nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

Agrarisch natuurbeheer wordt hightech
03.09.2018  Weidevogeldrone

Landbouw is volgens de Vlaamse dronecluster EUKA één van de sectoren die nog veel plezier gaat beleven aan drones. Mogelijke toepassingen zijn gewasmonitoring ter detectie van bijvoorbeeld droogtestress of ziekten, plaats-specifiek bemestingsadvies op basis van dronebeelden, vaststellen van wildschade, enz. Ook op het raakvlak tussen landbouw en natuur kunnen drones hun nut bewijzen. Het Agrobeheercentrum Eco² verkent de mogelijkheid om drones in te schakelen ter bescherming van weidevogels. In de buurt van Hoogstraten werd gedemonstreerd hoe een drone met warmtecamera een vogelnest in lang gras kan spotten.

In het kader van het draagvlakproject ‘boerenlandvogelbescherming’ onderzoekt Agrobeheercentrum Eco² of drones het agrarisch natuurbeheer naar een hoger niveau kunnen tillen. Samen met de resultaatgerichtheid van het landbouw- en natuurbeleid neemt ook het belang van monitoring toe. Het volstaat niet langer dat boeren inspanningen doen voor de biodiversiteit, die inspanningen moeten ook aantoonbaar vruchten afwerpen op het terrein.

Omgekeerd is het kunnen voorleggen van resultaten ook nodig om meer landbouwers te enthousiasmeren voor agrarisch natuurbeheer. Eco²-secretaris Bart Schoukens verwoordt het zo: “Een landbouwer is een ondernemer die je met resultaten moet overtuigen van het belang om als individu en sector aan meer natuur te werken. Door het Europees landbouwbeleid uit het verleden is hij immers jarenlang ingeprent dat hij uitsluitend moest focussen op het economische aspect.”

Lees ook: Monitoring wordt belangrijk voor agrarisch natuurbeheer

De koepelorganisatie van de agrobeheergroepen (groepen landbouwers die lokaal aan natuurbeheer doen, nvdr.) meent dat moderne technologie een uitkomst kan bieden voor het anders zo tijdrovend meten van de impact van de natuurbeheer. De mosterd haalt Eco² in Nederland, waar drones ingeschakeld worden in het weidevogelbeheer. Marco Renes van natuurvereniging Brabants Landschap kwam dat toelichten op vraag van het Agrobeheercentrum en de provincie Antwerpen.

“Op basis van een hoge resolutie warmtecamera en speciale herkenningssoftware worden nesten en weidevogels herkend ten opzichte van hun koudere omgeving”, legt Renes uit. “ Op die manier kunnen maatregelen ter bescherming van de weidevogels (bv. verlaat of aangepast maaien) doelgericht ingezet worden op die plaatsen waar het meeste resultaat kan bereikt worden en waar het voor de landbouwer zo min mogelijk impact heeft op zijn bedrijfsvoering. Zo kunnen landbouw en natuur meer naar elkaar toe groeien.”

drone_ABCEco2.jpg

Op een veld vlak over de grens in Nederland werd het kunnen van de weidevogeldrone gedemonstreerd met behulp van een emmer warm water die voor de gelegenheid moest doorgaan voor een vogelnest. Hoewel het al laat op de namiddag was en de omgevingstemperatuur daarom hoger dan ideaal was, had de drone geen moeite met het detecteren van de warmtebron. Dergelijke drone kan heel het jaar worden ingezet in functie van agrarisch natuurbeheer. In het voorjaar spoort de drone vogelnesten op en later op het jaar helpt hij maaislachtoffers (bv. reekalfjes) vermijden. In het najaar kan de focus verlegd worden op het detecteren van wildschade en everzwijnenpopulaties.

Ondertussen heeft elke Nederlandse provincie de drone als weidevogelbeheerder ontdekt en zijn er zowat 15 actief in het beheer. Ze worden ook ingeschakeld voor tellingen van everzwijnen en grauwe ganzen die schade aan landbouwpercelen berokkenen. In Nederlands Brabant krijgen de 700 natuurliefhebbers nu versterking van één drone. Samen zoeken ze naar nesten van vooral kievit en wulp. “Zelfs voor geoefende vrijwilligers is het lastig om een nest te vinden. Het wordt een heel stuk eenvoudiger wanneer een drone live meekijkt terwijl zij naar het nest toe stappen”, vertelt Marco Renes.

Drie natuurbeschermers uit Brabant volgden de opleiding tot dronepiloot. Het toestel werd met de financiële steun van de provincie aangeschaft - iets wat de provincie Antwerpen ook voor onze regio wil bekijken. Dat moet binnen de geldende subsidievoorwaarden van bijvoorbeeld een LEADER-plattelandsproject bekeken worden. Renes benadrukt dat een drone geen alleskunner is, en menselijke bijstand noodzakelijk blijft. Op de beelden van een warmtecamera kan namelijk best veel ‘ruis’ zitten van andere warmtebronnen. Het gebeurde bijvoorbeeld al meer dan eens dat de drone de vrijwilligers in de richting van een dampende koeienvlaai dirigeerde.

De afgelopen twee jaar is aan de herkenningssoftware gesleuteld om andere warmtebronnen dan vogelnesten eruit te filteren. Door voor zonsopkomst te vliegen, kan het probleem voor een stuk omzeild worden. De omgevingstemperatuur is dan lager zodat de drone preciezer zijn werk kan doen. De natuurliefhebbers annex dronepiloten dienen nog met andere beperkingen rekening te houden. “Bij regen of windvlagen kunnen we niet vliegen, en we dienen de vliegbeperkingen in het luchtruim te respecteren.” De voordelen wegen echter ruimschoots op tegen de nadelen zodat Nederlandse natuurbeschermers hun drone niet meer zouden kunnen missen. “Vogelbeschermer blij, boer blij en de weidevogels blij”, maakt Marco Renes de balans op van de ‘weidevogeldrone’.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Agrobeheercentrum Eco²

Volg VILT ook via