nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

21.11.2014 Vlasvezel biedt mogelijkheden voor duurzame materialen

Van oudsher is de vlasteelt een belangrijke teelt in onze contreien. Samen met Frankrijk en Nederland voorziet België in zo’n 80 procent van de wereldproductie. De vezels worden vooral gebruikt in de textielindustrie, maar Inagro nam ons tijdens een studiedag op sleeptouw om nieuwe toepassingen van natuurvezels zoals vlas, maar ook hennep, te leren kennen. Zo bieden onder andere de bouw- en composietsector interessante mogelijkheden. Natuurvezels kunnen kunststof verstevigen en beschikken over goede isolerende eigenschappen. Al moeten er wel nog enkele hindernissen overwonnen worden. Vooral het bewerkingsproces van vlas, dat nu gericht is op de textielindustrie, moet herzien worden.

West-Europa voorziet 80 procent van de wereldwijde productie van vlas. Hoofdproducenten zijn België, Nederland en (voornamelijk) Frankrijk. De teelt had erg te lijden onder de economische crisis van 2004, waardoor het areaal over de drie landen slonk van 100.000 naar 70.000 hectare. Een productiestop kon de neerwaartse prijsspiraal echter tegengaan, waardoor het Belgische areaal stabiliseerde op 11.000 à 12.000 hectare. Twee derde daarvan ligt in Wallonië, een derde in Vlaanderen. In totaal wordt die oogst verwerkt door zo’n 50 vlasbedrijven in België die zich vooral in Oost- en West-Vlaanderen bevinden.

Vandaag worden die vlasvezels vooral uitgevoerd naar China, waar ze gebruikt worden in de textielindustrie. Al wordt momenteel onderzocht hoe natuurlijke vezels als vlas en hennep een toekomst kunnen krijgen in de productie van duurzame materialen in andere industrieën zoals de bouw- en kunststoffensector. Vooral de ecologische voordelen van natuurlijke materialen zoals recycleerbaarheid zijn hier van belang.

De belangrijkste toepassing in de bouwsector zou isolatiemateriaal zijn. “Natuurvezels hebben dezelfde isolerende kracht tegen koude in de winter, maar isoleren beter tegen de warmte in de zomer. Bovendien hebben ze een sterk vochtregulerend vermogen wat bijdraagt tot de duurzaamheid van je woning”, aldus Grow2Build, een project ter promotie van natuurvezels in de bouwsector. Helaas kunnen die natuurlijk vezels momenteel qua prijs nog niet concurreren met gangbare materialen. “Dat komt vooral door hun kleine oplages, verder is er geen reden waarom natuurlijke stoffen duurder zouden zijn. Hoe meer succes ze kennen, hoe goedkoper ze dus zullen worden”.

Ook in de composietindustrie vinden natuurvezels langzaam maar zeker hun weg. Dat bewijst Beologic, een Vlaamse producent van met natuurvezel aangevulde kunststofcomposieten. Zij creëren op vraag van klanten, waaronder IKEA, nieuwe composietmaterialen die steeds op maat van de toepassing gecreëerd worden. Die compounds worden dan in pelletvorm aan fabrikanten van het eindproduct geleverd. De afzetmarkten zijn gevarieerd: van raamprofielen tot terrastegels, wc-brillen en kinderspeelgoed. “Een Deense klant wil met een nieuwe natuurvezelcompound voor stoelen zelfs de concurrentie aangaan met de eigen houtsector in Scandinavië. Dan komt de aanvaarding wel heel dichtbij”, aldus Alex Beyls, prospect & sales manager bij Beologic.

Beologic kijkt trouwens verder dan vlas en hennep. Ook rijstpellen, houtvezels en amandelnoten komen in aanmerking. “Met natuurvezels willen we ecologisch produceren, en dan zou het te gek zijn om voor Afrikaanse klanten met uit Europa geïmporteerd vlas te werken. We proberen de productie geografisch zo geconcentreerd mogelijk te houden. Onze voetafdruk moet op alle niveaus beperkt worden om over een groen product te kunnen spreken”, verduidelijkt Beyls.

Professor Ivens van de KU Leuven, die de studiedag afsloot met een presentatie, is ook overtuigd van de toekomst van vlas en hennep in de composietsector. “Vlas is van nature een zeer sterke en stijve vezel, wat hem uitermate geschikt maakt om kunststoffen te verstevigen. Qua stevigheid zit hij net onder glasvezel, maar hij is even slijtvast en daarbovenop bio-hernieuwbaar. Dat betekent dat de levensduur van een composiet met vlasvezels langer is dan de groeiperiode van vlasplanten. Zo verbruikt de vlasteelt meer CO2 dan dat hij uitstoot, wat de ecologische voetafdruk van vlascomposieten ten goede komt.”

Al zijn er wel nog enkele hinderpalen te overwinnen vooraleer het gebruik van vlasvezels kan doorbreken. Zo is de huidige manier van vlasbewerking gericht op textiel, wat betekent dat de vezels grondig bewerkt worden om ze zo fijn en zuiver mogelijk te maken. Hierdoor wordt de vezel beschadigd en verzwakt, wat minder stevig composiet oplevert want hoe langer en intacter de vezel, hoe beter. Bovendien worden de vezels ook gesponnen en gewoven. Hierdoor zijn de vezels niet meer vlak georiënteerd waardoor slechts 50 procent van hun potentiële kracht benut wordt. Dit textielgericht proces is dus niet geschikt voor vezels die bedoeld zijn voor composietmaterialen. Daarbovenop moet de productiekost lager worden, en moet verder onderzocht worden hoe de vochtopname van de vezels beperkt kan worden.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via