nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

02.03.2018 Weyts begrijpt waarom sector castratiestop uitstelt

Met een enquête waarin de Vlaming zich uitspreekt voor een castratiestop herinnerde GAIA de Vlaamse regering aan de belofte uit het regeerakkoord om daar wat aan te doen. De voorstelling ervan lokte toen een aantal Vlaamse parlementsleden, en zij hebben de discussie nu voortgezet in de commissie Dierenwelzijn. Els Robeyns (sp.a) liet aan minister Ben Weyts haar ongeduld blijken, en ook Bart Caron (Groen) verlangt een deadline. Weyts toont vooral begrip voor de inspanningen die de sector levert – een groot deel van de varkens bestemd voor de binnenlandse markt wordt intussen niet meer chirurgisch gecastreerd – en voor de zorgen die er leven omtrent de export naar Duitsland en China.

Net zoals GAIA wil Els Robeyns (sp.a) weten waarom het Vlaams regeerakkoord nog niet is uitgevoerd waar het stipuleert dat er vanaf 2018 een verbod op biggencastratie zou komen. “Ik veronderstel dat het nog altijd de bedoeling is om tot een verbod te komen”, werpt ze minister van Dierenwelzijn Ben Weyts voor de voeten. Robeyns was er bij toen GAIA een enquête voorstelde waaruit moet blijken dat de doorsnee Vlaming deze praktijk maar niets vindt. Marktonderzoeksbureau IPSOS informeerde de respondenten eerst over het hoe en waarom van biggencastratie. De man in de straat weet namelijk niet dat vlees van mannelijke varkens een onaangename geur kan produceren na verhitten, en dat de varkenshouders dit kwaliteitsprobleem vermijden door de biggen te castreren.

“Wetenschappelijk is bewezen dat het voor de dieren die het ondergaan zeer pijnlijk is, zelfs al worden ze verdoofd tijdens de ingreep”, zegt Robeyns. Ze noemt ook de twee alternatieven: immunocastratie (vaccineren met Improvac, nvdr.) en het intact laten van de beren. Op dag van vandaag is het de sector niet gelukt om de volledige Belgische varkensproductie, althans de mannelijke dieren, over te schakelen op één van beiden.

Vlaams dierenwelzijnsminister Ben Weyts legt uit dat 1 januari 2018 de streefdatum was om in heel Europa een einde te maken aan de chirurgische castratie van biggen. Hij voegt er meteen aan toe dat de sector daar randvoorwaarden aan vastkoppelde, waaronder een snelle detectiemethode voor berengeur aan de slachtlijn. Er hoeft immers maar één ‘stinker’ door de mazen van het net te glippen om tientallen consumenten voor lange tijd een dégout van varkensvlees te bezorgen.

Weyts: “Die voorwaarden zijn vandaag niet vervuld. Daar waar in een aantal landen wel inspanningen werden geleverd om te gaan naar een verbod op het chirurgisch castreren van varkens is dat in de meeste landen niet het geval. Ook de Europese Commissie heeft de rol gelost en neemt geen enkel initiatief meer. Het kleine Vlaanderen heeft dan maar zelf het initiatief genomen om dat overleg te reactiveren. Ook in Vlaanderen zitten we met alle spelers in de keten regelmatig samen om de druk hoog te houden.”

Hij wil benadrukken dat de varkenssector al heel wat inspanningen heeft geleverd. Het beste bewijs daarvan is dat een groot deel van de varkens bestemd voor de binnenlandse markt intussen niet meer chirurgisch gecastreerd wordt. “Er is vooral gekozen voor immunocastratie, en in mindere mate voor het fokken van intacte beren”, weet de minister. Moeilijker ligt het voor de varkens die voor export bestemd zijn, met name naar Duitsland en China. “Op de Duitse markt is de mentaliteit aan het keren. Wat China betreft, is het minder duidelijk of vlees van immunogecastreerde varkens nu al dan niet aanvaard wordt. In de sector, bij ons in Vlaanderen, bestaat de indruk dat dat niet zo is, maar ik heb daar nooit een schriftelijke en formele bevestiging van gekregen. Daarom heb ik het initiatief genomen om de Chinese ambassadeur ter zake om opheldering te vragen.”

Stel dat het Improvac-vaccin moeilijk ligt voor China, dan zou de varkenssector dat kunnen omzeilen door intacte beren af te mesten. Dat kan je niet doen zonder een sluitende detectiemethode van berengeur aan de slachtlijn. Zo verklaart Weyts zijn initiatief voor meer onderzoek, “ook daar nemen we als kleine Vlaanderen het voortouw in Europa”. Voor het onderzoek naar detectiemethodes trok hij iets meer dan 100.000 euro uit.

Het punt dat hij wil maken, is dat een verbod op biggencastratie complexer is dan het lijkt, “wat niet betekent dat wij niet blijven toewerken naar een verbod”. Een antwoord waar Robeyns geen vrede mee kan nemen omdat al meer dan tien jaar gezegd wordt dat het complex is. “Eerst zijn er geen vaccins, dan zijn vaccins geregistreerd, dan is er – uiteraard – overleg nodig, dan is er een datum voor 2018, maar die wordt dan niet wettelijk opgelegd. Dan is het omdat er heel veel export naar Duitsland is, en nu het draagvlak in Duitsland groeit, komen we bij China. Zo kunnen we natuurlijk nog wel een tijdje bezig blijven. Zo zullen we volgens mij nooit tot de essentie komen, namelijk een verbod.”

Collega-parlementslid Bart Caron (Groen) maakt de vergelijking met de automarkt, waar fabrikanten weten dat ze moeten toewerken naar een nieuwe emissienorm. “Ik vind dat Europa, en u in Vlaanderen, een deadline moet bepalen, zodat de markt zich daarop kan enten en de nodige voorbereidingen kan treffen. Er is immunocastratie, er zijn technieken met veevoeder en er loopt onderzoek over de detectie van berengeur. Kortom, er zijn elementen genoeg die verantwoorden dat er een deadline wordt bepaald.”

CD&V-parlementslid Bart Dochy gelooft dat het een kwestie van tijd is vooraleer exportmarkten vlees van niet-gecastreerde varkens toelaten. Daarom vraagt hij om de sector niet vast te pinnen op een deadline enerzijds, en anderzijds samen in te zetten op sensibilisering van de afnemers in het buitenland. Hij is bevreesd voor een commercieel en economisch drama indien de Belgische varkenssector massaal beren gaat vetmesten zonder de zekerheid dat ‘stinkers’ er aan de slachtlijn uitgehaald worden.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via