nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

07.04.2017 Vlaming kan in eigen tuin bijen grote dienst bewijzen

Bijen voeden zich met nectar, stuifmeel en harsen. Vermits de Vlamingen samen 124.000 hectare tuin hebben, goed voor negen procent van de grondoppervlakte, kunnen particulieren bijdragen aan de gezondheid van de bijenpopulatie met tuinplanten die om beurt bloeien van lente tot herfst. Tuincentra spelen hierop in, en de Vlaamse siertelers ontwikkelen planten die niet alleen mooi maar ook aantrekkelijk zijn voor bijen en andere insecten. Bijenexpert Dirk De Graaf (UGent) verklaarde recent nog in het VRT-journaal dat burgers met een bloemenweide de bijen een grotere dienst bewijzen dan door zelf een bijenkast te plaatsen. Dat particuliere tuinen veel meer in hun mars hebben, leert een campagne van de provincie Vlaams-Brabant.

Bijen hebben een belangrijke rol te vervullen in ons eco- en voedselsysteem. Ze bestuiven 85 procent van de bloeiende planten. Recent kwamen bijen opnieuw in het nieuws vanwege de wankele gezondheid van hun populatie. Bijenexpert Dirk de Graaf van de Universiteit Gent verklaarde in het VRT-journaal dat de wintersterfte schommelt rond 30 procent. Deze winter hebben imkers een kwart van hun volkeren verloren, “wat aanzienlijk is want in een goed bijenjaar verlies je minder dan tien procent van de volkeren”, aldus de professor.

Staf Kamers, stadsimker in Leuven, schrijft dat toe aan de varroamijt en het gebrek aan stuifmeel. Professor de Graaf rekent voor dat er 1.000 bomen nodig zijn als voedselbron voor één bijenkast. Wie zich de bijensterfte aantrekt, kan daarom beter bloemen en andere stuifmeelbronnen in de eigen tuin voorzien dan zelf imker worden. Anders dreigt het onevenwicht nog groter te worden. Verschillende actoren doen daartoe inspanningen. In het journaal werd verwezen naar de verdeling van bloemenzaad door de provincie Vlaams-Brabant aan imkers en particulieren.

Vermeldenswaard is ook de campagne ‘Leve de tuin’, waarmee Vlaams-Brabanders aangemoedigd worden om een groen paradijs te maken van hun tuin. De provincie geeft tuintips aan de hand van de verhalen van ervaringsdeskundigen, zogenaamde ‘tuinverkenners’. Eén van de tips in deze handige mindmap is ‘lig minder wakker van je gazon en leg een bloemenweide aan’. Bij de keuze van planten krijgen inwoners de raad om rekening te houden met de bodem en de standplaats maar ook met de aantrekkingskracht die planten uitoefenen op dieren.

Siertelers en tuincentra helpen daarbij een handje. Tuincentra maken klanten wegwijs in het aanbod, en daar zijn heel wat planten bij die aantrekkelijk zijn voor bijen en andere insecten. Waar vroeger bij de selectie en ontwikkeling van nieuwe tuinplanten het accent vooral lag op de sierwaarde, groeit nu de aandacht voor de nutswaarde: tuinplanten ontwikkelen met aandacht voor de bij. Daarbij moeten de planten zowel aantrekkelijk (kleur/geur) als ‘goed toegankelijk’ zijn zodat de bijen makkelijk bij de nectar en het stuifmeel kunnen.

Recent bekroonde een vakjury sierteler Carl Van Sante uit Wetteren voor zijn ‘Bijenweelde rozen’, een assortiment rozenstruiken, speciaal ontwikkeld voor bijen vermits de bloem een open vorm heeft. De nectar is goed bereikbaar door de enkele of halfgevulde bloemen die worden geproduceerd in grote clusters. Het geel bloemhart vergroot de zichtbaarheid voor de bijen. De bloei is enorm rijk met een mooi opgaand bloemetje waarin de meeldraden een prachtig contrast vormen. De bloeiperiode is van de vroege zomer tot het begin van de vorst. Het feit dat de rozen beschikbaar zijn in zes kleuren, en goed te combineren zijn met andere planten, maakt dat ze in elke tuin passen.

‘Bijenweelde rozen’ is één van de vele voorbeelden van bijenvriendelijke planten. Ook bij de keuze van bomen, struiken, klimplanten, bollen en knollen of kruiden en zelfs in de moestuin, kan je als particulier mee het verschil maken door bewust voor een bijenvriendelijke aanplant te kiezen. Boerenbond zet dit namens de Vlaamse siertelers in de verf vermits negen procent van Vlaanderen als tuin in gebruik is door particulieren.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via