nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

25.09.2019 Komen boeren zelf met ideeën voor beter (passend) MAP6?

Om de waterkwaliteit te verbeteren, zet MAP 6 onder meer in op de gerichte inzaai van vanggewassen en het oordeelkundiger bemesten in de gebieden met een slechte waterkwaliteit. Ook andere maatregelen kunnen bijdragen aan een verbetering van de waterkwaliteit. Het Mestdecreet biedt landbouwers namelijk de mogelijkheid om via de zogenaamde equivalente maatregelen te voldoen aan MAP 6. Welke maatregelen dat precies zullen wezen, is nog één groot vraagteken want iedereen mag (onderbouwde) suggesties doen. De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) lanceert namelijk een oproep met 3 november als deadline. Een beoordelingscommissie buigt zich over de voorstellen en zal de minister adviseren over de ingediende equivalente maatregelen.

Innovatieve equivalente maatregelen laten landbouwers toe om het beschermen van de waterkwaliteit beter in hun bedrijfsvoering te passen. Koen Desimpelaere, diensthoofd Mestbeleid bij VLM, geeft er deze uitleg aan: “Een systeem van equivalente maatregelen kan ervoor zorgen dat innovatie sneller wordt opgenomen in het beleid en de praktijk. Als innoverende regio met grote uitdagingen voor de waterkwaliteit willen we een voortrekker zijn in Europa voor de verdere verbetering van de waterkwaliteit.”

De equivalente maatregelen waar de Vlaamse Landmaatschappij in zijn jongste persbericht naar verwijst, geven landbouwers de kans om de doelstelling van een basismaatregel op een andere manier te behalen. Het zesde mestactieplan bevat drie basismaatregelen in de gebiedstypes 2 en 3 waarvoor een alternatief denkbaar is. In de eerste plaats is dat de verplichting om extra vanggewassen in te zaaien. Ten tweede is dat de verlaging van de maximale bemestingsnorm voor werkbare stikstof, en ten derde de verplichting om vanaf 1 augustus elk vervoer van vloeibare dierlijke mest naar een perceel in gebiedstype 2 of 3 te laten gebeuren door een erkende mestvoerder.

Een equivalente maatregel voor de basismaatregelen ‘vanggewassen’ en ‘verminderde bemesting’ moet ervoor zorgen dat de vermindering van de stikstofverliezen minstens vergelijkbaar is. Ook voor de derde basismaatregel, met name opvolging van het vervoer van mest door een erkende mestvoerder, lijkt het niet vanzelfsprekend om een alternatief te bedenken dat het vertrouwen van de overheid zal krijgen. Er wordt dan ook breed gesolliciteerd naar goede ideeën. Een landbouwer, praktijkonderzoeker, commerciële voorlichter of andere erfbetreder – kortom iedereen – kan een voorstel van equivalente maatregel indienen.

VLM specifieert niet hoe zo’n equivalente maatregel er kan uit zien. Wie een idee heeft, zal moeten onderbouwen hoeveel vermindering van stikstofverliezen daarmee haalbaar is. De indiener zal ook moeten aangeven op welk niveau de maatregel momenteel toepasbaar is en in welke mate hij al toegepast wordt in de praktijk. In de recent door minister Van den Heuvel opgerichte beoordelingscommissie zetelen vijf Vlaamse en Nederlandse wetenschappers, en zes vertegenwoordigers uit de landbouw- en milieuadministraties. De commissie zal de ingediende voorstellen beoordelen en een advies geven aan de minister. Eens de lijst is opgemaakt, kunnen landbouwers gebruikmaken van de equivalente maatregelen.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: VLM

Volg VILT ook via