nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

10.08.2016 FAO houdt pleidooi voor meer probiotica in veevoeder

Het gebruik van probiotica in de veehouderij is niet nieuw, maar kan een flinke boost gebruiken omdat het een antwoord biedt op enkele belangrijke uitdagingen. Dat schrijft het Wereldvoedselagentschap (FAO) in een omvangrijke publicatie die een stand van zaken opmaakt over het gebruik ervan in veevoeder. Probiotica moet volgens FAO een belangrijk wapen worden in de strijd tegen het preventief gebruik van antibiotica. Grootste hinderpaal is de onvoorspelbaarheid van het uiteindelijke effect en de moeilijkheid om uit dat effect een kant-en-klare formule of recept te puren. Internationale richtlijnen kunnen alvast een eerste stap zijn om het gebruik wereldwijd naar een hoger niveau te tillen, zo klinkt het.

Omdat overmatig antibioticagebruik tot resistentie kan leiden, is niet alleen bij ons maar ook bij de Wereldvoedselorganisatie al geruime tijd het besef gegroeid dat de veehouderij het in de toekomst met minder antibiotica zal moeten doen. In de eerste plaats door het gebruik van antibiotica als groeibevorderaar aan banden te leggen. Probiotica zijn een uitstekend alternatief voor groeibevorderende antibiotica, aldus FAO, en zijn ook een effectief preventief middel tegen infecties. Dag staat te lezen in een uitvoerig gedocumenteerde paper over het gebruik van probiotica in veevoeder. Het is zowat het eerste internationale overzichtswerk rond het thema en bevat naast wetenschappelijke definities en uitleg omtrent de werking van probiotica ook heel wat praktijkgerichte informatie over het gebruik van veevoeder met probiotica bij verschillende diersoorten. 

Eén van de voornaamste conclusies is dat de werking in veevoeder sterk verschilt per type probiotica en diersoort. Dat betekent dat er geen standaardreceptuur of -procedure bestaat voor een effectieve werking van goede bacteriën. Er is niet alleen het verschil in toepassing tussen verschillende diersoorten, ook de leeftijd van de dieren, het type probiotica en verschillende veehouderijsystemen zorgen voor een onvoorspelbaar eindresultaat. Bijkomend onderzoek kan al deze variabele factoren evenwel in kaart brengen en voor meer bruikbare praktijkkennis zorgen. "Eens die kennis vergaard is, kunnen probiotica voor elke veehouder een economisch interessant alternatief vormen voor het zogenaamde 'preventieve gebruik' van antibiotica", zo gelooft FAO. Cruciaal voor toekomstige studies is het identificeren van het interactiemechanisme tussen de toegediende bacteriën en de aanwezige bacteriëncultuur in het dier.

Uit onderzoek blijkt dat probiotica bij vleeskuikens de groei stimuleren en infecties met bijvoorbeeld salmonella en coccidiose verminderen. Bij varkens kunnen probiotica met B.subtilius en B.licheniformis een alternatief zijn voor bepaalde antibiotica, waaronder oxytetracycline. Onderzoek bij zeugen wees alvast uit dat probiotica geen negatieve effecten heeft op het aantal gespeende biggen. “Maar 100 procent zekerheid bestaat niet,” aldus FAO, “en ook alle risico’s volledig uitsluiten is onmogelijk.” Door gebrek aan onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek zijn de gezondheidsclaims van commerciële producenten van probiotica bovendien moeilijk te controleren. Ook is het nog onduidelijk of probiotica in diervoeder ook in dierlijke producten en in de voedselketen terechtkomt en welk effect dit heeft. 

FAO pleit dan ook voor een internationaal regelgevend kader. “Momenteel is er nog heel veel verschil tussen de strengheid van de regelgeving in verschillende landen,” zo klinkt het. “We kunnen stellen dat de regelgeving die in de EU van kracht is en gebaseerd is op het advies van een wetenschappelijk expertencomité als voorbeeld zou kunnen dienen. In verschillende ontwikkelingslanden kan de regulering nog een stuk strenger. Om het gebruik van probiotica in veevoeder wereldwijd naar een hoger niveau te tillen, is er internationale regelgeving nodig. Die regels moeten vermijden dat de verkeerde micro-organismen worden ingezet als probiotica en moeten een richtsnoer zijn voor producenten van probiotica die in een geglobaliseerde markt opereren.” 

Lees het volledige rapport hier

Bron: eigen verslaggeving

In samenwerking met: Boerderij

Volg VILT ook via