nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

04.07.2019 Welke voorschriften gelden nabij hoogspanningslijn?

Naar aanleiding van het Ventilus-project zitten veel West-Vlamingen met vragen omtrent de veiligheid van een hoogspanningsinstallatie. Ook landbouwers, want nieuwe bovengrondse infrastructuur zou akkers en weiden doorkruisen. Wat zou dat betekenen voor hun veldwerkzaamheden? Hoe (on)veilig is het bijvoorbeeld om in de buurt van hoogspanning een brede spuitmachine open te vouwen of met een beregeningshaspel water te sproeien? Het vakblad GreenTechPower heeft veel bosbouwers en andere professionelen onder de lezers die wel vaker risicovolle werkzaamheden uitvoeren in de buurt van hoogspanningsleidingen. De redactie ging daarom op zoek naar antwoorden. Op de website van Elia vind je trouwens een brochure die meer inzicht geeft in de gevaren en specifiek voor de landbouwsector de veiligheidsaanbevelingen opsomt.

Bij hoogspanning is het niet eens nodig om de draden aan te raken om geëlektrocuteerd te worden. Men kan vanop afstand getroffen worden. “Het gevaar van bovengrondse hoogspanningslijnen en de veiligheidsafstand worden zwaar onderschat”, schrijft GreenTechPower. Aangezien dat vakblad lezers heeft die vaker dan de doorsnee Vlaming risico lopen – denk aan tuinaannemers en bosbouwers die met hoogtewerkers en andere grote machines aan de slag gaan – informeert de redactie over de gevaren in de buurt van hoogspanningsinstallaties.

Met machines is het zaak van heel voorzichtig te zijn. Een veiligheidsafstand van circa zeven meter (Elia schrijft minimum 6,8 meter voor bij hoogspanningslijnen van 380 kV maar dicteert uit voorzorg overal minstens 10 meter, nvdr.) tot de leidingen moet worden aangehouden, zo staat te lezen. Korter mag geen enkel object komen, zelfs niet voor even. “Anders bestaat het risico van een elektrische boog. Dat is een fel verlichte gasflits van een boogontlading, gecombineerd met een hoge stroomsterkte en warmteontwikkeling, ook wel kortsluiting genoemd.” Het vakblad wijst zijn lezers er nog op dat de geleiders kunnen uitzetten bij hoge temperaturen zodat de afstand tot de grond verkleint.

Specifiek in West-Vlaanderen rijzen heel wat vragen over de veiligheid van bovengrondse hoogspanningslijnen naar aanleiding van het Ventilus-project van transmissienetbeheerder Elia. Behalve buurtbewoners zijn ook boeren ongerust want zij kunnen op vandaag moeilijk inschatten welke gevaren een hoogspanningsinstallatie die over hun percelen loopt met zich meebrengt. De website van Elia en een brochure over het veiligheidsrisico kunnen mogelijk al een aantal vragen beantwoorden.

Hoe groter de spanning (die kan variëren van 30.000 tot 380.000 Volt), hoe groter ook de veilige afstand die men moet bewaren. Naargelang het type hoogspanningslijn zijn de te respecteren afstanden 3,7 meter ofwel 4,5 meter ofwel 6,8 meter bij 380kV-kabels. Elk voorwerp dat dichter komt, kan een dodelijke elektrische vlamboog veroorzaken. Onderaan elke hoogspanningsmest hangt een plaat. Elia legt in deze brochure uit dat de eerste cijfers die daarop staan het spanningsniveau weergeven, bijvoorbeeld 70 kV of 380 kV. Omdat het niet steeds duidelijk is met welk spanningsniveau men te maken heeft, gebiedt Elia in zijn brochure om altijd een veilige afstand van minstens tien meter te respecteren.

“Die tien meter is de veiligheidsperimeter die voorzichtigheidshalve ingegeven wordt door het worst-case-scenario”, vertelt Philip Verhegge van het Contact Center Noord van Elia. “Rekening houdend met landbouwactiviteiten die frequent plaatsvinden onder hoogspanningslijnen kunnen we een advies op maat verstrekken. Aan de landbouwers die actief zijn in de buurt van de Stevin-verbinding die het 380.000 Volt-net uitbreidt tussen Zomergem en Zeebrugge, is bijvoorbeeld gecommuniceerd dat ze altijd over een veilige doorrijhoogte van vijf meter beschikken. Zo kunnen ze er zeker van zijn dat de 6,8 meter afstand tot de hoogspanningslijn altijd gerespecteerd wordt. Voor een landbouwer is dat soms lastig in te schatten, ook al omdat hoogspanningslijnen bij een hoog verbruik opwarmen en gaan doorhangen.”

Hijskranen die te dichtbij komen, zijn volgens Elia de belangrijkste oorzaak van ongevallen. Grote voorzichtigheid is daarom geboden met kranen, hoogtewerkers, ladders en andere toestellen die hoog en ver reiken. In een landbouwcontext zijn dat bijvoorbeeld de machines die gebruikt worden om hooi- en strobalen te laden. Specifiek naar land- en tuinbouwers toe schrijft Elia: “Wees uiterst voorzichtig met landbouwmachines die hoger dan manshoogte kunnen reiken. Ook bij het gebruik van sproei-installaties moet rekening gehouden worden met de veiligheidsafstand. Zelfs kleine vernevelde waterdeeltjes vormen immers een uitstekende geleider.” Landbouwers die veldwerkzaamheden verrichten in de buurt van hoogspanningslijnen en onzeker zijn over de veiligheidsvoorschriften, kunnen steeds het Contact Center van Elia bellen op het nummer 03/640 08 08.

Bron: eigen verslaggeving / GreenTechPower

Beeld: Loonwerk Defour

Volg VILT ook via