nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

29.10.2019 Puls is niet het probleem, wel de manier van toepassen

De conclusies die Le Journal de l’Environnement trekt op basis van de studie van Cefas over pulsvisserij, kloppen niet. Dat zegt ILVO-expert Hans Polet die al meer dan 20 jaar onderzoek doet naar de techniek. Le Journal stelt dat pulsvisserij verantwoordelijk is voor de dood van 57% van alle leven op de zeebodem. “Maar die conclusie kan je niet trekken op basis van de studie”, stelt Polet. “Ook op de studie zelf valt heel wat aan te merken.”
Cefas vergeleek voor zijn studie twee visgebieden. In het eerste gebied, waar aan pulsvisserij gedaan wordt, werd 57% minder biodiversiteit opgemerkt dan in het tweede gebied, waar minder intensieve visserijmethodes gebruikt worden. “Maar dat is appelen met peren vergelijken want er spelen veel meer factoren mee die een impact hebben op het zeeleven”, benadrukt Hans Polet. “Je kan dat niet louter toewijzen aan de visserij.”
 
“De twee zones tonen heel grote verschillen in voorgeschiedenis”, stipt Polet aan. In het eerste gebied, waar de ‘slechtste’ resultaten gemeten werden, wordt de laatste jaren onder andere met puls gevist. Maar dit gebied, gelegen buiten de 12 mijlszone en dus toegankelijk voor de industriële visserij, wordt al decennia lang zwaar bevist door traditionele bodemsleepnetten. “Deze jarenlange intense visserij heeft ongetwijfeld een veel groter effect op het leven op en in de zeebodem dan het beperkt aantal jaar pulsvisserij”, klinkt het. Het gebied waarmee vergeleken wordt, ligt net buiten de 6 mijlszone en wordt traditioneel veel minder intens bevist en zal dan ook een rijker bodemleven hebben. “Ook de afstand van de kust, 6 mijl en 12 mijl uit de kust en de zeediepte verschillen te veel om ze goed te kunnen vergelijken”, aldus Polet. “De verschillende vissoorten zijn te verklaren door dat verschil in afstand en diepte.” De onderzoekers die de studie uitvoerden vermelden trouwens zelf dat de resultaten niet zomaar kunnen toegewezen worden aan het effect van de pulsvisserij want dat vele andere factoren bepalend kunnen zijn.
 
“Dit zijn belangrijke nuances om mee te geven”, benadrukt Polet. “Puls als techniek heeft weinig of geen nadelen. Maar de manier en de intensiteit waarmee de Nederlanders het toepassen hebben wel een grote impact en vooral op onze kust waar lokale vissers moeite hebben om nog een visje te vangen. Jammer genoeg heeft men bij de grootschalige introductie van deze experimentele visserij geen rekening gehouden met de kleinschalige vissers in de buurt.”
 
ILVO voert al jaren onderzoek naar de techniek van de pulsvisserij, maar met een focus op de garnaalpulsvisserij en niet zozeer de tongpulsvisserij die door Nederland wordt toegepast. “Daaruit is gebleken dat de techniek voor meerdere toepassingen veel potentieel heeft, op voorwaarde dat het correct wordt toegepast”, aldus Polet. “En dat laatste is natuurlijk een niet te verwaarlozen detail.”
 
“Uit een studie van ILVO, waarvan de resultaten in december uitkomen, blijkt dat de visbestanden binnen de Belgische 12 mijl het vrij slecht doen”, weet Polet. “Tegelijkertijd is er een uitzonderlijk hoge visserijdruk geweest van de Nederlandse pulsvisserijvloot. Dit bewijst geen oorzakelijk verband, maar het wijst toch duidelijk in die richting.”
 
Hoe dan ook is de pulsvisserij met grote voorsprong de meest intens bestudeerde visserijmethode. “De claims van grote sterfte en beschadiging van bodemleven zijn ondertussen door onderzoek tegengesproken”, zegt Polet. Maar die studies gaan over de techniek zelf en niet over de manier of schaal waarop het toegepast wordt en dat is net waar het grondig verkeerd gegaan is.
 
De Europese Unie voorziet nog steeds een totaalverbod op pulsvisserij vanaf juli 2021.

Bron: Eigen verslaggeving

Volg VILT ook via