nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

21.09.2016 30% minder vollegrondsgroenten in Noordwest-Europa

PROFEL, de Europese associatie van groente- en fruitverwerkers, rapporteert ernstige opbrengstverliezen voor groenten in Noordwest-Europa. De combinatie van twee extreme weerpatronen in hetzelfde groeiseizoen heeft geleid tot opbrengstdervingen van 25 tot bijna 40 procent. “Vlaanderen is zelfs bij de zwaarst getroffen regio’s in vergelijking met de ons omringende landen”, zegt Romain Cools, secretaris van Vegebe, de Federatie van de Belgische groenteverwerking en handel in industriegroenten.

Zowel in juni als in juli verspreidde PROFEL al berichten dat de hevige regens van mei en juni de oogst van verschillende vollegrondsgroenten hypothekeerde. “Maar de aanhoudende droogte die ons tot vandaag treft, heeft de situatie alleen maar verergert. De opbrengstverliezen die we in juli communiceerden, zijn nog toegenomen”, stelt de associatie. Nu de oogst van de meeste groenten achter de rug is, ziet PROFEL zowel in België, Nederland, Frankrijk, Duitsland als Groot-Brittannië ernstige opbrengstdervingen. België is zelfs bij de ergst getroffen regio’s.

Voor erwten spreekt de Europese associatie van een gemiddeld verlies van 31 procent en voor spinazie van 30 procent. Voor wortelen is de oogst 37 procent kleiner dan gemiddeld. De oogst van bonen die volop aan de gang is, laat verliezen zien van zeker 25 procent. “Maar die situatie verslechtert van dag tot dag. Door de droogte zien we een versnelde afrijping van de bonen in het veld waardoor de oogstplanning van de verwerkende fabrieken onder druk komt te staan. Percelen die niet tijdig geoogst kunnen worden, zijn onherroepelijk verloren”, weet Cools.

Ook voor andere groenten zoals bloemkool, pompoen, koolraap, rode kool, schorseneer, spruiten, pepers en boerenkool worden verliezen opgetekend tot 25 procent. Hoewel andere regio’s in Europa niet zo getroffen werden door de overvloedige regens van juni, werden zij toch geconfronteerd met behoorlijk hoge temperaturen. Onder meer in Oost- en Zuid-Europa zorgde dit voor opbrengstdervingen van broccoli, bonen, erwten en zoete maïs.

Deze uitzonderlijke weersomstandigheden doorheen het hele groeiseizoen bezorgen zowel de telers als de verwerkers heel wat kopzorgen. In de groenteverwerking wordt voor 90 procent met contracten gewerkt. De telers worden betaald per geoogst volume dus het is duidelijk dat zij dit seizoen veel minder zullen verdienen. “Wanneer zij hun gecontracteerde volumes niet kunnen leveren, kunnen zij normaal gezien overmacht inroepen en krijgen ze, in tegenstelling tot wat soms wel eens gebeurt in de aardappelverwerking, geen financiële claims wanneer de gecontracteerde volumes niet geleverd worden”, verzekert Vegebe-secretaris Cools.

De groenteverwerking volgt bovendien een heel specifiek verwerkings- en verpakkingsritme. Dat ritme is helemaal door elkaar gegooid omdat de plant- en oogsttijdstippen van bepaalde groenten niet konden worden gevolgd. “Dat vraag een enorme flexibiliteit van de verwerkers. Neem nu bijvoorbeeld de bonen, door het droge en warme septemberweer zijn ze vervroegd aan het afrijpen. In de groentesector is de verwerker verantwoordelijk voor de oogst, maar als de bonen niet tijdig uit het veld krijgt door gebrek aan capaciteit, dan moet de verwerker in de meeste gevallen de teler wel vergoeden voor die niet-geoogste bonen”, vertelt Cools. 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via