nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

04.10.2017 Oostelijke lidstaten eisen voeding van zelfde kwaliteit

Negen voormalige communistisch bestuurde EU-landen hebben zich in een gemeenschappelijk initiatief tegen verschillende kwaliteitsnormen van levensmiddelen binnen de gemeenschappelijke markt verenigd. "Er mogen in de Europese Unie geen tweederangsburgers meer zijn", formuleerde de Slovaakse minister van Landbouw Gabriela Matecna in Bratislava de gemeenschappelijke doelstelling. Consumenten in de oostelijke EU-landen voelen zich al jaren door internationale bedrijven benadeeld, die hen blijkbaar levensmiddelen van mindere kwaliteit verkopen en dat vaak aan hogere prijzen dan in West-Europa.

In de Slovaakse hoofdstad waren landbouw- en voedingsexperten uit de vier Visegrad-landen (Slovakije, Tsjechië, Hongarije en Polen) en vijf nieuwe EU-staten (Slovenië, Kroatië, Bulgarije, Roemenië en Litouwen) bij elkaar gekomen ter vergelijking van hun testresultaten en voor beraadslaging over te nemen stappen. De conferentie diende ook tot voorbereiding van een op 13 oktober eveneens geplande top onder het motto "gelijke productkwaliteit voor iedereen". Daaraan zouden ook de voor consumentenbescherming bevoegde EU-Comissaris Vera Jourova en vertegenwoordigers van het Europees parlement deelnemen.

De voorbije maanden hadden de betrokken landen met een reeks vergelijkingsproeven de druk op de EU-Commissie verhoogd om tegen deze gang van zaken op te treden. Over de kwestie heeft al een top in Brussel plaatsgevonden. Grote merken als Coca-Cola en de Nesquick cacaopoeder van Nestlé zouden in Oost-Europa inferieure kwaliteit aanbieden. Nieuw is de aanklacht niet. Reeds in 2011 kaartte een Europarlementslid uit Roemenië het kwaliteitsverschil aan bij de Commissie. Die probeert zicht te krijgen op de omvang van het probleem.

Bron: Belga / eigen verslaggeving

Volg VILT ook via