nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

"Prijzenobservatorium zal landbouw helpen"
20.12.2008  Vincent Van Quickenborne - minister van Ondernemen

Een half jaar geleden trokken de boeren naar Brussel. Hun voornaamste eis: transparante prijzen. Intussen staat het prijzenobservatorium in de steigers. Aan minister Q vroegen we hoe belangrijk faire landbouwprijzen voor hem zijn.

De land- en tuinbouwers hebben het gevoel dat ze als laatste schakel in de productieketen een veel lager rendement behalen dan de verwerkende industrie en de distributiesector. Is dat een subjectief aanvoelen?
Vincent Van Quickenborne: Door de jongste hervormingen van het landbouwbeleid worden de land- en tuinbouwers steeds meer blootgesteld aan marktprikkels. De afbouw van het markt- en prijzenbeleid voor een groot aantal landbouwproducten zorgt voor grotere prijsschommelingen dan vroeger, waardoor boeren in een financieel veel minder stabiele omgeving moeten werken.

Dat klopt, maar het is niet de liberalisering van het landbouwbeleid dat ervoor zorgt dat de boeren de zwakste partner in de keten zijn. De producenten van diepvriesgroenten spreken al sinds jaar en dag onderling aankoopprijzen af vooraleer ze de onderhandelingen opstarten met landbouworganisaties. Is dat koosjer?
Ik heb dit concrete geval niet bestudeerd, maar als er inderdaad prijsafspraken worden gemaakt tussen de producenten van diepvriesgroenten, dan raad ik de landbouworganisaties toch aan dringend een klacht neer te leggen bij de Raad voor de Mededinging. Ik moet er wel aan toevoegen dat het niet de bedoeling kan zijn dat de overheid dirigistisch tussen zou komen in normale commerciële relaties die gangbaar zijn tussen leveranciers, verwerkers en handelaars.

In het federaal regeerakkoord werd de oprichting van een prijzenobservatorium ingeschreven. Waarom is die constructie noodzakelijk?
Om de koopkracht van de consumenten en de concurrentiekracht van onze bedrijven te vrijwaren. Het is de bedoeling om een onafhankelijk instrument ter beschikking te stellen van de regering om een beter zicht te krijgen op de correcte en transparante werking van de markt. De prijsstijgingen van midden vorig jaar hebben de nood aan wetenschappelijke en gedetailleerde cijfers perfect geïllustreerd.

Staat u als liberaal niet wantrouwig tegenover dergelijke mechanismen?
Opgelet, het prijzenobservatorium zal geen prijscontroles uitvoeren of prijsblokkeringen opleggen. Haar enige bevoegdheid is de uitvoering van prijsanalyses. De kern van het economisch beleid is en blijft de transparante werking van de markt. Ter ondersteuning van dit beleid moeten de beleidsmakers en de concurrentieorganen over betrouwbare cijfers kunnen beschikken. Zeker in economisch moeilijke tijden is dat geen overbodige luxe.

Toch is het prijzenobservatorium nog altijd niet formeel opgericht. Duurt het allemaal niet wat lang?
Integendeel, in vergelijking met de gemiddelde doorlooptijd van wetsontwerpen zijn we flink op de trappers gaan staan. Het regeerakkoord dateert van maart, terwijl twee maanden later het wetsontwerp al goedgekeurd werd in de ministerraad. Daarna is het voor advies naar de Raad van State gegaan. Nu moet enkel nog de parlementaire procedure afgerond worden. We hebben trouwens de formele besluitvorming niet afgewacht om het prijzenobservatorium in de steigers te zetten. Denk aan de analyse van de melkprijzen die intussen reeds uitgevoerd werd. De trein is eigenlijk al vertrokken.

Wat zal de exacte verhouding zijn tussen het nieuwe prijzenobservatorium en de reeds bestaande Raad voor Mededinging?
Indien de analyses van het prijzenobservatorium aanwijzingen bevatten dat er concurrentieverstorende praktijken plaatsvinden in een bepaalde sector, kunnen de mededingingsautoriteiten ingeschakeld worden. De twee werken dus niet naast elkaar, maar op een ander niveau. Het observatorium zal als knipperlicht functioneren, terwijl de Raad voor de Mededinging als onafhankelijk rechtscollege kan ingrijpen waar nodig. Hoe meer input, hoe beter deze instelling zal functioneren.

Bent u ontevreden over de manier waarop de mededingingsautoriteiten in het recente verleden gewerkt hebben?
Laat ons zeggen dat de nodige slagkracht ontbrak. Daarom heb ik ervoor gezorgd dat er extra personeel komt en dat ze beroep kunnen doen op meer gedetailleerde cijfers dan vroeger het geval was.

Wie zal het prijzenobservatorium bemannen?
De FOD Economie zal de prijsanalyses uitvoeren, weliswaar in samenwerking met het Federaal Planbureau en de Nationale Bank. Door deze werkwijze moeten we geen nieuw instituut oprichten en kunnen we van bij de start beroep doen op heel wat expertise. Er moet nog wel een wetenschappelijk comité met onder meer vier professoren opgericht worden. Dat zal waken over het neutraal karakter van de cijfers en de gebruikte methodologie.

Zal een verongelijkte melkveehouder in de toekomst een analyse kunnen aanvragen bij het prijzenobservatorium?
Een landbouwer die denkt dat er iets niet in de haak is met bepaalde prijzen, kan dit laten weten aan mezelf of aan de ministers Magnette of Laruelle. Indien er inderdaad een probleem lijkt te zijn, kan een van ons drie de opdracht geven aan het prijzenobservatorium om een gerichte prijsanalyse uit te voeren. Daarnaast zal het prijzenobservatorium ook een aantal standaardproducten afleveren, zoals bijvoorbeeld trimestriële rapporten over de prijsevoluties van belangrijke of gevoelige producten uit de korf van de consumptieprijsindex.

Wat zijn uw mogelijkheden als minister om bij te sturen waar de marktwerking op apegapen ligt?
Wanneer er sprake is van een misbruik van machtspositie of prijsafspraken moeten de concurrentieorganen ingeschakeld worden om dit te onderzoeken. Die diensten moeten uiteraard onafhankelijk hun werk kunnen doen.

Bestaan er prijzenobservatoria in andere landen?
In Frankrijk bestaat iets gelijkaardigs. Interessant om weten is dat Europa onze analyse van de melkprijzen heeft opgevraagd. Bij de Europese Commissie groeit immers het besef dat er nood is aan meer informatie om een goed mededingingsbeleid te kunnen voeren en men is duidelijk geïnteresseerd in de manier waarop wij het aanpakken.

Heeft u het gevoel dat sommige ondernemingen van de voorbije stijging van de grondstoffenprijzen misbruik gemaakt hebben om hun prijzen buiten proportie op te trekken, waarna die prijsstijgingen bovendien aangehouden werden op het ogenblik dat de conjunctuur begon te keren?
De regering heeft op dit ogenblik dat gevoel als het over de elektriciteitsprijzen gaat. De olieprijzen zijn fors gedaald, maar de tarieven voor elektriciteit niet. We hebben gevraagd dat het prijzenobservatorium dit samen met de CREG onderzoekt.. Misschien bestaat er een objectieve verklaring voor de hoge elektriciteitsprijzen, maar zolang die gegevens niet voorhanden zijn, blijven de mensen met vragen rondlopen. Wat de melkprijzen betreft, hebben we geen anomalieën kunnen vaststellen: de consumenten in ons land kunnen kiezen tussen dure en goedkope melk. Vanuit het oogpunt van de consumentenbelangen is dat een belangrijke vaststelling.

Toen de Waalse boeren begin september actie voerden bij grootwarenhuizen, heeft de regering alle schakels van de voedselketen rond de tafel gebracht. Hoe scherp is het conflict volgens uw aanvoelen?
Die spanningen waren al voelbaar tijdens de nationale actiedag van de landbouwers in juni. Er was op dat ogenblik duidelijk sprake van nervositeit en wantrouwen tussen de verschillende schakels. Dat is ook de reden waarom we in de schoot van de regering drie werkgroepen opgericht hebben om de problemen van dichtbij en in overleg te bespreken. Ik kan me enkel uitlaten over de werkgroep die zich buigt over de prijzen, waar ik kon vaststellen dat de relaties constructiever werden naargelang er cijfers over de totstandkoming van de melkprijs tevoorschijn kwamen waar alle partijen zich in alle transparantie konden over uitspreken. Uiteraard is het zo dat de landbouw moeilijke tijden beleeft en dat een prijsanalyse niet alle problemen oplost. Maar ik ben ervan overtuigd dat het prijzenobservatorium voor de agrarische sector een welgekomen instrument is.

Bent u tevreden over het rapport dat de studiedienst van de FOD Economie afgeleverd heeft over de prijsvorming in de melkketen?
De experts hebben aangetoond dat ze de capaciteiten hebben om dergelijke complexe analyses te kunnen maken. De betrokken partijen hebben bovendien het geleverde werk op prijs gesteld en de analyse heeft zeker voor een objectivering van het debat gezorgd. En wat me natuurlijk ook tevreden stelt, is dat er geen onregelmatigheden vastgesteld werden en dat de keuzevrijheid van de consument op het vlak van melkprijzen in de winkelrekken gewaarborgd is. Alles kan beter, maar ik ben inderdaad tevreden over deze testcase.

Het ABS heeft meteen na de bekendmaking van de analyseresultaten over de melkprijs laten verstaan dat veel vragen onbeantwoord blijven.
Landbouworganisaties moeten de belangen verdedigen van hun leden volgens de regels van de kunst. Het werk van het prijzenobservatorium stopt bij het afleveren van de analyse. De verdere discussie tussen de verschillende partijen kan nu wel gebeuren op basis van objectieve cijfers, en dat kan het debat alleen maar ten goede komen.

De mededingingsautoriteiten zijn de voorbije maanden gaan aankloppen bij onder meer de frituristen en de bakkers. Wat heeft u geleerd uit die dossiers?
De scheidingslijn tussen wat kan en niet kan, is soms flinterdun. In beide gevallen ging het om een website van beroepsorganisaties die werd gebruikt om leden te informeren over ontwikkelingen op het vlak van kostprijs. In het geval van de bakkersfederatie was de Raad voor de Mededinging van oordeel dat daarbij te ver werd gegaan. De prijs die de bakkers moesten vragen voor hun brood werd kant-en-klaar gepresenteerd, zonder dat met de individuele kostprijs rekening werd gehouden. De Raad vond dat dit neerkomt op een prijsafspraak. De frituristen hanteerden een minder verregaand systeem. De frituurhouders moesten immers zelf hun eigen kosten inbrengen vooraleer ze een prijsadvies op maat ontvingen. De Dienst voor de Mededinging heeft dat in een informeel onderzoek vastgesteld en geoordeeld dat er geen reden was om een formele zaak aan te spannen bij de Raad voor de Mededinging.

Zolang onze prijs afhangt van vraag en aanbod en we onze kosten niet kunnen doorrekenen, geraken we er nooit uit, klinkt het bij het ABS. Bij Boerenbond vraagt men zich af waarom luchtvaartmaatschappijen een brandstoftoeslag mogen aanrekenen van zodra hun kostprijs stijgt.
Het aanrekenen van een brandstoftoeslag in de reissector is een commerciële keuze. De wetgever bepaalt enkel aan welke voorwaarden bij de toepassing van zo’n toeslag moet voldaan worden om de consument te beschermen. De doorrekening van kosten door landbouwers lijkt me voorwerp te zijn van besprekingen die moeten gevoerd worden met verwerkers en handelaars.

Welke concrete initiatieven mogen we de komende maanden verwachten van het prijzenobservatorium?
Naar analogie met de melkprijzen zijn we momenteel bezig met een onderzoek naar de prijsvorming in de vleeskolom. Samen met de energieregulator wordt ook de transparantie van de energieprijzen geanalyseerd. Tegelijkertijd moet de methodologie voor de toekomstige werking nog verder op punt gesteld worden, het wetenschappelijk comité moet samengesteld worden, enzovoort.

Wanneer zal dit project voor u geslaagd zijn?
Als de analyses bijdragen tot een correct zicht op de goederen- en dienstenmarkt en een volwaardige input vormen voor de concurrentieorganen. Net zoals de nationale rekeningen en de economische vooruitzichten moeten ook de prijsanalyses van het prijzenobservatorium uitgroeien tot dé referentie voor de regering en de economische actoren.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via