nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

14.08.2020 Boer laat zich niet kennen door de hitte

De warmste week sinds de start van de KMI-metingen in 1833 is achter de rug. Het was puffen en zweten geblazen voor zowel mens, dier als plant. Tijd om eens te kijken hoe landbouwers omgaan met die extreme warmte en droogteperiodes. Spoiler alert: er komen hogedrukreinigers, zelfgemaakte sproeiwagens, ventilatoren en voedingssupplementen aan te pas.
Met een gemiddelde maximumtemperatuur van 33,47 graden Celsius, gespreid over 7 dagen, hebben we weer een nieuw record gevestigd. Nadat vorig jaar al de warmste dag ooit gemeten werd, de dagtemperatuur klom naar 39,7 graden Celsius op 25 juli, was het nu de warmste week ooit. Het record van langste hittegolf staat wel nog steeds op conto van het jaar 1976, toen goed voor 15 warmtedagen.
 
In 1976 konden we nog spreken van een uitzondering, tegenwoordig wordt het steeds meer de regel. “Het zijn verontrustende cijfers die er nogmaals op wijzen hoe ons klimaat verandert en de atmosfeer opwarmt”, vertelt meteoroloog Pascal Mormal aan De Standaard. “Zware hittegolven met zeer hoge temperatuurpieken zagen we vroeger om de 15 tot 20 jaar. Nu krijgen we bijna elk jaar die intense hitte.”
 
Hoe wapenen landbouwers zich?
 
Slinkende watervoorraden, captatieverboden, lagere opbrengsten door aanhoudende droogteperiodes in het voorjaar, zonnebrand waardoor tot de helft van de appelen- en perenoogst beschadigd is… de impact van de veranderende weersomstandigheden laten zich goed voelen in de landbouw. Toch zijn er ook positieve verhalen van boeren zich er ten volle op voorbereiden.
 
Waterverspilling tegengaan
 
Hoeve ’t Alkeveld in Zottegem draait bijvoorbeeld voor 95 procent op regenwater. Op het melkveebedrijf van Chris en Leen Steenhuyse wordt al het water ook continu hergebruikt. "We vangen al het regenwater dat op de daken van het bedrijf valt op in grote citernes”, vertelt Chris Steenhuyse in Het Laatste Nieuws. “Na een ontsmetting door elektrolyse, een combinatie van elektriciteit en zouten, kunnen we het water hergebruiken voor bijna alle toepassingen in het bedrijf. Zelfs de koeien krijgen hier 100 procent regenwater te drinken. Ze hebben eigenlijk zelf die keuze gemaakt, want vroeger kregen ze leidingwater en konden ze buiten in een tank regenwater drinken. Ze kozen veel vaker voor dat regenwater, waarschijnlijk omdat het zachter is."
 
De opslag is momenteel goed om 1 miljoen liter water op te vangen. Daar stroomt ook het koelwater voor de melk naartoe, dat vroeger gewoon naar de riool liep. Die opslagcapaciteit is geen overbodige luxe want dagelijks verbruikt het landbouwbedrijf ongeveer 20.000 liter water. Er spaarzaam mee omspringen blijft de boodschap, maar dat is voor Steenhuyse de logica zelve. "Landbouwers weten dat ze geen water mogen verkwisten, want ze zijn de eerste die er last van hebben als er een tekort is."
 
Chris en Leen zijn lang niet de enige landbouwers die extra inspanningen doen rond waterbeheer. Volgens de duurzaamheidsmonitor zijn al 44 procent van de melkveehouders overgeschakeld op regen- of oppervlaktewater in plaats van leiding- en grondwater. In 2014 was dat nog 28 procent. Daarnaast hergebruikt 1 op de 8 zijn water via rietvelden, biofilters, waterzuivering of het hergebruik van naspoelwater van de reiniging van de melkinstallatie.
 
Het hoeft niet altijd hightech te zijn
 
Sam Magnus, witloofteler en ondervoorzitter van Groene Kring, zag het droge voorjaar niet met lede ogen aan en ging aan de slag om een sproeiwagen op maat te bouwen. De ideale zaaiperiode voor witloof is tussen 15 en 30 mei. “De zaadjes van de witlofwortels zijn erg klein”, vertelt hij aan De Standaard. “Die liggen in een bodemlaagje van hooguit een centimeter dik. Als dat uitdroogt, dreigt het kiemen te mislukken. De bodem moet er zeker een week vochtig bij liggen.”
 
Het probleem van klassieke sproeiwagens met een haspel is dat ze te veel water verbruiken en te veel druk zetten. “Dat is niet nodig om dat dunne laagje vochtig te behouden. En dus bedachten wij een machine die de regen nabootst en zachtjes minder water over het land laat neerkomen. Eigenlijk is het een tractor met 2 watertanks erop, pompen en bakken met gaatjes erin. Hightech is het niet, maar het doet wat het moet doen.”
 
De resultaten doen wel de wenkbrauwen fronsen. Dankzij de sproeiwagen is het waterverbruik met 80 procent gedaald. Zelf schat hij dat er 10 tot 20 procent meer plantjes uitgekomen zijn.
 
Verkoeling voor dieren
 
Ook voor dieren is een hittegolf verre van aangenaam. Op de belevenisboerderij FarmFun in Bocholt deden de landbouwers er alles aan om de hitte zo draaglijk mogelijk te maken voor hun melkkoeien. De temperatuur in de stal laten ze met ongeveer 3 graden dalen door er met tuinsproeiers continu water op te spuiten. Daarnaast staan 7 ventilatoren opgesteld die lucht blazen onder de golfplaten.
 
Ook de koeien zelf kunnen op verkoeling rekenen. Zij worden natgespoten met een hogedrukreiniger, waarvan de druk uiteraard is aangepast. Het water van de daksproeiers wordt bovendien opgevangen en hergebruikt voor de frisse douche voor de koeien.
 
Die verkoeling kunnen de dieren wel gebruiken. De hitte heeft een enorme impact op de melkproductie, die met meer dan een liter per dag per koe kan dalen. Boerin Caroline Weltjens-Van Dijck maakt zich ook zorgen over de verminderde eetlust. “Dan is de ph-waarde in de pens uit balans”, zegt ze aan Het Belang van Limburg. “Daarom geven we maagzout bij.”
 
Ook in andere boerderijen worden veel inspanningen geleverd om de hoge temperaturen tegen te gaan. Zo worden grote ventilatoren in stallen geïnstalleerd. Ook bij schapenhouder Guido Steegmans uit Lummen die ongeveer 50 lammeren heeft lopen in een recent gebouwde stal. “Er is veel licht en lucht, maar helaas ook veel zonlicht”, zegt hij.
 
Jan Swennen uit Grote-Brogel maakt gebruik van waterverneveling onder hoge druk en extra ventilatie om zijn stallen met 85.000 slachtkuikens af te koelen. Daarnaast geeft hij ze een vitamine C-supplement waardoor ze beter bestand zijn tegen de hitte. Dat krijgen de kuikens van Michaël en zoon Yves Roebben ook. Zij zetten tijdens de zomer ook minder kuikens op stal, waardoor ze meer ruimte hebben. “Eens ze vijf weken oud zijn, doen we aan voederbeperking op de heetste uren van de dag. Een volle maag en krop duwen op het middenrif en dan kunnen ze minder goed ademen. Dit geeft bij hitte een hoger risico op sterfte.”
 
Varkens ten slotte zijn extra gevoelig voor de extreme temperaturen. Zij kunnen niet zweten en hebben veel vet. Daarom investeren varkenshouders enorm veel om hun stallen van de nodige koeling te voorzien. Ook Fons Langens uit Bochelt, die in zijn nieuwe stal voor 2.900 vleesvarkens, met koelunits werkt. “Die units verkoelen de inkomende lucht. In de luchtinlaat van de stal zijn kunststoffen pads geplaatst die continu met water worden besproeid. Het water in die pads verdampt in de passerende lucht. Zo laten we de temperatuur in de stal zakken van 36 naar 28 graden”, legt hij uit.
 
Een portie gezond boerenverstand komt in zo’n periode ook altijd van pas. “Varkens op de heetste momenten met rust laten en niet voederen, want dat vergt allemaal energie. En voor wat extra vocht serveren we hun voeder vochtiger.”

Bron: DS / BvL / HLN

Volg VILT ook via