nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

ILVO Expertisecentrum Landbouw en Klimaat
28.11.2019  "Klaar voor de toekomst met duidelijke prioriteiten"

In het nieuwe Vlaamse regeerakkoord is weinig sprake van specifieke klimaatmaatregelen, maar het lijvige document bevat impliciet wel wat verwijzingen naar klimaat via landbouwonderzoek en -innovatie. Op het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek ILVO huist een expertisecentrum dat alle kennis over landbouw en klimaat bundelt en op drie jaar tijd heel wat advies gaf en onderzoek in opdracht van de sector en de overheid uitvoerde. Hoog tijd voor een kennismaking en een gesprek over de toekomst. 

Nood aan professionalisering
Maar eerst even terug in de tijd. Eind 2016 riep toenmalig minister voor Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege een Expertisecentrum Landbouw en Klimaat (ELK) in het leven. Dat paste in het kader van het Vlaams Klimaat- en Energiepact. ILVO kreeg de opdracht dit te realiseren, gezien klimaat al uitgeroepen was tot een strategische onderzoeksprioriteit van het instituut. Het ILVO-ELK kreeg een drievoudige opdracht: alle op ILVO beschikbare kennis over het klimaatvraagstuk bundelen en klimaatexperten uit de verschillende onderzoeksgroepen met elkaar in contact brengen, het internationaal onderzoek over de thematiek opvolgen en nieuwe onderzoeksprojecten waar mogelijk oriënteren op de klimaatuitdaging.
Drie jaar later is het Expertisecentrum Landbouw en Klimaat door het eigen succes toe aan een reorganisatie. Kersvers coördinator Els Lemeire (ILVO) vertelt: “Het thema klimaat is in de voorbije jaren niet minder actueel geworden, integendeel. Dat merken wij aan het aantal vragen dat ILVO-ELK ontvangt. Advies- en onderzoeksvragen van beleidsmakers en stakeholders, maar ook en in toenemende mate vragen van de pers. Om o.a. dit allemaal georganiseerd te krijgen heeft het ILVO-ELK met mij nu een fulltime coördinator aan boord.”


Activiteiten: onderzoek, advies en communicatie
Een greep uit het werk van ILVO-ELK van de afgelopen jaren maakt de noodzaak van een meer gestructureerde coördinatie duidelijk. Het expertisecentrum was onder andere betrokken bij verschillende ronde tafels en werkgroepen over klimaatverandering georganiseerd door het Departement Landbouw en Visserij. Het werkte in opdracht van de Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid (CIW) een automatisch systeem uit om de SPEI-indicator te berekenen, een indicator die (naast vele anderen) gebruikt wordt om de actuele droogtetoestand te berekenen. Verder werden de experten ingeschakeld door landbouw- en natuurorganisaties voor advies en onderzoek rond methaanemissie, koolstofopslag en graslandbeheer. In opdracht van enkele stakeholders uit de melkveehouderij werd uitgezocht hoe de watervoetafdruk van verschillende productcategorieën opgebouwd wordt, en op vraag van overheid én sector werd voorbereidend werk gedaan voor het Convenant Enterische Emissies Rundvee dat in 2019 door 16 partijen ondertekend werd. Daarnaast organiseerde het expertisecentrum een druk bijgewoonde klimaatstudiedag in 2018 en werkte het mee aan meerdere publicaties, externe studiedagen, workshops en lezingen. Tot slot haalden de onderzoekers zelf een aantal belangrijke klimaatgerelateerde onderzoeksprojecten binnen, waarvan het nieuwe Klimrek een mooi voorbeeld is (lees hieronder meer over dit project).


Succesvolle systeemaanpak
Eén van de redenen voor dit succes is de systeemaanpak die ILVO-ELK hanteert. Wetenschappelijk directeur van ILVO Dier en voorzitter van ILVO-ELK Sam De Campeneere: “We willen vermijden dat winst op het ene vlak verlies betekent op het andere vlak. Daarom kiezen we heel bewust voor een helikopterblik op het hele landbouwsysteem, en kijken we naar de interacties tussen alle facetten van duurzaamheid. Daarbij houden we dus niet alleen rekening met de koolstofvoetafdruk maar ook met mogelijke effecten op bijvoorbeeld milieu en gezondheid, en bekijken we ook de economische haalbaarheid en sociale aanvaardbaarheid van maatregelen. Die systeemaanpak wordt bijzonder geapprecieerd, in de wetenschappelijke wereld maar ook bij onze Vlaamse stakeholders.”

ELK klimaat geVILT_ILVO.jpg


Een groeiend team
Vandaag zijn een 20-tal onderzoekers actief betrokken bij het expertisecentrum. En dat aantal groeit. Recent werden nog een specialist water, een specialist levenscyclusanalyse (LCA) en een specialist enterische emissies aangeworven om het klimaatonderzoeksteam te versterken. Zeer binnenkort komt daar nog een specialist bodemorganische stof bij. Daarnaast kan ILVO-ELK terugvallen op de brede kennis over plantaardige productie, dierlijke productie, mariene productie, agrovoedingstechnologie en plattelandsontwikkeling onder de meer dan 600 ILVO medewerkers in Melle, Merelbeke en Oostende. Els Lemeire: “Elke maand organiseren wij intern een info- en discussiesessie over een klimaatgerelateerd thema, soms met externe sprekers. Zo houden we elkaar op de hoogte van relevante ontwikkelingen en ontstaan waardevolle discussies, die door de interdisciplinaire samenstelling van het overleg nieuw licht op de zaak kunnen werpen.”


Drie thema’s: mitigatie, adaptatie en koolstofopslag
ILVO-ELK doet onderzoek naar klimaatslimme landbouw en naar de complexe samenhang tussen klimaatmitigatie, -adaptatie en algemene duurzaamheid. Het team focust daarbij op bepaalde thema’s, die actueel zijn voor de overheid en de sector, en brengt daarvoor de nodige ILVO-expertises bij elkaar.


Enterische emissies

ELK klimaat GUK methaan geVILT_ILVO.jpg

Op vlak van sojaklimaatmitigatie is methaanreductie in de rundveehouderij een prioritair onderzoeksthema. De sector is in 2019 het engagement aangegaan om de enterische emissies (als gevolg van het verteringsproces bij herkauwers) tegen 2030 met 19 procent te verminderen (tegenover 2005). Sam De Campeneere: “ILVO is met zijn gasuitwisselingskamers en GreenFeed-krachtvoerderboxen goed uitgerust om dit type onderzoek te doen. In SMART melken haalden we mooie reductiecijfers voor verschillende voedercomponenten en additieven: we zagen dat de dagelijkse methaanemissie van een koe tot 30% kan worden teruggedrongen, zonder de melkproductie te verlagen. Als volgende stap zouden we graag onderzoeken of die gunstige effecten opgeteld kunnen worden wanneer de verschillende reductiestrategieën gecombineerd worden. En blijven die effecten overeind wanneer koeien ook buiten grazen? Recent is een Europees project gestart (GrasTech) om de methaanemissie bij weidegang te monitoren. Niet onbelangrijk, gezien de stijgende vraag naar weidemelk.”


Alternatieven voor geïmporteerde soja

ELK klimaat veevoeder geVILT_ILVO.jpg

Een tweede belangrijk aspect wat betreft het terugdringen van de landbouwemissies, is de zoektocht naar alternatieven voor geïmporteerde soja in de rantsoenen van zowel rundvee als varkens en pluimvee. Veerle Van linden, ILVO-ELK expert: “Zo’n 10 procent van de totale CO2-uitstoot wereldwijd wordt veroorzaakt door ontbossing, onder andere voor het aanleggen van sojaplantages in Zuid-Amerika. Het sojaschroot wordt onder meer bij ons gebruikt als belangrijke eiwitbron in het veevoeder. Die boskap-emissies zijn indirecte emissies van onze veehouderij die niet meegerekend worden in de Vlaamse klimaatboekhouding, maar die wel een wezenlijk effect hebben op het klimaat en dus wel (met de juiste wegingsfactor) meegerekend worden in een carbon footprint studie of LCA. Voorbeelden van ILVO-onderzoek op dit vlak zijn het nauwer afstemmen van de voeders op de behoeften van de dieren om zo minder soja te voederen, het gebruik van alternatieven voor soja in voeders en teelttechnisch onderzoek naar lokale eiwitrijke teelten zoals klaver en luzerne.”


De landbouwsector wapenen tegen droogte

ELK klimaat droogte geVILT_ILVO.jpg

Behalve op het reduceren van de emissies richt ILVO-ELK zich op het aanpassen van de landbouw aan de nieuwe klimaatomstandigheden (klimaatadaptatie). Daarbij is droogteonderzoek een belangrijke focus. Wetenschappelijk directeur ILVO Plant en ondervoorzitter van ILVO-ELK Isabel Roldán-Ruiz: “In de bestaande ILVO veredelingsprogramma’s wordt droogtetolerantie sinds enkele jaren meegenomen als selectiecriterium. Zo werken we aan droogtetolerantere soja, gras- en klaverrassen. Daarnaast onderzoeken we het potentieel van klimaatrobuuste teeltsystemen zoals agroforestry. Verder wordt ingezet op drone- en modelleringstechnieken om droogtestress bij gewassen beter te begrijpen. Die kennis kan vervolgens gebruikt worden om het beregenen in de praktijk te optimaliseren. In het project Irrigatie 2.0 bijvoorbeeld werken we mee aan de ontwikkeling van een online platform dat landbouwers daarbij moet helpen. Doel is efficiënter beregenen zodat het beschikbare water optimaal wordt ingezet, zonder verspilling.”


Klimaatrobuuste inrichting van kust en landbouwgebied

Andere gevolgen van de klimaatverandering waar ILVO onderzoek naar doet, is het oprukken van exotische ziekten en plagen, verzilting en veranderingen in het marien ecosysteem. Mede-coördinator en ILVO-ELK-expert Jeroen De Waegemaeker: “Een mooi voorbeeld van adaptieonderzoek in het marien milieu is het project Coast Busters: hoe kunnen we onze kusten door aanleg van natuurlijke riffen beschermen tegen frequenter stormweer? Ook onderzoeken we hoe landbouwgebieden klimaatrobuust kunnen worden ingericht, zodat ze beter beschermd zijn tegen extreme droogte en overstromingen maar ook zodat ze kunnen fungeren als een klimaatbuffer voor onze steden.”


Koolstofopslag in de bodem

ELK klimaat koolstofopslag geVILT_ILVO.jpg

Het derde en laatste thema waar ILVO-ELK inhoudelijk op inzet is koolstofopslag in de bodem. Dit leidt niet alleen tot het onttrekken van CO2 uit de atmosfeer (klimaatmitigatie), maar ook tot klimaatadaptatie. Organische stof maakt de bodem immers weerbaarder tegen droogte en wateroverlast. ILVO-expert Greet Ruysschaert: “Het voorbije decennium onderzocht ILVO-ELK het effect van verschillende types bodembeheer in gras- en akkerland op koolstofopslag en het sluiten van de koolstofkringloop, o.a. via boerderijcompostering. De laatste jaren is daar een nieuw topic bijgekomen, nl. hoe monitor je het koolstofgehalte in de bodem? Op Vlaams niveau is dat belangrijk voor de internationale rapportering n.a.v. het klimaatakkoord van Parijs. Binnen EJPSoil, een Europees programma voor landbouwbodems, willen we verder onderzoek doen naar methodes om evoluties in koolstofvoorraden accuraat en kostenefficiënt te gaan meten op bedrijfsniveau, als basis voor eventuele koolstofvergoedingen. Tot slot doet ILVO-ELK onderzoek naar het duurzaam vervangen van veen in substraatteelt, zodat onze land- en tuinbouw ook geen nadelige impact heeft op bodems elders in de wereld.”


ELK klimaat afvalstromen_ILVO.jpg


Begeleiding op maat: Klimrek
Een nieuw project waar ILVO-ELK zelf veel van verwacht, is Klimrek. Op de stand van ILVO en het Departement Landbouw en Visserij op Agribex (link naar artikel van Departement?) wordt het voor het eerst voorgesteld aan de sector. In Klimrek werken ILVO, het Innovatiesteunpunt en VITO samen aan een wetenschappelijk onderbouwde klimaatscan. Een consulent van het Innovatiesteunpunt zal de scan afnemen op individuele bedrijven om hun specifieke klimaatvoetafdruk te bepalen en de grote knelpunten bloot te leggen. Vervolgens wordt samen met de landbouwer in kwestie een klimaattraject uitgewerkt met maatregelen die effectief én haalbaar zijn. Na een jaar wordt opnieuw een klimaatscan afgenomen en worden de maatregelen indien nodig bijgestuurd. Doorheen dit traject kan de landbouwer op begeleiding rekenen door zijn klimaatconsulent, experten en collega klimaatboeren. Veerle Van linden (ILVO) coördineert het project: “Behalve duidelijkheid voor landbouwers – welke maatregelen zijn relevant en interessant in mijn specifieke situatie? – zal Klimrek heel wat interessante onderzoeksdata opleveren. Wat is het berekende netto-effect van gekende maatregelen op de totale klimaatimpact van een bedrijf? Zijn er ongewenste neveneffecten, bv. op vlak van verzuring (ammoniak) of fossiel brandstofgebruik (hoge energiekost)? Welke effecten zijn economisch haalbaar en welke niet? We starten met een tiental melkveebedrijven in het eerste jaar en breiden hun aantal geleidelijk aan uit. In het tweede jaar komen er ook akkerbouwbedrijven met aardappelen in het teeltplan bij en in het derde jaar varkensbedrijven. Zo hopen we op 4 jaar tijd een 90-tal boeren te begeleiden en van hun bedrijven in totaal 120 scans af te nemen. Op basis van die data zullen we zinvolle beleidsaanbevelingen kunnen doen.” Wie geïnteresseerd is om deel te nemen aan Klimrek kan zich hier kandidaat stellen.  

Bron: |

In samenwerking met: ILVO

Volg VILT ook via