nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

21.12.2015 WTO-deal maakt komaf met exportsubsidies voor landbouw

Tijdens een vergadering in Nairobi hebben de WHO-landen een “historisch” akkoord gesloten dat juridisch bindende afspraken bevat voor het afschaffen van exportsubsidies op landbouwproducten. De rijkere landen schaffen alle landbouwsubsidies meteen af, terwijl ontwikkelingslanden, waaronder ook Brazilië, China en India, tot 2018 de tijd krijgen. Ook voor exporterende staatsbedrijven werden de regels aangescherpt. Volgens WHO-directeur-generaal Roberto Azevêdo is het de “meest significante uitkomst op landbouwgebied” in de twintigjarige geschiedenis van de organisatie.

De lidstaten van de Wereldhandelsorganisatie (WHO) hebben in Nairobi afgesproken om wereldwijd exportsubsidies voor landbouwproducten af te schaffen. De rijkere landen zullen dat meteen doen, voor ontwikkelingslanden wordt er een overgangsperiode ingebouwd. Vooral voor ontwikkelingslanden is dit een belangrijke beslissing; zij moesten op exportmarkten tot nu toe concurreren tegen gesubsidieerde concurrentie. Bovendien gaan de afspraken verder dan exportsubsidies alleen. WTO-landen krijgen ook minder ruimte om exporterende bedrijven met bijvoorbeeld goedkoop krediet te steunen.

Ook voor exporterende staatsbedrijven worden de regels aangescherpt, wat dan weer goed nieuws is voor het Westen. Denk bijvoorbeeld aan grote agrarische exporteurs die in staatshanden zijn, zoals het Chinese COFCO, dat een belangrijke rol speelt in de internationale handel in graan en soja. Daarnaast zijn nog niet nader gespecificeerde afspraken gemaakt, speciaal voor ontwikkelingslanden. Een 'special safeguard mechanism' maakt dat deze landen het recht krijgen de markt af te schermen bij snel dalende prijzen of een plotselinge instroom van buitenlandse producten. De minst ontwikkelde landen krijgen ook het recht vanaf volgend jaar heffings- en quotumvrij katoen naar rijke landen te exporteren.

India krijgt na jarenlang agressief onderhandelen zijn zin en mag volgens de afspraken agrarische voorraden blijven aanleggen en managen om markten te stabiliseren en voedselzekerheid te garanderen. Het beleid was eigenlijk in strijd met eerdere afspraken over een maximale hoeveelheid steun die het land mag geven aan boeren, maar wordt nu dus definitief getolereerd. Verder rijst de vraag of de zogenaamde Doha-ronde die moet leiden tot een Wereldhandelsverdrag wordt voortgezet. Europa en de Verenigde Staten lijken aan te sturen op meer beperkte en specifieke onderhandelingen. Wel werd in de slotverklaring opgenomen dat de WTO een 'centrale rol' moet blijven spelen bij het liberaliseren van handelsstromen.

Vanuit de Europese delegatie, geleid door handelscommissaris Cecilia Malmström en landbouwcommissaris Phil Hogan, weerklonken heel wat positieve geluiden. Het bekomen van een level playing field was een topprioriteit, zo klinkt het. “Deze onderhandelingsronde bewijst aan de sceptici de relevantie van de WHO”, aldus Malmström. “Deze deal opent perspectieven voor meer handel en investeringen en versterkt het wereldwijde handelssysteem.”

“Dit akkoord is goed nieuws voor de Europese landbouw, maar ook voor boeren in ontwikkelingslanden”, aldus landbouwcommissaris Hogan. “We hebben onze doelstellingen gerealiseerd. De voorbije jaren heeft Europa steeds aan de kar getrokken om exportsubsidies aan banden te leggen. Voor het eerst zijn hier nu bindende afspraken rond die zullen zorgen voor een gelijk speelveld, wat uiteindelijk ook de Europese exporteurs ten goede zal komen. Daarnaast is het een opsteker dat onze concurrenten deze regels niet zullen kunnen omzeilen via staatsbedrijven.”

Alle nieuws over de WTO-conferentie in Nairobi vind je hier

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: WTO

In samenwerking met: Boerderij

Volg VILT ook via