nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

26.04.2017 Technologie maakt gewasbescherming veiliger en beter

Met Phytofar als hoofdsponsor van de vakbeurs kan het moeilijk anders dan dat gewasbescherming een belangrijk thema wordt op de Werktuigendagen voor de fruitteelt. Naast sensibilisering rond een veilig en verantwoord gebruik van gewasbeschermingsmiddelen worden tijdens het beursweekend van 13 en 14 mei ook vernieuwende hulpmiddelen getoond. In dit artikel staan we stil bij een vernuftig systeem om veilig een spuittoestel te vullen en een verwerkingsinstallatie voor restvloeistof. De grootste volkstoeloop wordt echter verwacht voor de zogenaamde ‘grass killer’, een Italiaanse uitvinding om onkruid met zuiver regenwater te bestrijden. Benieuwd hoe dat in zijn werk gaat?

Moderne technologie kan het verschil maken voor een veilig en duurzaam gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Dat werd gedemonstreerd tijdens de persvoorstelling van de Werktuigendagen, een vakbeurs voor fruittelers die plaatsvindt op en rond de SOLV-Tuinbouwschool in Sint-Truiden. Op 13 en 14 mei zullen fruittelers zelf kunnen kennismaken met de ‘easyFlow’ en de ‘Heliosec’, twee uitstekende voorbeelden hiervan.

Aan de hand van een maquette toont Mario Lagrou van Syngenta dat de Heliosec een relatief simpele oplossing is voor het verwerken van restvloeistof. “Een restant is er altijd, ofwel een beetje vloeistof dat over is na de bespuiting ofwel het spoelwater afkomstig van het reinigen van het spuittoestel. De Heliosec is een opvangbak waarin een folie zoals in een zwembad ligt. Het water kan op natuurlijke wijze verdampen en het residu blijft achter. Dat kan samen met het zeil veilig afgevoerd worden via AgriRecover.”

Karlien D’Haemer van Bayer CropScience demonstreerde de easyFlow op het spuittoestel van de tuinbouwschool. Het koppelstuk dat op de bus met spuitmiddel geplaatst wordt voor een 100 procent sluitende verbinding met het spuittoestel maakt morsen en ongelukkig contact met de spuitvloeistof onmogelijk. Technisch is het vandaag reeds mogelijk voor verpakkingen van 3 tot 15 liter. Wettelijk is het niet verplicht, net zomin als een opvangsysteem voor restvloeistof, maar dat zou zomaar kunnen veranderen indien gewasbeschermingsmiddelen voor verontreiniging van het oppervlaktewater blijven zorgen.

Zover hoeft het niet te komen want D’Haemer stelt vast dat er bij fruittelers spontaan ook al veel interesse is voor technologische hulpmiddelen die een ecologisch verantwoord gebruik van gewasbeschermingsmiddelen toelaten. Ze verwijst naar de door het Proefcentrum Fruitteelt georganiseerde workshops voor het bouwen van een biofilter voor restvloeistof, en naar de speciale actie van Bayer ter introductie van de easyFlow. Een 150-tal fruittelers zijn dit jaar ingegaan op het aanbod om met de welgekomen hulp van de firma Bayer het gesloten transfersysteem op hun spuittoestel te monteren.

Voor de driftreducerende spuitdop is dit jaar de knoop doorgehakt dat die verplicht wordt op alle spuittoestellen. Fruittelers zijn daar jaren geleden al op voorbereid door Phytofar en het Proefcentrum Fruitteelt. In 2011 en 2012 staken zij met het project ‘Weg met de wolk’ veel energie in het overtuigen van alle fruittelers van het nut maar vooral ook van de goede werking van antidriftdoppen. Het vergde namelijk de nodige overredingskracht dat je met een grotere druppel die geen zichtbare spuitnevel geeft toch de ziekten en plagen goed kan bestrijden.

In combinatie met de regel dat er bij een bespuiting met een boomgaardspuit drie meter afstand gehouden moet worden van oppervlaktewater kan met driftreducerende spuitdoppen vermeden worden dat gewasbeschermingsmiddelen in aanpalende beken terechtkomen. In dat verband doet Jan Vermaelen als voorzitter van de Phytofar-werkgroep duurzaam gebruik een oproep aan fruittelers om de buitenste kantrijen te verwijderen. “Een rij fruitbomen op de perceelsgrens kan je onmogelijk spuiten zonder dat er gewasbeschermingsmiddel buiten je perceel terechtkomt.”

Sensibiliseren rond een duurzaam gebruik is voor de gewasbeschermingsmiddelenindustrie een niet aflatende opdracht omdat anders het ene na het andere middel van de markt verdwijnt. “Een correct en verantwoord gebruik is de licentie om verder te kunnen werken in de toekomst. We willen beschouwd worden als deel van de oplossing en niet als deel van het probleem”, klinkt het bij sectorfederatie Phytofar.

De oplossing kan voor een stuk ook van de machinefabrikanten komen want zij maken steeds efficiëntere machines voor mechanische onkruidbestrijding. Ze zijn daar dan ook al decennialang mee bezig. Eddy Leclere, organisator van de Werktuigendagen, herinnert aan een druk bijgewoonde onkruidbestrijdingsdemonstratie tijdens een opendeurdag van de SOLV-Tuinbouwschool in Sint-Truiden bijna 30 jaar geleden. Dat was trouwens de directe aanleiding voor het organiseren van een vakbeurs met het schooldomein als uitvalsbasis. Sinds 1990 vinden de Werktuigendagen in Sint-Truiden elke drie jaar plaats zodat het uitkijken is naar de tiende editie op 13 en 14 mei 2017.

Schoffel-, borstel-, wied- en maaimachines vinden in de fruitteelt ingang voor het onkruidvrij houden van de zwarte strook onder de fruitbomen. Op de Werktuigendagen wordt ook de heetwater- en stoomtechniek getoond, namelijk een machine die onkruid verbrandt met bijna kokend water. Ook de onkruidzaden en -wortels in de bovenste bodemlaag verliezen na de hittebehandeling hun kiemkracht. Maar de grootste publiekstrekker wordt ongetwijfeld de ‘grass killer’ van de Italiaanse fabrikant Caffini. Zes spuitkoppen op een langs de stam van fruitbomen draaiende schotel richten waterstralen met een kracht van 1.000 bar op de bodem. Onkruid en onkruidwortels worden letterlijk aan stukken gereten door de krachtige waterstralen, tot drie centimeter diep in de bodem.

De organisatie van de Werktuigendagen lokte de pers naar Sint-Truiden onder het voorwendsel dat onkruidbestrijding tegenwoordig kan met zuiver regenwater. Geen loze belofte, zo blijkt. Op YouTube is een filmpje terug te vinden dat de werking van de Italiaanse machine verduidelijkt. De ‘grass killer’ werd ontwikkeld op vraag van een gerenommeerd Italiaans wijnhuis dat aanvoelde dat het gebruik van het totaalherbicide glyfosaat onder druk komt te staan.

“Twee van die machines worden in gans Europa gedemonstreerd en dit jaar doen we ook testen in eigen land”, vertelt Kris Franssens van het gespecialiseerde loonwerk- en verhuurbedrijf FB-service. Hij gaat de Caffini-machines in de fruitstreek verdelen en is haast zeker dat het een succes wordt. “Er zijn weinig andere sectoren waar de onkruidbestrijding zo eenvoudig mechanisch kan als in de fruitteelt, en met de grass killer kan het bijzonder efficiënt”, zegt Franssens. Hij houdt er rekening mee dat glyfosaat van de markt verdwijnt. Over een markttoelating na 2017 is nog altijd geen zekerheid, en met het schandaal rond de uitgelekte e-mails van Monsanto heeft de onkruidbestrijder de schijn tegen. De classificatie als ‘waarschijnlijk kankerverwekkend’ door het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek blijft de actieve stof van Roundup achtervolgen.

Andere herbiciden zijn aanzienlijk duurder dan glyfosaat zodat mechanische onkruidbestrijding een hoge vlucht zou kunnen nemen als de fruitteelt voor het blok wordt gezet. Waar openbare besturen klagen dat onkruidbestrijding zonder herbiciden een stuk minder efficiënt is, zou dit in de fruitteelt dankzij de grass killer kunnen meevallen. In de Italiaanse wijngaarden, de bakermat van de machine, volstaan twee bewerkingen per jaar. Meer neerslag in eigen land betekent ook meer onkruid maar drie- tot viermaal herhalen van de behandeling lijkt niet onoverkomelijk als je weet dat een rijsnelheid van 3 à 4 kilometer per uur haalbaar is en het waterverbruik beperkt blijft tot 1 liter per 3 lopende meter zwarte strook onder de fruitbomen. Met een watertankinhoud van maximaal 2.000 liter kan het onkruid in een halve tot één hectare fruitboomgaard bestreden worden. “Vergelijk het qua watergebruik dus niet met een hogedrukreiniger”, zegt Franssen, “en die vergelijking gaat des te meer niet op omdat de grond mooi op zijn plaats gehouden wordt.”

Een fruitteler die aanwezig is op de voorstelling van de Werktuigendagen toont meteen interesse, al wordt een mens wel even stil van het prijskaartje van 40.000 euro voor een enkelzijdig toestel. Voor grote fruittelers is dat volgens Franssens betaalbaar terwijl anderen op termijn de mogelijkheid zullen hebben om het toestel te huren of de hoge-druk-onkruidbestrijding in loonwerk te laten uitvoeren. Ook daarom gaat een fruitteler naar de Werktuigendagen: om uit te rekenen wat de terugverdientijd is van al die verleidelijke nieuwigheden. Voor machines maar bijvoorbeeld ook voor teeltbescherming geldt namelijk dat er ontzettend veel mogelijk is, dat het allemaal zijn prijskaartje heeft en een aantal zaken zich (snel) laten terugverdienen. De kunst voor een fruitteler is om over twee weken in Sint-Truiden uit te vissen welke investeringen dat zijn.

Klik hier voor praktische info over de Werktuigendagen.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via