nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

20.06.2011 Rabobank verwacht productiedaling varkenshouderij in EU

Rabobank publiceerde recent een rapport over de Europese varkenshouderij waarin de Nederlandse bank veronderstelt dat de productie van varkensvlees de komende tien jaar met 1,2 miljoen ton gaat dalen. Uiteindelijk zorgt de krimp van de varkenshouderij er voor dat vleesverwerkers de noodzaak voelen om de aanvoer van varkens goed te regelen zodat de markt meer aanbod- in plaats van vraaggestuurd wordt.

Dure investeringen om aan de welzijnsregels te voldoen, een hoge voederprijs en het openen van de grenzen voor de landen van het Zuid-Amerikaanse handelsblok Mercosur, ziet Rabobank als bedreigingen voor de sector. Uiteindelijk kan dit ervoor gaan zorgen dat Europa over 10 jaar 1,2 miljoen ton minder vlees produceert. Dit betekent echter niet dat in elke lidstaat de varkensstapel zal inkrimpen.

"Duitsland gaat zijn positie in de varkenssector verder versterken, terwijl in Nederland, Spanje, Italië, België en Groot-Brittannië de varkensmarkt nagenoeg stabiel blijft", aldus de bank. "De grootste druk komt te liggen op Denemarken, Frankrijk, Zweden en Finland. De verwachting is dat de varkenshouderij zich steeds meer richting van het Zwarte Zeegebied en Oost-Europese landen gaat verplaatsen."

Het meest opvallende element in de studie vormen de varkensprijzen. In Europa laten deze een daling van 1,4 procent zien in 2010, terwijl Europa wel meer varkensvlees wist te exporteren. Daarnaast was de euro-dollar verhouding in 2010 gunstiger dan een jaar eerder, waardoor Europees varkensvlees aantrekkelijker werd. In tegenstelling tot de Europese prijzen laten varkensprijzen in Canada, de VS en Brazilië wel een stijging zien. "Het is de vraag of de lagere prijzen een tijdelijk iets zijn of een trend laten zien", aldus Rabobank.

Ondertussen krijgen Europese varkenshouders wel te maken met een dreigende opening van de markt voor de Mercosurlanden en een Russische markt voor varkensvlees die steeds meer zelfvoorzienend wordt. Daar staat volgens de experts van de bank tegenover dat met de opheffing van de nultolerantie voor ggo's op de Europese markt, een betaalbaar varkensvoeder weer in zicht komt voor de varkenshouders. De laatste tijd steeg het voeder zoveel in waarde dat voeder niet langer 50 procent maar 70 procent van de kostprijs uitmaakt.

Uiteindelijk zorgt de krimp van de varkenshouderij er voor dat het voor vleesverwerkers steeds meer noodzaak wordt om de aanvoer van varkens goed te regelen. Daarmee verandert de markt van een vraaggestuurde naar een aanbodgestuurde markt. Hierdoor ontstaan volgens Rabobank twee soorten bedrijven, namelijk grote geïntegreerde bedrijven met een sterke band met de varkenshouders en een tweede groep van kleine vleesverwerkende bedrijven die vooral de kleine, lokale retailers van product voorzien.

Bron: Boerenbusiness.nl

Volg VILT ook via