nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

19.05.2020 OPINIE: Moet landbouw echt verder intensiveren?

Eerder deze week verscheen een opiniestuk van de hand van Hidde Boersma en Maarten Boudry, waarin ze pleiten voor een verdere intensivering van de landbouw. Tegelijk stellen ze dat de korte keten maar weinig positiefs aanbrengt. Standpunten waar landbouwjournalist Antoon Vanderstraeten, vanuit zijn ervaring, serieuze bedenkingen bij heeft.

De afgelopen weken vonden veel mensen de weg naar de lokale boer. De corona-crisis en de - al dan niet kunstmatige - tekorten in de winkels maakten de korte keten plots zeer aantrekkelijk. Dat beweren Boersma en Boudry gelezen te hebben in de Standaard. In hun stuk worden de korte keten en biolandbouw op een hoopje gegooid, alsof ze onlosmakelijk verbonden zijn, en daar gaan ze meteen de mist in. De beide zaken staan namelijk los van elkaar. Een conventionele boer kan zijn producten zonder problemen kwijt in de korte keten, een bioboer kan via de veiling en opkopers terecht in de supermarkten met zijn producten.

Daarnaast krijgen lokale en biologische producten de stempel van “luxeproducten”. Het klopt dat biologisch in de winkel duurder is, hoewel de bio-boer zelf daar weinig van merkt, maar om lokaal als luxe te gaan omschrijven, dat zijn enkele stappen te ver. In een dichtbevolkte streek als Vlaanderen kan iedereen, arm of rijk, op fietsafstand lokale producten als aardappelen, fruit, groenten, zuivel en vlees vinden. Het volstaat om op een website als Recht van bij de boer je postcode in te geven en de resultaten te filteren.

De basis van onze landbouw is lokaal.

“Lokale landbouw heeft bestaansrecht, zeker, maar als nichemarkt”, stellen ze verder. Ook daar ga ik graag op in. Onze Vlaamse, en bij uitbreiding Belgische, landbouw is lokaal verankerd: lokale landbouw heeft geen bestaansrecht, ook niet als nichemarkt, lokale landbouw bestààt. Onze lokale producten worden via een systeem van veilingen en distributeurs ook weer lokaal verkocht, en de producten waar we grote hoeveelheden van kunnen produceren worden geëxporteerd. Zelfs de geëxporteerde producten blijven in zekere mate lokaal, want 57 procent van de export gaat naar onze buurlanden. Slechts 18 procent van alle export heeft een bestemming buiten de Europese Unie. Daarnaast worden de producten die we niet (goedkoop) lokaal kunnen produceren geïmporteerd. Maar de basis van onze landbouw ìs lokaal. Lokale landbouw inefficiënt noemen is dus met de haren getrokken.

Het ontgaat mij eigenlijk wat de beide heren precies willen. Willen zij grote velden waarop machines uiterst efficiënt kunnen planten, verzorgen en oogsten? Want die zijn er: terwijl ik dit typ kan ik over mijn rechterschouder uitkijken over verschillende velden van ettelijke hectares waarop nu aardappelen, witloof en maïs groeien. Aan de andere kant van de straat groeit gerst en tarwe. Al die velden zijn bewerkt en beplant door tractoren met een GPS-installatie waardoor er tot op 2 cm nauwkeurig kan gewerkt worden. Van verschillende van deze percelen zijn deze winter bodemkaarten gemaakt om zeer precies te kunnen bemesten, om met een minimale input een maximaal rendement te halen. Van efficiëntie gesproken! De vruchten die hier geteeld worden zijn hoofdzakelijk bedoeld voor de Belgische markt. Kijk eens aan: lokaal én efficiënt!

Een ding is duidelijk: aan kennis van de (biologische) landbouw ontbreekt het bij de beide heren. Over het verschil in opbrengst tussen traditionele en bio landbouw ga ik niet strijden, het klopt dat bio over het algemeen een lagere opbrengst levert. Maar “bio” wil niet zeggen dat er geen bestrijdingsmiddelen mogen gebruikt worden: in biologische teelten mogen (moderne) bestrijdingsmiddelen ingezet worden, zolang ze van biologische afkomst zijn. In biolandbouw kan en mag moderne technologie gebruikt worden. De biolandbouw omarmde als eerste GPS-technologie om mechanische onkruidbestrijding efficiënter te maken. Ook veredelde gewassen en hybriden mogen zonder problemen in de biolandbouw gebruikt worden. Volgens wat ik lees in het opiniestuk zou biolandbouw gelijk staan aan ouderwets, simpel en inefficiënt, maar niets is minder waar.

Dat niet iedereen het geluk heeft om een volledig aanbod aan voedingswaren te vinden in een wijde omtrek rond zijn deur, dat klopt. Er zijn streken waar de ene soort al beter gedijt dan de andere. Maar als wij kiezen voor lokaal, zetten we niemand in de kou. In tegendeel: we mogen gerust nog veel lokaler gaan consumeren en zouden daarmee niemands voedsel ontnemen. Efficiënter telen op de juiste plekken wil echter niet zeggen dat uitstoot vermeden wordt, zoals in het opiniestuk geclaimd wordt. Om avocado’s uit Mexico hier in de rekken te krijgen zijn heel wat kilogram co² uitgestoten, ook al is Mexico de juiste plek om avocado’s te kweken… Door veel lokaler te gaan eten en minder exotische producten in onze menu’s te gaan verwerken zou heel wat CO2-uitstoot vermeden kunnen worden. Het zou er eveneens voor zorgen dat minder gegoede mensen in die streken betaalbaar voedsel ter beschikking hebben.

De keerzijde van de medaille is dat boeren vaak in armoede leven.

Dat globalisering en modernisering leiden tot goedkoper voedsel is een feit. Weliswaar een spijtig feit. Voor de burger is het een zegen dat het eten zo goedkoop in de rekken ligt. De keerzijde van de medaille is dat boeren dikwijls in armoede leven. Niet alleen in Afrika of Azië, maar ook hier. De graanprijzen zijn de laatste 30 jaar quasi ongewijzigd gebleven, en schommelden tussen 105 euro en 205 euro per ton op de wereldmarkt. De broodprijs, die is in dezelfde periode echter sterk gestegen, om niet te zeggen meer dan verdubbeld. Aardappelen liggen in het rek aan prijzen tussen 1,5 euro en 3 euro per kilo, niet overdreven duur. Op dit ogenblik krijgt de boer 0,1 euro per kilogram. Iemand moet de gevolgen van de globalisering dragen en het is jammer dat de belangrijkste schakel in de productie van dat goedkoop voedsel, namelijk de boeren, over het hoofd gezien worden in dit stuk. Nochtans is het schrijnend dat net zij in de kou blijven staan om het voedsel dat zij produceren aan lage prijzen te kunnen verkopen.

Iedereen mag een opinie hebben, en door in discussie te gaan, leren we allemaal bij. In dit stuk worden echter enkele - niet gefundeerde - meningen als feiten voorgesteld zonder dat er een echte onderbouwing voor is. Ik hou er een “schoenmaker, blijf bij je leest”-gevoel aan over. Niets mis met een “unpopular opinion” of zaken in vraag te stellen, maar ik zou de concrete oplossingen voor een bepaalde problematiek toch echt voor de mensen met de nodige kennis van zaken laten. 

Dit is een opiniestuk waarmee onze lezers een bijdrage wil leveren aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Het verscheen eerder al op Doorbraak.be

De auteur:
Antoon Vanderstraeten is zaakvoerder van Ekimedias, een pers- en communicatiebureau gespecialiseerd in onder meer land- en tuinbouw. Daarnaast geeft hij ook Hectares uit, een vakblad over landbouwmechanisatie. 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via