviten: grotendeels kale bodem, met vaak plassen, natte plekken of modder.

"Afgelopen week werd een deel van het studiegebied in Vlaams-Brabant opnieuw onderzocht: waar in 2017 nog 125 broedpaar werden geteld op akkers, waren er dat nu 27. Amper drie daarvan hadden kuikens en 12 waren nog aan het broeden. Dat is 80 procent minder op twee jaar tijd: een dramatische afname." De verklaring voor het moeilijker tot broeden komen in landbouwgebied zoekt Natuurpunt bij het intensiever bewerkt worden van de akkers. Er is naar verluidt te weinig tijd voor de kievit om in het voorjaar te broeden. De meeste exemplaren starten daarna wel nog een tweede nest, maar als hier jongen uit voortkomen, sterven zij vaak door een tekort aan voedsel op de opgedroogde ondergrond. Bovendien lopen de jongen dan verloren in de akkergewassen die ondertussen te hoog zijn geworden. Het extreme weer, waarbij het de voorbije jaren vaak langere tijd erg droog was, speelt de kuikens parten.

Het beeld van de kievit als weidevogel klopt nog wel voor de populaties in de poldergraslanden, maar in Vlaams-Brabant geeft de soort ondertussen de voorkeur aan akkers. Op (maïs)akkers vinden de meeste veldwerkzaamheden plaats tussen half april en half mei. Landbouwers nemen niet de tijd om voordien actief op zoek te gaan naar nesten zodat Natuurpunt suggereert om de soortbescherming van grasland uit te breiden naar akkers. Er lijkt nood te zijn aan een specifieke beheerovereenkomst op akkerland naar het voorbeeld van de oude PDPO-maatregel die voorzag in vergoedingen voor nestbescherming. Om dat te doen slagen op het terrein zullen specialisten in agrarische natuurbescherming zich er achter moeten scharen, of moeten landbouwers en natuurbeschermers tot goede afspraken komen zodat die laatste op zoek kunnen gaan naar nesten vlak voor de veldwerkzaamheden.

“Als we onzen kieviten willen behouden, is er geen tijd te verliezen om acties in heel Vlaanderen uit te rollen”, besluit Natuurpunt. De natuurvereniging pleit er daarom voor dat de kievit een “prioritaire en volwaardige plaats” krijgt in het soortbeschermingsplan weidevogels dat de Vlaamse overheid dit jaar nog opstart. Maatwerk wordt daarbij belangrijk afgaand op de gevalstudies die duidelijk maken dat het al dan niet overleven van kuikens vaak van details afhangt.

Meer info: Rapport 'Toekomst voor de kievit'

Bron: Belga / eigen verslaggeving

Beeld: Natuurpunt

Volg VILT ook via