nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

18.09.2019 Geen gevaar door cumulatief effect van gewasbescherming

De Europese autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) concludeert in een voorlopige risicobeoordeling dat de opgetelde blootstelling van gewasbeschermingsmiddelen via voedsel op dit moment geen gevaar oplevert voor de gezondheid, meldt AgriHolland. Tot nu toe werden de risico’s door residuen van gewasbeschermingsmiddelen per middel ingeschat. Maar als de middelen samen gebruikt worden, kunnen ze een groter risico vormen. Om dat cumulatieve effect te berekenen, hebben het Nederlandse Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en EFSA een nieuwe methode ontwikkeld.
De Europese wetgeving zegt dat de opgetelde effecten moeten meegenomen worden in de risicobeoordeling. In een voorlopige beoordeling concludeert EFSA nu dat de opgetelde blootstelling via voedsel geen gevaar oplevert voor de volksgezondheid. Het Nederlandse RIVM schaart zich achter deze conclusie. Het maakte inschattingen voor gewasbeschermingsmiddelen die een impact kunnen hebben op het zenuwstelsel en de schildklier. Zo blijkt de blootstelling van jonge kinderen aan middelen die op het zenuwstelsel kunnen werken, hoog te zijn. Maar er ontbreekt informatie om een volledige inschatting te kunnen maken.
 
Hoeveel resten van gewasbeschermingsmiddelen op bewerkte producten zitten, weten we niet. Het restant vermindert door bewerkingen zoals schillen, koken of tot sap verwerken maar de mate waarin dit afneemt, is niet bekend. Om onderschatting te vermijden, wordt daarom steeds uitgegaan van de meest ongunstige situatie. Zo wordt in de huidige risicobeoordeling voor bijvoorbeeld appelsap de hoeveelheid gewasbeschermingsmiddel gebruikt die op een onbewerkte appel zit. De eigenlijke blootstelling wordt op die manier overschat.
 
EFSA heeft een risicobeoordeling gemaakt op basis van de blootstellingsberekening van het RIVM en komt tot de conclusie dat de blootstelling is overschat door de ontbrekende informatie. De optelsom werd vergeleken met het beschermingsdoel dat door de Europese Commissie is vastgelegd. Dit doel impliceert dat de blootstelling van 99,9 procent van de bevolking aan residuen van gewasbeschermingsmiddelen minstens 100 keer lager moet zijn dan de blootstelling die net geen schadelijk effect veroorzaakt in dierlijke studies. Voor zowel het zenuwstelsel als de schildklier blijkt dit het geval te zijn.
 
EFSA neemt hierna de cumulatieve risico’s op andere organen onder de loep en wil, dankzij de opgedane ervaring, het proces van volgende beoordelingen sneller laten verlopen.

Bron: AgriHolland / RIVM

Volg VILT ook via