nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

15.06.2016 Wat we kunnen leren van de Duitse Energiewende

Op vlak van hernieuwbare energie is Duitsland één van de beste leerlingen van de Europese klas. Het zijn niet de grote energiebedrijven die die pluim op hun hoed mogen steken, schrijft M-blad, maar de Duitse bevolking. Sinds het land een groen energiebeleid voert, is het aandeel van de coöperaties in de totale elektriciteitsproductie gestegen tot 30 procent. Voordeel van deze burgerparticipatie is dat het ‘not in my backyard’-fenomeen dat traditioneel opduikt bij grote projecten zoals de bouw van windmolens zich veel minder voordoet.

De strijd aangaan met de klimaatverandering en tegelijk een einde maken aan de risico’s van kernenergie en de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen: dat is het doel van het Duitse energiebeleid, ook bekend als de Energiewende. Tegen 2022 wil Duitsland al zijn kerncentrales sluiten, tegen 2020 de CO2-uitstoot met 40 procent terugdringen en de consumptie van primaire energie met 20 procent terugschroeven. Slimme beleidsbeslissingen sinds 1990 zorgden voor de groei van waterkrachtcentrales en windmolenparken, maar het Duitse hernieuwbare-energieprogramma kwam pas echt in een stroomversnelling na de ramp in Fukushima.

M-blad, een tweemaandelijks magazine over milieu, duurzaamheid en innovatie, vestigt de aandacht op het aantal energiecoöperaties dat in korte tijd enorm steeg. Vandaag telt Duitsland er meer dan 800. Die voorzien zo’n 140.000 huishoudens van energie, wat neerkomt op een productie van 830 kilowattuur groene energie per jaar. Het land heeft vandaag zonne- en windcoöperaties aan de ene kant en biomassacoöperaties aan de andere kant. De 500 zonne- en windcoöperaties bundelen hun eigen vermogen met dat van particuliere investeerders en vullen dat aan met vreemd vermogen. Met dit totaalvermogen kopen ze lokale productiecapaciteit aan.

De biomassacoöperaties bezitten en beheren warmtenetten, ter vervanging van hun stookolieverwarming. Plaatselijke landbouwers leveren organische stromen aan de coöperaties die met een kleine biomassacentrale elektriciteit en warmte leveren aan de leden en het net. Dat gebeurt ook in het Nedersaksische Jühnde, het eerste echte bio-energiedorp. Daar gaat 25 procent van de oogst van de acht landbouwbedrijven die het dorp rijk is, naar de biogasinstallatie. Het gaat vooral om graan, triticale en gras.

Het succes van de Duitse energiecoöperaties is volgens experts ook te verklaren door de financiële crisis. Vroeger rekenden veel mensen op de hoge rendementen in de financiële sector, maar door het openspatten van die luchtbel heeft hen doen inzien dat ze hun geld beter investeren in een lokale en duurzame economie en niet langer in internationale olie- en gasconcerns. Ook het toegenomen milieubewustzijn speelt daarin mee.

Het energieproject in Jühnde loopt internationaal in de kijker. Geïnteresseerde experts en leken uit heel de wereld komen naar het dorp om inspiratie op te doen voor het oprichten van een eigen coöperatie. Ook vanuit Vlaanderen is er interesse, maar een studie wees uit dat het principe van het energiedorp niet zomaar kan overgezet worden naar de Vlaamse of Belgische context. Zo verschilt de ruimtelijke ordening in Vlaanderen sterk van de Duitse. In onze regio is er veel meer lintbebouwing. Verder is het landbouwareaal in Duitsland veel uitgestrekter. Ook het woningpark verschilt. De Vlaamse woningen zijn gemiddeld al veel beter geïsoleerd en we beschikken over een uitgebreid aardgasnetwerk.

Wel kunnen we van Jühnde iets leren op sociaal-maatschappelijk vlak, aldus het rapport. De grote betrokkenheid van omwonenden en de bewustmaking van de biomassaleveranciers over de waarde van hun stromen zijn essentieel. Energiecoöperaties overstijgen het individualisme in onze samenleving. De Energiewende schept mogelijkheden voor mensen om dingen samen te doen en de Duitsers zijn daar klaarblijkelijk vatbaar voor. Zo’n stevig draagvlak is de beste remedie tegen het ‘not in my backyard’-fenomeen. De weerstand van omwonenden tegen grote projecten zoals windmolens, kan verholpen worden door hen er actief bij te betrekken.

Meer informatie: Mblad, een uitgave van Pantarein Publishing

Bron: Mblad

Volg VILT ook via