nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

24.12.2018 Parlementsleden juichen om handelspraktijkenrichtlijn

Na zes onderhandelingssessies tussen de Europese Commissie, de Raad en het Europees Parlement zijn de instellingen eind dit jaar tot een akkoord gekomen over oneerlijke handelspraktijken in de voedselketen. De twee Vlaamse Europarlementsleden in de landbouwcommissie zijn opgelucht dat de kogel eindelijk door de kerk is. “Net voor het einde van het Oostenrijk voorzitterschap is er een akkoord over dit toch wel erg historisch dossier”, zegt Hilde Vautmans (Open Vld). “De zwakke positie van de landbouwer in de voedselketen is een oud zeer”, reageert Tom Vandenkendelaere (CD&V).

Over de nieuwe EU-richtlijn die oneerlijke handelspraktijken in de voedselketen moet aanpakken, zijn de lidstaten en het Europees Parlement het eens geraakt. Het akkoord bevat een lijst met verboden oneerlijke handelspraktijken én voorziet in minimumregels over de handhaving ervan, boetes inbegrepen. Tom Vandenkendelaere (CD&V), lid van de landbouwcommissie in het Europees Parlement, licht toe: “Boeren zijn vaak het eerste en voornaamste slachtoffer van de prijzenoorlog tussen hun afnemers. Met deze richtlijn geven we de boeren een échte stem. Tegelijk krijgen de lidstaten de wapens in handen om hun landbouwers te verdedigen. Zo zetten we een noodzakelijk stap in het garanderen van een faire prijs voor onze landbouwers en geven we hen de erkenning die ze verdienen in onze voedselvoorziening."

Het akkoord zal volgens Europarlementslid Hilde Vautmans (Open Vld) onze boeren beter beschermen tegen oneerlijke handelspraktijken, “iets waar ik al jaren voor pleit”. Daarbij zal Europa voortaan praktijken zoals late betalingen, het laattijdig afzeggen van bestellingen of het weigeren van schriftelijke contracten, verbieden. “Kleine boeren staan namelijk vaak erg zwak in de keten en kunnen niet opboksen tegen de macht van grote afnemers en retailers. Daar komt via deze richtlijn een einde aan. Eerlijke prijzen en een sterkere positie van de boer in de keten waren het doel van deze richtlijn en ik ben dan ook zeer tevreden dat we in dit opzet geslaagd zijn!”

Duidelijk oplijsten wat verboden is, acht Vandekendelaere noodzakelijk. “De praktijk leert ons echter dat dit niet genoeg is. Regels worden makkelijk met de voeten getreden zonder dikke stok achter de deur. Teveel staat de boer met de rug tegen de muur omdat hij gewoon niet durft reageren uit vrees voor de macht van zijn afnemer. De tweede verdienste van deze richtlijn zijn dan ook de handhavingsregels. Concreet voorziet de tekst in een nationale handhavingsautoriteit die uit eigen beweging een onderzoek kan starten of op basis van een klacht door de landbouwer. Dat kan laagdrempelig via één contactpunt én, nog belangrijker, anoniem.”

Vooraleer de effectieve klachtenprocedure wordt opgestart, krijgen partijen gedurende een bepaalde periode de mogelijkheid om te bemiddelen. Vandekendelaere: “Dat is een faire tussenstap waar ik in de parlementaire onderhandelingen sterk op heb gehamerd.” Indien de klacht gegrond is, krijgt de autoriteit de bevoegdheid om effectief boetes op de leggen. Daarbij stopt het niet. De besluiten zullen openlijk worden gepubliceerd. Deze kans op imagoschade is volgens het parlementslid een veel effectievere manier om dergelijke kwalijke praktijen uit de wereld te helpen. “Publiek imago is van kapitaal belang en bedrijven zullen nu wel twee keer nadenken vooraleer ze de landbouwer nog maar eens als speelbal gebruiken in een concurrentiespel dat het zijne niet is.”

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via