nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

"Belgische boeren zijn enorm toegewijd"
19.10.2015  Schoonste boerin van Oeganda

Ondernemende vrouwen vind je overal. Net zoals Vlaanderen over een vrouwelijke landbouwambassadrice beschikt in de persoon van de Schoonste Boerin, ging ook Noord-Zuidorganisatie Trias in het Afrikaanse Oeganda op zoek naar een boerin die van wanten weet. Olivia Mugisa is haar naam, 39 jaar jong, moeder van zes en voorzitster van de lokale boerinnenvereniging – in Afrika zijn vrouwen goed voor 60 tot 80 procent van de voedselproductie. Op bezoek in België vertelt ze haar verhaal, maar wil ze ook inspiratie opdoen voor haar eigen boerderij. Een gesprek met een Afrikaans vrouwelijk rolmodel.

Oeganda, het thuisland van Olivia, is een ex-kolonie van de Britten met een oppervlakte die bijna acht keer groter dan België is. Het land zit gevangen tussen Zuid-Soedan, Kenia, Tanzania, Rwanda en Congo en bezit ondanks zijn gebrek aan zeekust toch heel wat water: het Albert-meer, het Kyoga-meer en een deel van het Victoria-meer. Meer dan twee derde van het land bestaat uit een plateau waardoor 84 procent van het landoppervlak tussen een hoogte van 900 en 1.500 meter ligt. Oeganda telt 38 miljoen inwoners, en 95 procent van hen is landbouwer. Ondanks die gigantische tewerkstelling is toch ‘slechts’ 40 procent van het bruto binnenlands product landbouw-gerelateerd, wat wijst op de enorme efficiëntiewinsten die er nog te boeken zijn. 

“Vrouwen werken op het land, mannen zijn meer bezig met het vermarkten van de opbrengst”, vertelt Olivia, die weet wat werken is. Toen ze als kind ’s ochtends op school aankwam had ze er al twee uur werken op de boerderij opzitten. “Dankzij mijn ouders heb ik hard leren werken en blijf ik niet bij de pakken zitten bij een mislukking.” Door systematisch een deel van de winst van haar maïsoogst te investeren in extra areaal is Olivia erin geslaagd haar bedrijf geleidelijk aan uit te breiden van 2 naar 20 hectare.

Ondertussen bezit ze ook 30 melkkoeien, wat naar Oegandese normen een flink uit de kluiten gewassen veestapel is. “Ooit moest ik mijn enige varken verkopen omdat we de schoolrekening van mijn zoon niet konden betalen”, herinnert Olivia zich. “Vandaag moet ik me geen zorgen meer maken: ik verdien genoeg om al m’n kinderen naar school te laten gaan.” Zelf werd Olivia intussen verkozen tot voorzitster van de lokale boerinnengroep. Daarnaast is ze één van de drijvende krachten achter een nieuw schooltje voor meer dan 200 kinderen.

 

boeren-Afrika-Oeganda-Trias_gevilt.jpg

 

De boerinnengroepering waar Olivia voorzitster van is, heeft zich ondertussen aangesloten bij de Masindi District Farmers’ Association (MADFA), dat mede dankzij de ondersteuning van Trias zijn ledenaantal zag oplopen van 2.500 in 2009 tot een kleine 8.000 vandaag. Olivia heeft er zich vanuit haar lokale organisatie geëngageerd om er de vrouwenbelangen te verdedigen. De missie van MADFA is om de grote schare landbouwers die niet veel meer (kunnen) telen dan ze nodig hebben om zelf te overleven, te doen transformeren tot commerciële en winstgevende landbouwbedrijfjes. Nieuwe landbouwtechnieken helpen om de productie te verhogen, maar ook een pientere bedrijfsvisie, waarbij je marktgeoriënteerd produceert, draagt bij tot de succesvolle ontwikkeling van een landbouwbedrijf, zo klinkt het devies van MADFA.

Om die aanpak in de praktijk om te zetten introduceerde Trias de zogenaamde Enabling Rural Innovation of ERI-methode bij MADFA. ERI vertrekt van de kleine boer zelf: hun sociale en ondernemende vaardigheden worden versterkt zodat ze op een verantwoordelijke en duurzame manier de overstap naar een marktgeoriënteerde landbouw kunnen maken. Concreet gaat het over enkele elementaire marketingprincipes, over de mogelijke meerwaarde van opslagplaatsen, over collectieve verkoopsvormen, enzovoort. Ondertussen beschikt MADFA ook over een eigen microkredietinstelling, waarmee het opstartende boeren een duwtje in de rug kan geven.

“MADFA kan voor heel wat boeren echt het verschil maken”, beaamt Olivia. “Vandaag zijn de meeste van onze landbouwers nog steeds overlevingslandbouwers. Ze eten wat ze oogsten, en overschotten verkopen is eerder de uitzondering dan de regel. Het is heel hard werken voor een relatief beperkte opbrengst, want de boeren die machines bezitten kan je op één hand tellen. Daarnaast worden we vaker dan ons lief is geconfronteerd met lage prijzen, lager dan onze productiekost. Op zo’n moment is het heel erg belangrijk dat er een organisatie achter je staat die voor betere prijzen kan zorgen.”

 

landbouw-Afrika-Oeganda-Trias_gevilt.jpg

 

Op welke manier kunnen organisaties als MADFA invloed uitoefenen op beleidsniveau? “We hebben een vrij goede relatie met de lokale overheden”, legt Olivia uit. “Als wij een vraag stellen, dan wordt er meestal wel geluisterd. Vanuit de provincie bijvoorbeeld komen er zo nu en dan vertegenwoordigers van het landbouwdepartement langs om met onze boeren rond tafel te zitten. Tijdens zo’n bijeenkomsten wordt afgetoetst wat boeren verwachten van hun bestuur en wat het bestuur daartegenover kan plaatsen. Op die manier kunnen boeren hun stempel drukken op het wetgevend proces. Bottom-up dus!”

Ook op boerderijniveau probeert MADFA het verschil te maken. Zo organiseert de boerenorganisatie begeleidingstrajecten voor haar leden: “Want het volstaat natuurlijk niet om enkel maar een gewas in te zaaien, je moet er ook voor zorgen dat er niet te veel onkruid tussen staat, je moet nadenken over het tijdstip van inzaaien, over aan wie je je product gaat verkopen, enzovoort. Ook vanuit de National Agricultural Advisory Service (NAADS), een overheidsdepartement, wordt ingezet op opleiding en bijscholing. Zo heeft de Oegandese overheid subsidies in het leven geroepen in de vorm van gratis zaaigoed en technisch advies voor veehouders.”

Zelf zag Olivia haar eigen boerderij de laatste jaren behoorlijk groeien. In haar teeltrotatie van dit jaar zit maïs, koffie, banaan, pindanoten, bonen en suikerriet. Het suikerriet teelt ze onder contract, met al de rest trekt ze de markt op. “Op mijn boerderij zijn er tien mensen voortdurend bezig met onkruid wieden, omdat het een werkje is dat jammer genoeg nooit ophoudt”, legt Olivia de organisatie op haar boerderij uit. “Daarnaast heb ik drie mensen in dienst die me helpen bij de andere veldwerkzaamheden. De planning en de organisatie is soms best wel een uitdaging. Want nog voor het zaaiseizoen moet je weten op hoeveel helpende handen je zal kunnen rekenen. Het heeft namelijk geen zin om meer percelen in te zaaien als je het niet geoogst krijgt.”

 

boeren-landbouw-OegandaTrias_gevilt.jpg

 

“Daarom zou ik een tractor willen kopen”, droomt Olivia luidop. “Dan zou ik kunnen ploegen en frezen met de tractor, wat me enorm veel arbeidsuren zou besparen. Een tractor is een heel grote investering, maar een deel zou ik kunnen terugverdienen door hem te verhuren aan andere leden van de organisatie. In de omgekeerde richting geldt hetzelfde: ook ik gebruik soms andere machines van andere leden. Teamwork is belangrijk, dat moedigen we binnen MADFA, maar ook op dorpsniveau heel sterk aan. Wat andere externe inputs betreft, gebruik ik biologische meststoffen bovenop de dierlijke mest van m’n eigen dieren.”

“Meststoffen zijn voor heel veel Oegandese boeren onbetaalbaar”, zegt Olivia. “Wat een verschil met jullie boeren. Wat me hier enorm opvalt is hoe veel bedrijven heel sterk gespecialiseerd zijn. Blijkbaar is dat economisch interessanter? Belgische boeren lijken me alleszins enorm toegewijd, als ik zie wat voor investeringen ze doen. Het is enorm kapitaalsintensief om hier te boeren: je moet er heel veel insteken om er iets uit te halen. In Oeganda zie ik vaak het tegenovergestelde: boeren die te weinig durven investeren. Maar als er één ding is dat ik als boerin heb geleerd, dan is het dat je niet kan verwachten om veel te verdienen als je weinig investeert.”

Olivia’s engagement stopt overigens niet aan de poort van haar boerderij. Naast haar boerderij runt ze ook een winkeltje en vond ze zelfs nog de tijd om een eigen schooltje op te starten. In 2010 gingen de schoolpoorten voor het eerst open, en ondertussen leren er 207 kinderen tussen 6 en 12 lezen en schrijven, onderverdeeld in zeven klasjes. Olivia verdient er geen geld mee, integendeel: heel wat ouders kunnen het schoolgeld niet betalen, en heel wat kinderen zijn wees. Maar in het slechtste geval past ze zelf het geld bij. “Ik ben best trots op wat ik verwezenlijkt heb”, aldus de fiere boerin. “Ik maak me geen zorgen, de toekomst zal mooi zijn.”

 

OegandaTrias_gevilt.jpg

 

Meer info: Website Trias en Facebookpagina Trias Uganda 

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Isabel Corthier/Trias

Volg VILT ook via