nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

10.10.2019 Vraag naar herwonnen meststoffen sterk regiospecifiek

Op dit moment is landbouw nog afhankelijk van niet-hernieuwbare bronnen voor kunstmest: de geïmporteerde nutriënten fosfor (P) en kalium (K). Minerale stikstof (N) wordt met een hoge energie-input vanuit luchtstikstof gebonden. “We beschikken ondertussen meer en meer over alternatieven”, zegt Inès Verleden, onderzoeker bij Inagro. “Herwonnen meststoffen uit reststromen zijn niet alleen uitstekende plantenvoedingsstoffen of nutriënten, ze zijn ook in veel vormen beschikbaar, denk maar aan compost, struviet of de vloeibare stikstofmeststof ammoniumsulfaat.” Niet al die herwonnen meststoffen zijn toepasbaar in elke situatie in elke regio van Noordwest-Europa. In het ReNu2Farm-project werd de regiospecifieke vraag onderzocht en in kaart gebracht.

In het project ReNu2Farm analyseren onderzoekers het gebruik van herwonnen meststoffen en de uitwisseling van plantenvoedingsstoffen tussen verschillende regio's. “Tot nu toe gebruiken landbouwers hoofdzakelijk minerale kunstmest naast regionaal beschikbare dierlijke mest”, legt Inagro-onderzoeker Inès Verleden uit. “In het project is het belangrijk om de mening van eindgebruikers prioriteit te geven. Daarom brachten we de regionale vraag naar herwonnen meststoffen in kaart.” Volgens hun resultaten zou de productie van op maat gemaakte herwonnen meststoffen de grootste impact hebben.

Het project wil het recyclagepercentage van de belangrijkste nutriënten in de akkerbouw – stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K) - verhogen door het aanbod van meststoffen beter af te stemmen op de vraag van boeren. “Het belangrijkste resultaat van het onderzoek is dat er in alle regio's van Noordwest-Europa een potentiële vraag is naar herwonnen meststoffen, maar dat de gewenste meststoffensamenstelling verschilt tussen regio’s”, licht Inès Verleden toe. In Nederland en Vlaanderen bijvoorbeeld, waar dierlijke mest gemakkelijk beschikbaar is, zijn er meststoffen nodig met een hoog stikstofgehalte, zonder fosfor en kalium. In graangebieden met een lage beschikbaarheid van dierlijke mest, zoals in Noord-Frankrijk en Zuidwest-Duitsland, hebben landbouwers vooral behoefte zijn aan een N-P-K-meststof, bij voorkeur met organische stof.

Het onderzoeksrapport geeft aan dat de productie van op maat gemaakte herwonnen meststoffen de grootste slaagkans heeft. “Als we de meststoffensamenstelling aanpassen aan de regionale en gewasspecifieke behoeften, neemt de kans toe dat de ontwikkelde producten aantrekkelijker worden voor landbouwers”, aldus Inagro. “Andere aspecten zoals de prijs, het gebruiksgemak, de bemestingswaarde, de werkingscoëfficiënten van de nutriënten in die herwonnen meststoffen, de veiligheid en het bewustzijn van boeren hierover bepalen of ze herwonnen meststoffen zullen kopen en op hun percelen zullen toepassen. Vervolgactiviteiten binnen ReNu2Farm zijn verder gericht op die onderwerpen.” 

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: ReNu2Farm

Volg VILT ook via