nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

23.09.2019 Saefthingerhof straalt uit dat vleesvee toekomst heeft

“Het is niet allemaal kommer en kwel in de landbouw.” Dat wou de voorzitter van het Algemeen Boerensyndicaat (ABS), Hendrik Vandamme, graag een keer duidelijk maken aan Europarlementslid Hilde Vautmans (Open Vld). Na een bevlogen speech op de vrouwendag van VABS in Lokeren reisde Truienaar Vautmans voort naar Kieldrecht voor een boerderijbezoek. De locatie leek vreemd gekozen voor een positieve boodschap want de landbouw in de regio kreeg klappen door havenuitbreiding en natuurcompensaties. Ook het Saefthingerhof bleef daar niet van gespaard, maar het bedrijf vond zichzelf opnieuw uit door hoeveverkoop van présalévlees van runderen die grazen op zilt natuurgrasland in het Verdronken Land van Saeftinghe.

In de buurt van de Antwerpse haven zit landbouw in de verdrukking. Opeenvolgende uitbreidingen van de containeractiviteit hebben steeds nieuw land aangesneden. Landbouw die moet wijken voor een andere economische speler die meer gewicht in de schaal werpt, dat gaat er bij een boer nog in. Wat de polderboeren niet begrijpen, is dat hun vruchtbare grond ook omgevormd wordt tot natte natuur ter compensatie van de havenontwikkeling. “Hier aan landbouw doen, is een hele opgave”, vat Paul Cerpentier (ondervoorzitter van het Algemeen Boerensyndicaat) de problemen samen. Toch nam hij samen met voorzitter Hendrik Vandamme Europarlementslid Hilde Vautmans mee op sleeptouw naar de regio. Om te tonen dat er landbouwers zijn die oplossingen verzinnen, hoe moeilijk de randvoorwaarden voor hun bedrijfsvoering ook lijken.

Geert Meersschaert en Kris Van Royen heten hen welkom op het Saefthingerhof in Kieldrecht. Het echtpaar is actief in een sector die het financieel moeilijk heeft, namelijk vleesveehouderij. De combinatie met de voor een landbouwbedrijf weinig benijdenswaardige locatie (circa 30 hectare van het bedrijfsareaal ging de voorbije jaren verloren, laatst nog in de Hedwigepolder, nvdr.) lijkt dodelijk, maar het tegendeel blijkt waar. Hun geheim: hoeveverkoop van een product met een sterk verhaal en unieke smaak. De veestapel van wit-blauwe runderen graast namelijk in het Verdronken Land van Saefthinge, een slikken- en schorrengebied aan de Westerschelde, net over de Nederlandse grens. Vleesvee wordt wel vaker ingeschakeld voor natuurbeheer, maar hier wordt de zelfredzaamheid van de koeien echt op de proef gesteld. Het 3.580 hectare grote gebied is dooraderd met geulen van wel drie meter diep. Op 250 hectare daarvan grazen de wit-blauwe runderen van het Saefthingerhof.

“Koeien zijn best goede zwemmers”, verrast Geert. Al gebeurde het soms dat hij dagenlang liep te zoeken naar een verdwenen en mogelijk verdronken dier. Daar heeft de vleesveehouder nu een oplossing voor, en hij toont een halsband voor een koe uitgerust met een zender. “De haven gebruikt zulke zenders om containers wereldwijd te traceren. Landbouwonderzoeksinstituut ILVO kwam op het idee om de zenders waterdicht te maken, en met de medewerking van de firma Sensolus beschik ik nu over een systeem om de koeien snel te vinden. Dit jaar is dat al drie keer van pas gekomen”, vertelt Geert. De dieren vangen gebeurt in een box, groot genoeg voor 150 koeien. Daar staan de drinkbakken opgesteld waar de koeien sowieso naar toe moeten want in het natuurgebied vinden ze geen zoet water.

Het zilte water doet in het Verdronken Land van Saefthinge een specifieke fauna groeien. Kris Van Royen, de echtgenote van Geert, laat het gezelschap carpaccio van rundvlees proeven met een pijnboompit en takje zeekraal. Dat laatste wordt ook gelust door de koeien. Ze doen zich tegoed aan zeekraal en andere zilte planten, wat hun vlees een licht gezouten smaak en mooie donkerrode kleur geeft. “Het Saefthinger présalévlees is een seizoensgebonden product, uitsluitend afkomstig van vrouwelijke dieren die enkele maanden in het Verdronken Land graasden. Het is te verkrijgen van september tot eind april. Sinds 2014 worden er op de boerderij vleespakketten samengesteld. Ondanks de wat afgelegen locatie is dat een steeds groter succes. “Klanten komen van Antwerpen, maar ook van Gent en nog het meest uit Nederland. Of van nog verder wanneer ze het combineren met de woon-werkverplaatsing naar de haven of een uitstap in deze regio”, vertellen Kris en Geert.

“Onze ervaring is dat consumenten zeker nog vlees willen eten, maar ze weten graag waar het vandaan komt. Voor een uniek product als présalérundvlees kan ik zelf de prijs bepalen, maar we letten er wel op dat het de klant niet meer kost dan wat hij bij de slager voor rundvlees betaalt.” Op jaarbasis worden er op het bedrijf een 100-tal kalveren geboren.” Naast de 280 runderen is het Saethingerhof ook een gesloten varkensbedrijf. Nu draagt de varkenstak positief bij aan het bedrijfsresultaat, maar de voorbije jaren was het dikwijls een verliespost. Wat de rundveetak betreft, is het hout vasthouden dat de zoogkoeienpremie blijft bestaan. “Anders krijg ik het financieel moeilijk, zelfs al teel ik zelf het ruwvoeder en verkopen we het rundvlees rechtstreeks aan de klanten.” Toch gelooft Geert dat het Belgisch wit-blauwe ras een blijver is, in tegenstelling tot de buitenlandse rundveerassen die in opmars zijn.

Als grensboer kwam hij dit jaar onprettig tot de vaststelling dat het eengemaakte Europa toch nog landsgrenzen heeft. Door de uitbraak van blauwtong in eigen land werd het vrij verkeer met virusvrije landen verstoort. Dat had consequenties voor de handel, maar ook voor de weidegang van de koeien van het Saefthingerhof. Het natuurgebied op Nederlands grondgebied bleek plots verboden terrein. “Er zat niets anders op dan de koeien langer op stal te voederen. Pas na vaccinatie van de hele veestapel konden ze weer in het Verdronken Land. Beide ingrepen hebben me samen 20.000 euro gekost.”

“Waar de regels verschillen van de ene tegen de andere lidstaat, daar schiet Europa tekort”, oordeelt Europees parlementslid Hilde Vautmans (Open Vld). Ze stelt tevreden vast dat vleesveehouderij niet ten dode is opgeschreven zoals sommigen voorhouden. “Er is hier toekomst, voor vleesveehouderij en landbouw in het algemeen. Al zullen er dan wel enkele zaken moeten veranderen. Voor iedereen binnen de EU moeten dezelfde spelregels gelden, het zogenaamde ‘level playing field’. Vlaanderen mag niet steeds meer eisen blijven opleggen aan zijn producenten. Richting consument is promotie nodig want het ontbreekt hier nog aan fierheid op het lokale product. Dat merk je bijvoorbeeld aan de manier waarop vlees meestal de media haalt.”

Hendrik Vandamme, voorzitter van het Algemeen Boerensyndicaat, hoort haar graag zeggen dat Vlaanderen zijn boeren opnieuw op handen moet dragen. Hij hoopt dat de reacties op de Week van de steak-friet die er zit aan te komen, zullen getuigen van culinair chauvinisme. In het verleden kwam er zware kritiek op die promotiecampagne van VLAM, omdat het niet meer van deze tijd zou zijn om de consumptie van rundvlees te promoten. “Men vergeet dat één derde van het landbouwareaal uit grasland bestaat”, aldus Vandamme, “en alleen herkauwers kunnen dat verteren en omzetten in hoogwaardige eiwitten voor de mens. Bovendien is er geen runderras dat qua milieuefficiëntie kan wedijveren met Belgisch wit-blauw.”

De bezorgdheden van de vleesveesector – buitenlandse concurrentie en te weinig waardering van de consument voor Belgisch product – klinken Vautmans bekend in de oren. Ze is immers ook schepen van Fruitteelt in Sint-Truiden, en deze deelsector ervaart precies hetzelfde. Het Europarlementslid legt zelf nooit Pink Lady appels in haar winkelkar en slaat op restaurant een Argentijnse of Ierse biefstuk beleefd af. Over de vermoedens die door landbouwers geuit worden dat de concurrentie uit Oost-Europa extra gevoed wordt met subsidies uit Brussel, wil Vautmans graag het fijne weten. Ze is vragende partij voor een vergelijkende studie van de uitgaven door Europa op het niveau van de lidstaten.

Wat Hilde Vautmans echt wil vermijden, is dat boeren hun economische situatie als uitzichtloos ervaren en er daarom een punt achter zetten. “Stel je Vlaanderen eens voor zonder koeien, of zonder fruitplantages.” Nu het Saeftingherhof door de hoeveverkoop van présalérundvlees een nieuw élan vond, lijkt de toekomst van dit bedrijf verzekerd. Ver vooruitkijken, blijkt voor Geert en Kris toch lastig want hun dochter koos niet voor de onzekere boerenstiel maar voor een vrij beroep dat in de lift zit, dat van architect. “We vragen haar niet om het landbouwbedrijf voort te zetten want we weten hoe hard het werken is om in verhouding veel te weinig te verdienen.”

Vautmans wil vanuit het Europees Parlement voor hefbomen zorgen die de randvoorwaarden voor ondernemen in land- en tuinbouw kunnen verbeteren. “Oneerlijke handelspraktijken moeten eruit. Daartoe is op EU-niveau een richtlijn gestemd.” Hoe betekenisvol dat wetgevend initiatief wordt, zal afhangen van de implementatie in Belgische wetgeving. “De FOD Economie is bezig met de verfijning van de Belgische wet op oneerlijke handelspraktijken. Daarnaast is een inspanning nodig voor de omzetting van de EU-richtlijn”, weet Hendrik Vandamme, die namens ABS jarenlang de onfaire handelspraktijken aan de kaak heeft gesteld. “Landbouwers die actief zijn in de korte keten komen al snel tot de conclusie dat het de verbreding van hun activiteiten is die voor de inkomsten zorgt”, vult ondervoorzitter Paul Cerpentier aan. “In het gangbare handelskanaal moeten de producenten de prijs aanvaarden die afnemers bieden.”

Blijf me op de hoogte houden omtrent de noden van de sector, besluit Hilde Vautmans, “zodat wij beleidsmakers er mee voor kunnen zorgen dat boeren ‘niet moeten krabben voor een inkomen’.” Vervolgens hief ze samen met Vandamme en Cerpentier en een trotse familie vleesveehouders het glas op alle Vlaamse veehouders.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via