nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

19.08.2018 Reputatie van opvolger neonicotinoïden krijgt een dreun

In april van dit jaar keurden de lidstaten een quasi-totaalverbod goed op het gebruik van drie van de meest voorkomende neonicotinoïden. Imidacloprid en de twee andere insecticiden mogen enkel nog in serres gebruikt worden. Voor een aantal teelten in open lucht (o.a. suikerbieten) beschikken landbouwers niet over goede alternatieven. Het systemisch insecticide sulfoxaflor van de firma Dow Agrosciences is sedert 2015 toegelaten in Europa. De actieve stof wint aan populariteit door het verdwijnen van de neonicotinoïden, maar wordt nu op zijn beurt verdacht van een schadelijk effect op bestuivers.

Neonicotinoïden zijn de insecticiden die wereldwijd het vaakst ingezet worden om landbouwgewassen te beschermen tegen belagers. In Europa is hun gebruik beteugeld, eerst met een (tijdelijk) moratorium in afwachting van herevaluatie en dit voorjaar met een quasi algemeen verbod. Alleen het gebruik in de glastuinbouw wordt nog toegestaan omdat elke toepassing in open lucht een te groot risico zou inhouden voor bestuivers.

Vanuit de landbouwsector is er altijd voor gewaarschuwd dat aan de alternatieven voor neonicotinoïden ook nadelen kleven, zoals hun volleveldse toepassing. De kans dat bijen en andere bestuivers blootgesteld worden aan schadelijke insecticiden is bij een bespuiting groter dan bij gebruik als zaadomhulling. Tenminste, dat hebben de critici van een verbod op neonicotinoïden altijd voorgehouden. Eén van de neonics-alternatieven, sulfoxaflor, wordt door Britse biologen effectief schadelijk geacht voor bestuivers.

Insecticiden op basis van sulfoximine worden gezien als de meest waarschijnlijke opvolgers van de neonicotinoïden. Wereldwijd is de actieve stof in opmars, met toelatingen in onder meer China, Canada en Australië. Ook in de Europese Unie hebben een aantal lidstaten groen licht gegeven aan gewasbeschermingsmiddelen op basis van sulfoxaflor, nadat voedselveiligheidsautoriteit EFSA in 2015 een markttoelating voor het Europees grondgebied gaf. In de beslissing van EFSA staat dat lidstaten “bijzondere aandacht” moeten besteden aan het risico voor bijen en andere bestuivers. In eigen land is sulfoxaflor enkel beschikbaar voor glastuinbouwteelten (tomaten, komkommers, enz.). Het merkproduct luistert naar de naam Closer.

De wetenschappers van de Londense universiteit doen een oproep om de effecten van sub-lethale dosissen op bestuivers dringend beter te onderzoeken. Langdurige blootstelling aan kleine dosissen, zoals ze boven een veld hangen na een bespuiting, had volgens hen een ernstige impact op hommels. Na blootstelling aan sulfoxaflor brengt een kolonie minder werkers voort, en de helft minder vruchtbare mannetjes. Nog volgens de Britse biologen komt dat soort sub-lethale effecten vaker niet dan wel boven water tijdens de standaard ecotoxicologische beoordeling van een actieve stof.

De krant De Standaard vreest dat de landbouwsector op deze manier in rondjes blijft draaien: een pesticide wordt afgekeurd, een alternatief goedgekeurd, en na accumulatie van bewijzen blijkt ook het nieuwe product schadelijk. Het is een draaimolen waarvoor bioloog Dave Goulson van de University of Sussex eerder dit jaar al waarschuwde. In Nature stellen de onderzoekers dat meer data in rekening moeten worden gebracht vooraleer toezichthouders nieuwe producten goedkeuren. Men dient zowel de dodelijke als de sub-lethale effecten van het nieuwe pesticide te kennen.

Bron: eigen verslaggeving / De Standaard

Beeld: WikimediaCommons - Alvesgaspar

Volg VILT ook via