nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

22.01.2014 Europa wil uitstoot broeikasgassen met 40% indijken

De Europese Unie moet de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met 40 procent indijken in vergelijking met 1990. Dat is de doelstelling die de Europese Commissie woensdag naar voren heeft geschoven om de strijd tegen de klimaatverandering na 2020 vorm te geven. Het aandeel van hernieuwbare energie in de Europese energiemix moet stijgen tot 27 procent.

"Wat we vandaag voorstellen, is zowel ambitieus als betaalbaar. Het toont aan dat we het debat hebben overstegen waarin je ofwel groen ofwel een verdediger van de industrie bent", zo verdedigde Europees Commissievoorzitter José Manuel Barroso het pakket op een persconferentie met de EU-commissarissen Günther Oettinger (Energie) en Connie Hedegaard (Klimaat).

De milieuorganisaties hadden nochtans meer ambitie bepleit. Volgens hen wijst de wetenschap uit dat de Europeanen de uitstoot tegen 2030 met 60 procent moeten indijken om de opwarming van de aarde te beperken tot 2 graden Celsius. Barroso stelde dat Europa die norm niet loslaat. Een reductie met 40 procent is volgens hem echter de meest "kostenefficiënte" optie om van Europa tegen 2050 een zo goed als koolstofvrije economie te maken.

Barroso pleitte ook voor politiek realisme. Geen enkele regering wou verder gaan dan 40 procent en landen als Polen en grote energieverslindende industrieën willen helemaal geen doelstellingen. Ook binnen de Commissie was er veel getouwtrek. Zo gaf Oettinger ruiterlijk toe dat hij 35 procent had verdedigd. Barroso en Hedegaard wezen ook op de internationale context, waarin zelfs een koolstofvrij Europa de klimaatverandering niet kan tegengaan. "Als de andere grote economieën iets zouden voorstellen wat ook maar in de buurt komt van onze doelstellingen, zouden we al heel tevreden zijn", zei Hedegaard.

Hedegaard beklemtoonde ook dat de Europese doelstelling enkel via binnenlandse inspanningen gerealiseerd moet worden. Daarvoor zou de uitstoot in sectoren die handelen in uitstootrechten met ongeveer 43 procent moeten dalen in vergelijking met 2005. De Commissie heeft een plan klaar om de uitstoothandel na 2020 stabieler te maken en het overschot aan uitstootrechten aan te pakken. De uitstoot van het transport en andere sectoren buiten de emissiehandel (o.a. landbouw en verwarming van gebouwen) zou met zo'n 30 procent moeten dalen.

Ook het ontbreken van nationale doelstellingen voor hernieuwbare energie drong de Commissie in het defensief. In het huidige klimaatpakket krijgt elke lidstaat een bindende doelstelling opgelepeld. Zo moet België het aandeel van hernieuwbare energie tegen 2020 opkrikken tot 13 procent. Maar nadien valt die nationale doelstelling dus weg en geldt enkel nog een bindende Europese doelstelling van 27 procent. Een nieuw toezichtsmechanisme moet ervoor zorgen dat de nationale inspanningen volstaan om dat doel te halen.

Barroso stelde dat de sector van de hernieuwbare energie intussen veel meer ontwikkeld is dan een zevental jaar geleden het geval was. Uit ervaring leerde de Commissie dat de nationale doelstellingen sterke subsidiëring in de hand werken, met soms concurrentiestoornissen en fragmentatie op de Europese markt tot gevolg. Barroso beklemtoonde evenwel dat regeringen nog steeds nationale doelstellingen mogen formuleren en de sector mogen ondersteunen, op voorwaarde dat de staatssteunregels worden gerespecteerd.

In maart buigen de Europese staatshoofden en regeringsleiders zich over de voorstellen. Ze moeten de Europese bijdrage vormen aan de conferentie van Parijs, waar de internationale gemeenschap eind volgend jaar op zoek gaat naar een nieuw bindend akkoord in de strijd tegen klimaatverandering.

De voorstellen moeten ook nog vertaald worden in wetgevende voorstellen. Dan komt er misschien nog iets bij over energiebesparing. Midden dit jaar evalueert de Commissie immers hoe ver Europa staat in haar streven om tegen 2020 20 procent minder energie te verbruiken. Projecties wijzen uit dat we deze niet-bindende doelstelling allicht niet zullen halen. Inzake hernieuwbare energie zijn de tussentijdse doelstellingen wel gehaald, maar zijn er nog bijkomende inspanningen nodig om in 2020 over de streep te raken.

Persagentschap Belga sprokkelde reacties bij de milieubeweging in eigen land (Bond Beter Leefmilieu, Greenpeace en WWF). Zij vinden het maar een slap klimaatplan. De doelstellingen zijn te zwak om de klimaatverandering te stoppen en "schieten dus flink tekort". De milieuorganisaties pleiten voor 55 procent minder broeikasgassen, 45 procent hernieuwbare energie en 40 procent energiebesparing. Doelstellingen die volgens hen moeten gelden op lidstaatniveau omdat anders de investeringszekerheid in de sector ondermijnd wordt.

Ook staatssecretaris voor Energie Melchior Wathelet (cdH) is niet helemaal te spreken over de voorstellen. Zo betreurt hij dat er geen doelstelling ingebouwd zijn voor energie-efficiëntie en -besparingen. De voorgestelde reductie van broeikasgassen met 40 procent vindt hij “redelijk” en de doelstelling om tegen 2030 27 procent uit hernieuwbare bronnen te halen “een beetje krap”. Wathelet vreest ten slotte dat er na de onderhandelingen tussen de lidstaten nog lagere cijfers uit de bus zullen komen.

Bron: Belga / eigen verslaggeving

Volg VILT ook via