nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

04.02.2020 Is hennep aan een revival toe?

Dragen we binnenkort met z’n allen kleren van hennep? In de zoektocht naar waardige alternatieven voor conventioneel geteelde katoen in de textielsector, komt het gewas steeds vaker in beeld. HOGENT stelde vorige week de resultaten voor van zijn projecten ‘Eigen kweek’ en ‘Hemp4All’ die de mogelijkheden van de lange vezels van hennep voor de Vlaamse landbouw- en textielsector onderzochten. Een tipje van de sluier: hennep heeft een groot potentieel als klimaatrobuust textielgewas in het kader van bio-gebaseerde circulaire economie in Vlaanderen.
Hennep is een multifunctioneel gewas, maar de teelt ervan ligt soms wat gevoelig. Nochtans dateren de eerste vondsten al van 8000 voor Christus in China en Mesopotamië. Tijdens de 15de eeuw vond het zijn weg in de boekdrukkunst en de scheepvaart. In de 19de eeuw floreerde de teelt van hennep in onze contreien. Ook schilders gebruikten het vaak als doek. Wist je trouwens dat ‘canvas’ afgeleid is ‘chanvre’, het Franse woord voor cannabis?
 
Maar aan de teelt kwam een abrupt einde, onder meer door de hoge verwerkings- en productiekosten, de opmars van alternatieve grondstoffen, zoals katoen en synthetische vezels, en de relatie met verdovende middelen. In de VS kwam een verbod op de teelt, later ook in Europa.
 
Na een korte heropleving tijdens de tweede wereldoorlog, de vezel was namelijk broodnodig voor tenten, parachutes etc… is het sinds 1992 opnieuw toegelaten om hennep te telen in Europa. Al zijn er strikte voorwaarden aan gekoppeld. Zo moet het steeds in open lucht geteeld worden, moet je een vergunning aanvragen en mogen enkel rassen van de Europese rassenlijst gebruikt worden, waarvan het gehalte THC, de psychoactieve stof, niet hoger is dan 0.2 procent.
 
Maar een blik op het areaal in België, 500 hectare waarvan een kleine 100 hectare in Vlaanderen, toont dat we sterk achterop lopen ten opzichte van andere Europese landen, samen goed voor 42.500 hectare in 2017. Toch is de herintroductie van hennep als multifunctioneel, ecologisch, duurzaam gewas wereldwijd in opmars. Momenteel ligt de focus op het telen van hennep voor ‘laagwaardige’ korte hennepvezels voor o.a. isolatie, composieten en andere niet-geweven producten.
 
Hennepteelt gericht op lange vezels, verwerkbaar in hoogwaardige textieltoepassingen, zou zowel voor de landbouwers als de textielbedrijven een enorme meerwaarde kunnen bieden. Dat was meteen het opzet van het onderzoeksproject van HOGENT dat de Vlaamse landbouw- en textielsector handvaten en richtlijnen wil verschaffen om op industriële schaal hennep te telen en te verwerken tot kwalitatieve textielproducten.
 
Vanuit de textielsector is een toenemende vraag naar duurzame en lokaal geteelde textiel. In dat opzicht past hennep perfect door een zeer beperkt gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen (in vergelijking: 16 procent van alle gebruikte pesticiden komen op katoenvelden terecht). Als vanggewas verbetert de plant ook de bodemstructuur, is het goed voor een langetermijnopslag van CO2 en is het uitermate geschikt voor teeltrotatie van Vlaamse landbouwbedrijven.
 
Hoe kan de vezelopbrengst en -kwaliteit geoptimaliseerd worden? Voor het gebruik van hennep in de textielsector is een hoge vezelkwaliteit nodig. Om dit te onderzoeken werden verschillende rassen en zaaiomstandigheden getest in de periode van 2017 tot december 2019 op de proefhoeve Bottelare. Omdat er geen specifieke machines bestaan voor hennep, gebruikten de onderzoekers bestaande machines uit de vlassector.
 
Wat is gebleken? Zowel in opkomst als opbrengst zijn er verschillen tussen de rassen. Ook de weersomstandigheden speelden een grote rol. Zo was de opkomst en opbrengst in 2017, ondanks de langdurige droogte, erg hoog. In 2019 was er een lage opkomst, te wijten aan het koude voorjaar. Dit maakt van hennep een klimaatrobuuste teelt, die goed gedijt in droge periodes. Als winterteelt is hennep echter niet geschikt.
 
In het tweede luik van het onderzoek verdiepten de wetenschappers zich in veldroten. Met roten wordt de vezel losgemaakt door de afbraak van pectine, het natuurlijke kleefstof dat de vezels verlijmt met de houtachtige kern van de plant. Veldroten van hennep kan, net zoals vlas. Het proces gebeurt, zoals de naam al doet vermoeden, op het veld en duurt 6 à 7 weken.
 
Na het veldroten worden de hennepstengels enkele maanden droog bewaard. Daarna worden ze ‘gezwingeld’ op de vlaszwingellijn met een lange hennepvezel als resultaat. Per hectare leverde dit, afhankelijk van het ras, een halve tot anderhalve ton op. Een mooie opbrengst die gelijkwaardig is aan die van vlas.
 
Om de kwaliteit van de vezels te bepalen wordt gecontroleerd op lengte, massa, sterkte, yellowness index en touché, of hoe het aanvoelt. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat veldroten en de primaire verwerking zoals vlas een volwaardige vezelopbrengst en -kwaliteit geeft. Laatbloeiende rassen presteren het best, maar geven tegelijk een verhoogd risico op rotten in de late zomer of vroege herfst, wanneer het weer natter wordt. Voor veldroting is echter een verdieping van de kennis nodig om een constante kwaliteit te kunnen garanderen.
 
In het derde luik werden enzymes toegevoegd aan het roten. Dat gebeurt in batch, of in een kuip, wat een discontinu proces geeft dat volledig onafhankelijk is van het klimaat. Het nadeel van deze techniek is dat het naast de hoge kosten, er minder sterke en dikkere vezels geproduceerd worden in vergelijking met traditioneel veldroten. Het grote voordeel is dan weer dat de vezels een egale kleur hebben.
 
Uit deze resultaten blijkt dat hennep, als snelgroeiende gewas, voor de lange textielvezel een groot potentieel biedt voor onze regio. Het gewas kan beschouwd worden als een robuuste, alternatieve teelt in het licht van de klimaatverandering omdat het een goede opbrengst geeft bij extreem heet en droog zomerweer. Al blijft de oogstmechanisatie vandaag nog een belangrijk knelpunt.
 

Bron: Eigen verslaggeving

Volg VILT ook via