nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

07.08.2019 Landbouw op de Belgisch-Nederlandse grens

Akkerbouwer Marie-José Neven uit Mesch (Limburg) boert op zowel Nederlands als Belgisch grondgebied. Zij ondervindt bijna dagelijks de voor- en nadelen die aan grensoverschrijdend werken verbonden zijn. Het zijn vooral alle bureaucratische regeltjes die het werken in twee landen moeilijk maken. “Nederlandse mest gebruiken op mijn Belgische percelen is een administratieve nachtmerrie”, getuigt ze. “Voor mijn Belgische akkers moet ik dus Belgische mest laten aanvoeren.” De rode diesel is dan weer goedkoper in ons land dan bij onze noorderburen.

In Mesch-Eijsden heeft Marie-José Neven een akkerbouwbedrijf waar ze aardappelen, wintertarwe, brouwgerst, suikerbieten en uien verbouwt. Van de huidige 140 hectare ligt ongeveer 25 hectare op Belgisch grondgebied, in de aanpalende grensgemeente Voeren. Aan het grensoverschrijdend werken kleven de nodige nadelen, ondervindt zij. “Het grootste probleem zijn alle regeltjes waar ik tegenaan loop”, getuigt ze. Haar mestregeling is een sterk uitgedacht plan. “Ik gebruik mest van Belgische veehouders uit de Voerstreek om mijn Belgische percelen mee te bemesten. Het aanvoeren van Nederlandse mest zou gepaard gaan met een rompslomp aan formaliteiten.”

Op fiscaal vlak is het voor Marie-José wel interessant om in België een landbouwbedrijf te hebben. “Vergeleken met Nederlandse landbouwers betalen de Belgische boeren weinig belasting”, zegt ze. Een ander voordeel van grensoverschrijdend werken is dat Nederlandse boeren in België rode diesel in hun trekker mogen tanken. “Deze diesel is in België 70 cent per liter goedkoper dan de normale diesel. We mogen er wel alleen de trekker mee vol tanken.”

Jaren geleden waren de verschillen aanzienlijk groter. “Het grensoverschrijdend werken is enigszins versoepeld”, aldus Marie-José. “Nu is de toelating van gewasbeschermingsmiddelen grotendeels gelijk met Nederland. Al mag je geen Belgische gewasbeschermingsmiddelen in Nederland in bezit hebben en vice versa.” Om gewasbeschermingsmiddelen voor de Belgische akkers te kunnen kopen en gebruiken beschikt Neven, naast haar Nederlandse spuitlicentie, ook over een Belgische fytolicentie.

Aardappelen, granen, bieten en uien zet ze via Nederlandse én Belgische kanalen af. “Omdat wij al meer dan 30 jaar bieten in België telen, laadt Cosun, een Nederlands bedrijf, deze ook op de Belgische percelen”, vertelt Marie-José. “Maar sinds dit jaar is Cosun wel wat strenger geworden. Al liggen mijn bieten bij de grenspaal, Cosun kort me nu op het maximaal te leveren tonnage bieten van mijn Belgische akkers.”

Bron: |

In samenwerking met: Boerderij (Guus Queisen)

Volg VILT ook via