nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

24.10.2018 Wringt kunstmest met circulaire economie - of net niet?

Meer dan 30 procent van de minerale stikstofmestproductie in België komt voort uit geïntegreerde processen van diverse sectoren. Nutriënten die beschikbaar komen uit andere industriële processen worden benut als grondstof voor minerale meststoffen. Bij de voorstelling in Antwerpen – draaischijf van 3,7 miljoen ton kunstmest per jaar – van de brochure die de minerale meststoffensector voorstelt, maakte zich een nieuw lid van sectorfederatie BELFertil bekend. Lanxess is een Duits chemieconcern dat in het Antwerpse havengebied tussenproducten maakt voor plastics en rubbers die voornamelijk in de auto-industrie worden gebruikt. Een belangrijk nevenproduct is ammoniumsulfaat, dat wordt gebruikt als meststof.

Beleidsmakers hebben de mond vol van een circulaire economie, maar schrijven tezelfdertijd een mestactieplan dat enerzijds verwerking en export van dierlijke mest verplicht en anderzijds diezelfde boeren dwingt om kunstmest aan te wenden. Het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM) zou graag zien dat bepaalde eindproducten van mestverwerking hetzelfde statuut als kunstmest krijgen, maar heeft dat vooralsnog niet voor elkaar gekregen. Is de aanwending van minerale meststoffen in Vlaanderen een aanfluiting van de circulaire economie gelet op de meer dan 120 miljoen kilo stikstof en 60 miljoen kilo fosfaat aan dierlijke mest die hier jaarlijks geproduceerd wordt? Niet volgens BELFertil, omdat ook de meststoffenindustrie inzet op nutriëntenrecuperatie en nevenstromen van industriële productieprocessen op de markt brengt als meststof.

De meststoffenindustrie benut zijn expertise om gerecupereerde mineralen als grondstof te gebruiken voor kunstmest, soms in pilootprojecten, maar hier en daar ook al in de productie. In een nieuwe brochure over minerale meststoffen verwijst sectorfederatie BELFertil ook naar het hergebruik van CO2 als grondstof, zoals bij de productie van ureum en calciumcarbonaat. Tijdens het productieproces van stikstofhoudende meststoffen via het Haber-Boschprocedé komt namelijk altijd CO2 vrij.

Die CO2-emissie kan bijvoorbeeld benut worden in de serres van een naburig glastuinbouwbedrijf. In Nederland bestaat daar een praktijkvoorbeeld van. Een meer gebruikelijke toepassing van de CO2 van meststoffenfabrieken is carbonisatie. Dat is het onder hoge druk toevoegen van koolzuurgas in frisdranken, spuitwater en bier. Dranken krijgen hierdoor hun verfrissende smaak. Ondanks de praktijkvoorbeelden geeft BELFertil aan dat meststoffenfabrieken nog te weinig stimulansen ervaren bij het hergebruik van CO2, en vooral veel wettelijke (en technologische) beperkingen.

Om de klimaatimpact van minerale meststoffen te beschrijven, start BELFertil zijn verhaal bij het Europese emissiehandelssysteem (ETS) dat de hoeksteen vormt van het industriële klimaatbeleid. De minerale meststoffensector is rechtstreeks betrokken bij de ontwikkeling van ETS, zeker wat de basisproducten ammoniak en salpeterzuur betreft, aangezien dit allebei bouwstenen zijn voor de productie van bijna alle minerale meststoffen. De uitstoot van broeikasgassen bij de productie van kunstmest in Europa is sinds 2005 met de helft gedaald. “De Belgische meststoffenfabrikanten doen nog net wat beter”, zegt Peter Jaeken, secretaris-generaal van BELFertil. Dat betekent dat de minerale meststoffensector nu al de uitstootdoelstelling heeft bereikt die de EU had vastgelegd voor 2030. Op dit moment wordt ongeveer drie procent van het wereldwijde gasverbruik en ongeveer één procent van alle energieverbruik benut om minerale meststoffen te produceren.

Ook indirect is de sector betrokken bij het klimaatbeleid en dat via de landbouw, een zogenaamde ‘non-ETS’-sector die geen deel uitmaakt van het emissiehandelssysteem. “De meststoffenindustrie stak tot dusver vooral veel energie in het verkleinen van de klimaatvoetafdruk van het eigen fabricageproces, en wil in de toekomst nog meer inzetten op lagere emissies bij het gebruik van minerale meststoffen op de velden”, aldus Jaeken. Innovatieve en klimaatvriendelijke producten die de meststoffenindustrie aanbiedt aan de land- en tuinbouw zijn bijvoorbeeld slow release samengestelde meststoffen (vooral populair in de sierteelt, nvdr.) en ureum waaraan nitrificatieremmers zijn toegevoegd. Ook stikstofsensoren die de gewasbehoefte meten en helpen om de meststoffengift daar plaats-specifiek op af te stemmen, verkleinen de CO2-uitstoot van de landbouw.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Lanxess

Volg VILT ook via