nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

02.02.2018 Woestijnvorming is ook in Europa een reden tot zorg

Woestijnvorming is tegelijk een gevolg en een oorzaak van klimaatverandering. Het fenomeen is ook het gevolg van niet-duurzaam landbeheer. Grond verliest door verwoestijning de capaciteit om koolstof op te slaan zodat op die manier het klimaatprobleem nog verergert. Moeten we ons daar in Europa zorgen over maken? Jazeker, want anders zou de Europese Rekenkamer momenteel niet controleren of de EU het risico op woestijnvorming doeltreffend aanpakt. De auditeurs zullen vijf lidstaten bezoeken waar het probleem zich stelt: Roemenië, Cyprus, Italië, Spanje en Portugal.

In het Verdrag van de Verenigde Naties ter bestrijding van woestijnvorming (UNCCD) wordt het fenomeen gedefinieerd als de “aantasting van grond in aride, semi-aride en droge subhumide gebieden door diverse factoren, met inbegrip van klimaatschommelingen en menselijke activiteiten”. Bodemerosie vergroot het risico op woestijnvorming, zeker in combinatie met watertekorten en hoge temperaturen. Woestijnvorming is niet ver-van-mijn-bed in Europa. Het is een reëel risico in een groot deel van Spanje, Zuid-Portugal, Zuid-Italië, Zuidoost-Griekenland, Cyprus, en gebieden van Bulgarije en Roemenië rond de Zwarte Zee.

Uit onderzoek blijkt dat tot 44 procent van Spanje, 33 procent van Portugal, en bijna 20 procent van Griekenland en Italië een groot risico lopen op bodemerosie. Volgens hun nationale actieprogramma ter bestrijding van woestijnvorming bevindt 57 procent van het grondgebied van Cyprus zich in een kritieke situatie met betrekking tot het risico op woestijnvorming. “Woestijnvorming kan leiden tot onvruchtbare bodems, verminderde voedselproductie en een dalend vermogen om koolstof op te slaan”, aldus Phil Wynn Owen, het lid van de Europese Rekenkamer dat verantwoordelijk is voor de controle van de EU-aanpak.

Woestijnvorming kan op zijn beurt weer leiden tot armoede, verergerde gezondheidsproblemen als gevolg van door de wind verspreid stof, en een afname van de biodiversiteit. Mensen, in de eerste plaats landbouwers, die daardoor hun bestaansmiddelen verliezen slaan op de vlucht. Ze zijn een schoolvoorbeeld van klimaatvluchtelingen. Gezien de ernst van het probleem wil de Rekenkamer nagaan of Europa adequaat kan reageren. Dertien lidstaten van de EU hebben tot op heden aan UNCCD verklaard dat ze zijn getroffen door woestijnvorming. De controleurs zullen vijf daarvan bezoeken: Roemenië, Cyprus, Italië, Spanje en Portugal. Het controleverslag wordt naar verwachting eind dit jaar gepubliceerd.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via