nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

11.02.2016 PDPO-project doet Haspengouws fruitlandschap herleven

In het kader van een Europees plattelandsprogramma gaan het Regionaal landschap Haspengouw en Voeren en het Proefcentrum Fruitteelt de komende twee jaar de krachten bundelen om het fruitlandschap weer in optimale conditie te krijgen. Oude, zieke en verwaarloosde hoogstamboomgaarden gaan ze opsporen en samen met de eigenaars zullen ze een plan uitwerken voor het herstel. “Hoogstambomen zorgen voor het typische, historische uitzicht”, aldus gedeputeerde Ludwig Vandenhove. Door zieke bomen te vervangen, blijft het uitzicht bewaard en wordt de verspreiding van ziekten in fruitboomgaarden tegengegaan. Aan dat economisch aspect hecht gedeputeerde Inge Moors veel belang.

Haspengouw staat bekend om zijn uitgestrekte boomgaarden en bijbehorende bloesemlandschappen tijdens het voorjaar. Om dat landschap van nog meer pigment te voorzien, gaan het Regionaal landschap Haspengouw en Voeren en het Proefcentrum Fruitteelt (pcfruit) extra aandacht besteden aan hoogstambomen. “De streek dankt er haar economische, ecologische, landschappelijke en toeristische troeven aan”, zo klinkt het. Maar om dat patrimonium te behouden, moet er aan herstel en beheer gedaan worden.

Daarom gaan de twee projectpartners samen de komende twee jaar oude, zieke en verwaarloosde hoogstamboomgaarden opsporen en herstelplannen uitwerken. Bomen worden gesnoeid, vervangen waar nodig en nieuwe hoogstamfruitbomen worden geplant. De terreinwerken worden uitgevoerd door een sociale werkplaats, die deze winter meer dan 350 nieuwe hoogstamfruitbomen aanplant op oude percelen. Ook na de aanplant krijgen eigenaars advies over het onderhoud, de snoei en beheer. Ze doen dat in het kader van het PDPO-project ‘Fruitlandschap: op zoek naar ambassadeurs voor de fruitstreek

Pcfruit zal dit project mee ondersteunen door oude, zieke en verwaarloosde boomgaarden helpen op te sporen en te herstellen. Het onderzoeks- en voorlichtingscentrum voor de fruitteelt voert projectmatig onderzoek naar de verspreiding van talrijke ziekten, waaronder het Little Cherryvirus. Dit virus veroorzaakt kleine, minder kleurrijke en smaakloze kersen, zowel in de laagstam- als in de hoogstamteelt en kan tot grote opbrengstverliezen leiden.

Om ook de streekbewoners meer bewust te maken van de waarde van het Haspengouwse landschap, worden binnen het project ook mensen betrokken die geen hoogstamboomgaard hebben. In ruil voor het fruit zal het Regionaal Landschap hen inschakelen voor het beheer (snoei en pluk) van hoogstamboomgaarden van eigenaars die geen interesse meer hebben in hun eigen boomgaarden of het fruit van hun boomgaarden niet meer verwerkt krijgen. Om vraag en aanbod op elkaar af te kunnen stemmen, wordt een digitale kruisdatabank (website) ontwikkeld.

“Hoogstamboomgaarden zijn qua toerisme heel belangrijk voor Haspengouw en Zuid-Limburg”, aldus gedeputeerde Ludwig Vandenhove. “Zij zorgen voor het typische, historische uitzicht. Samen met alle andere initiatieven, zoals dit project, is het daarom belangrijk dat de betrokken gemeenten voor de nodige handhaving zorgen. Met andere woorden, bij het afleveren van kapvergunningen, bijvoorbeeld in het geval van zieke bomen, moet er nauwlettend op toegezien worden dat de vervanging gebeurt.”

“Daarnaast is de geïntegreerde aanpak bij de inrichting en het beheer van dit stukje erfgoed belangrijk voor de identiteit en de aantrekkelijkheid van het Haspengouwse landschap en het platteland”, aldus gedeputeerde van Platteland Inge Moors. De projectuitvoerders kunnen hierdoor rekenen op een aanzienlijke financiële tussenkomst vanuit het Programma voor Plattelandsontwikkeling. In dit geval gaat het om 138.000 euro aan Europese steun en zorgen zowel Vlaanderen als de provincie Limburg elk voor een cofinanciering van 69.054 euro. Op die manier wordt in totaal maar liefst 65 procent van de projectkost gefinancierd.”

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren

Volg VILT ook via