nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

26.05.2020 Minister Demir wil 4.000 hectare extra bos tegen 2024

Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) heeft dinsdag haar bosuitbreidingsplan voorgesteld. Met een startbudget van ruim 121 miljoen euro wil ze tegen 2024 netto 4.000 hectare extra bos gerealiseerd zien. Tegen 2030 moet de teller op 10.000 hectare staan. Ze wil dit in nauwe samenwerking doen met de Vlaamse, provinciale en gemeentelijke overheden, private partners en natuurverenigingen. Opmerkelijk is dat landbouw als grootste ruimtegebruiker ontbreekt. Boerenbond ziet dit als een gemiste kans en reageert dan ook ontgoocheld op het plan.

In de Commissie Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie van het Vlaams Parlement gaf de minister tekst en uitleg bij haar visiedocument over bosuitbreiding in Vlaanderen. De ambitie is groot. “Met dit uitbreidingsplan willen we de groenste inhaalbeweging realiseren. Zeker nu veel mensen de waarde van groen in de onmiddellijke omgeving hebben herontdekt als gevolg van de corona-epidemie”, aldus Demir. “Voor het eerst zijn we erin geslaagd alle actoren in de maatschappij op dezelfde lijn te brengen en zich achter dezelfde doelstelling te scharen.”

Met dit uitbreidingsplan willen we de groenste inhaalbeweging realiseren. (Zuhal Demir)

Die doelstelling betekent 4.000 hectare extra bos tegen 2024. Daar bovenop wil ze tegen 2030 10.000 hectare bijkomend bos in Vlaanderen zien. Om die 4.000 hectare te realiseren op vier jaar tijd heeft de minister ook afspraken gemaakt met verschillende partijen. Zo zal de Vlaamse overheid zorgen voor 1.250 hectare extra bos. 750 hectare wordt gerealiseerd door natuurverenigingen, 750 hectare door bosgroepen, eenzelfde aantal door lokale besturen en 500 hectare door private eigenaars (inclusief bedrijven).

Nabijheid en bereikbaarheid

De focus van de bosuitbreiding ligt op de uitbreiding van bestaande boscomplexen, het versterken van valleien via een groenblauwe dooradering en het verbinden van kleinere of geïsoleerde bossen. Daarnaast komen er ook stadsrandbossen en lokale bossen en bosjes zowel nabij plattelandskernen als in suburbane gemeenten. “Er wordt ook aandacht geschonken aan vergroening van de nabije leefomgeving van mensen, bijvoorbeeld onder de vorm van bomenrijen, tiny forests, kleine wildernissen, bosschages, dreven en laanbomen en kleine landschapselementen. We willen dus niet alleen meer bossen, de nabijheid en bereikbaarheid ervan is eveneens cruciaal”, aldus de minister.

De bossen moeten prioritair in bosgebied of in voor natuur bestemd gebied komen. In totaal is daar nog 26.000 hectare beschikbaar. Daarnaast kijkt Demir ook naar de 7.000 hectare gronden in openbare eigendom, bijvoorbeeld van de Vlaamse overheid, OCMW’s, lokale besturen, provincies, kerkfabrieken, enz. Tot slot wordt ook gekeken naar gronden in private eigendom.

De minister ziet op dat vlak nog een aantal drempels die weggewerkt moeten worden om meer bos te kunnen realiseren in natuur- of bosgebied. Zo laat de mestwetgeving vandaag bijvoorbeeld toe aan zittende landbouwers om groene bestemmingen tot twee generaties verder te kunnen bemesten. Daardoor is het moeilijk om toegang te krijgen tot die gronden. Voor individuele landbouwers is het bovendien ook moeilijk om een vergunning te krijgen wanneer zij hun perceel vrijwillig willen bebossen”, weet Demir. Tot slot wil ze ook de subsidiemechanismen vereenvoudigen omdat die vaak een zware administratieve last vormen.

Bosteller

Er komt een Bosteller die constant registreert hoeveel bijkomend bos gerealiseerd werd. Die moet het belangrijkste instrument van dit plan worden. Als startpunt wordt 1 oktober 2019 genomen en de ondergrens voor een bos wordt vastgelegd op minstens tien meter op tien.

Voor het hele plan heeft Zuhal Demir op dit moment een budget van ruim 121 miljoen euro voor de periode 2020-2024. Dat betekent gemiddeld 24,3 miljoen euro per jaar. Al wil de minister nog verder op zoek gaan naar budgetten. Zo biedt onder meer de Green Deal van Europa kansen om de Vlaamse middelen te verhogen met extra middelen van de EU.

In de cockpit van het hele plan zitten diverse partners. Enerzijds zijn er het Departement Omgeving, Natuur en Bos, de Vlaamse Landmaatschappij en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek en anderzijds zal er nauw samengewerkt worden met BOS+, terreinbeherende verenigingen, bosgroepen en regionale landschappen en Landelijk Vlaanderen. “Zij krijgen de gezamenlijke opdracht de bosuitbreiding tot een goed einde te brengen. Dit alles zal gecoördineerd worden door een bosintendant”, aldus de minister. Maar ze wijst erop dat er ook een rol weggelegd is voor andere partners: sectororganisaties, verenigingen, onderwijskoepels, gemeenten, steden, bedrijven en particulieren.

Landbouw als grote afwezige

Opvallend volgens de commissieleden aan wie het plan werd voorgesteld, is de beperkte rol die de minister ziet voor landbouw. Vanuit diverse partijen werd erop gewezen dat het zeer belangrijk is dat alle open ruimtebeheerders meegenomen worden in het verhaal. “Landbouw ontbreekt als grootste beheerder van de open ruimte in dit plan. Ik mis een aandeel van landbouw”, zei Mieke Schauvliege (Groen). Zij vond het ook merkwaardig dat de minister alleen naar gebieden met een groene bestemming kijkt om de bosuitbreiding te realiseren. “Ik mis de ambitie om ook andere gebieden, zoals landbouwgebied, om te zetten naar bos.”

Bij CD&V was er gelijkaardige vaststelling. “Zeker als je zo breed consulteert, is het des te pijnlijk als je een aantal groepen uit het oog verliest. Alle gebruikers van de open ruimte moeten als een positieve partner meegenomen worden. Dat kan het plan alleen maar versterken”, zeiden onder meer Koen Van den Heuvel en Tinne Rombouts. En ook commissievoorzitter Carina Van Cauter (Open Vld) deelde die mening. “Landbouwers hebben hier een belangrijke rol te spelen. De ervaring leert me dat als je ze op een positieve manier benadert en mee aan boord neemt, dat zij tot heel wat bereid zijn.” Minister Demir wees erop dat er bewust is voor gekozen om enkel actieve bebossers in de cockpit te plaatsen.

Boerenbond: gemiste kans

Boerenbond reageert ontgoocheld op het bosuitbreidingsplan. “Er is op geen enkel moment overleg geweest met de landbouwsector. Nochtans wordt landbouw en het agrarisch gebied in dit plan meermaals genoemd en nochtans dreigt landbouw als grootste open ruimtegebruiker het meeste hinder te ondervinden van dit plan”, laat de landbouworganisatie weten in een persbericht.

“Wij hebben meermaals aangedrongen bij het kabinet van de minister om betrokken te worden bij de opmaak, maar we kregen enkel als reactie dat het plan werd opgemaakt met de betrokken actoren”, zegt Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker. Zij concludeert daaruit dat minister Demir de landbouwsector niet als een actor in de open ruimte in Vlaanderen ziet. “ We beschouwen dit als een gemiste kans en kunnen dan ook niet anders dan ontgoocheld te reageren”, klinkt het.

Volgens Boerenbond is het cruciaal dat bijkomende bosdoelen in een sterk verstedelijkt Vlaanderen met vele ruimtevragen op een doelmatige wijze worden gerealiseerd en maximaal worden ingeschakeld in de realisatie van de Europese natuurdoelstellingen. “De druk op agrarisch gebied is sowieso groot en komt vanuit vele hoeken. Bos realiseren in het agrarisch gebied verandert ook de agrarische structuur. Daarom moet steeds de impact op de professionele land- en tuinbouw in kaart gebracht worden”, luidt het.

Wij moeten concluderen dat minister Demir landbouw niet als een actor in de open ruimte in Vlaanderen ziet. (Sonja De Becker)

“Gebeurt dit niet, dan wordt het agrarisch gebied verder versnipperd, wordt het zonevreemd gebruik nog verder gestimuleerd en hypothekeert dit op termijn de rechtszekerheid van de landbouwers die in coronatijden nochtans als een cruciale sector werden aanzien”, meent Boerenbond. Bovendien staat de aanpak volgens de landbouworganisatie haaks op de afspraken gemaakt in het Vlaams regeerakkoord.

In dat regeerakkoord staat letterlijk dat de bebossing in eerste instantie zal gerealiseerd worden in als bos bestemde gebieden die nog niet bebost zijn of in natuurgebieden. Pas in tweede instantie zou ingezet worden op te bestemmen gebieden. “In het plan dat gepresenteerd werd, staat daarover echter geen enkele garantie”, aldus Boerenbond.

De organisatie ziet ook dat er zal ingezet worden op gronden van openbare besturen om bosuitbreiding te realiseren. “Maar die zijn vaak verpacht aan landbouwers en zijn vaak in agrarisch gebied gelegen. Wij vinden het belangrijk dat steeds ook een afweging wordt gemaakt over de mogelijke impact op land- en tuinbouw of de herbevestiging als agrarisch gebied.” Boerenbond wil dan ook dat het landbouwgebied maximaal gevrijwaard wordt voor de professionele land- en tuinbouw zoals dat voorzien is in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen en verankerd is in het Vlaams regeerakkoord. “In eerste fase moet dus voluit ingezet worden op groene bestemmingen waar nog veel mogelijkheden liggen.”

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via