nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

14.10.2015 Recreatieve visserijvloot in België telt 631 vaartuigen

De Belgische recreatieve vissersvloot telt 631 vissersvaartuigen waarvan het grootste deel exclusief is uitgerust voor de hengelvisserij. Slechts drie procent van de boten kan meerdere vistechnieken toepassen, bijvoorbeeld hengelen en slepen. Nagenoeg uniek in Europa is het voorkomen van boomkor- en bordennetvaartuigen binnen de recreatieve vissersvloot. Het aantal vistrips op bootniveau wordt geschat op 10.735 vaardagen per jaar. Dat blijkt uit haven- en zee-observaties van het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ).

Om inzicht te krijgen in de grootte en de inspanningen van de Belgische recreatieve vissersvloot werden door het VLIZ gedurende een jaar lang observaties uitgevoerd in Vlaamse havens en op zee. Dit vormt de eerste aanzet voor een systematische monitoring van de Belgische recreatieve visserij. “Die heeft tot doel een beter inzicht krijgen in de visserij-inspanningen en de impact dat die hebben op het mariene ecosysteem”, klinkt het. Om het visserijbeleid goed te kunnen onderbouwen, verplicht de Europese Commissie de lidstaten immers om gegevens te verzamelen over de recreatieve visserij.

Tussen april 2014 en april 2015 voerde het onderzoeksinstituut daarom observaties uit, zowel van op het land als van op zee. De bedoeling van die observaties is onder meer de omvang van de recreatieve vissersvloot, het aantal bewegingen van recreatieve vissersboten in en uit de kusthavens en de voornaamste vislocaties op het Belgisch deel van de Noordzee in kaart te brengen. Met de bevindingen uit deze observaties moet een strategie uitgewerkt worden die ervoor zorgt dat er tegen 2020 een goede milieutoestand wordt bereikt en waarbij het duurzaam gebruik van mariene wateren centraal staat. Dat is verplicht binnen de Kaderrichtlijn Mariene Strategie.

Op basis van die observaties kon het VLIZ 631 recreatieve vissersvaartuigen inventariseren. Zowat 84 procent daarvan is enkel uitgerust voor de hengelvisserij, terwijl zo’n drie procent voorzien is op meerdere vistechnieken, zoals hengelen en slepen. Zowat acht procent is uitgerust met bordennettechniek en vijf procent met de boomkortechniek. “Dat is vrij uniek in Europa”, aldus het VLIZ. Uit de resultaten bleek ook dat de meeste boten een ligplaats hebben in Blankenberge (223) en Nieuwpoort (197), gevolgd door Zeebrugge (94) en Oostende (83). Een aantal vaartuigen heeft geen vaste ligplaats, ze worden via de trailerhelling in het water gelaten.

De recreatieve visserij op het Belgisch deel van de Noordzee vindt hoofdzakelijk plaats binnen de driemijlszone. “Als er toch verder wordt gevaren, dan heeft dit meestal te maken met de aanwezigheid van scheepswrakken op de zeebodem die fungeren als biodiversiteitshotspots en een grote visfauna aantrekken”, achterhaalde het onderzoeksinstituut. Het aantal vistrips op bootniveau wordt geschat op 10.735 vaardagen per jaar. Op individueel vissersniveau bedraagt dit 25.765 dagen per jaar, want gemiddeld zijn er 2,4 vissers aan boord van een vaartuig.

“Omdat de recreatieve visserij wordt gekenmerkt door sterke jaarlijkse variaties, zowel in de inspanning als in de vangsten, adviseren we wel om een systematische monitoring over een tijdspanne van meerdere jaren in te voeren”, zegt het VLIZ. “Er moet ook een uitbreiding naar de strandvisserij voorzien worden.”

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via