nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

14.01.2016 "Slagkracht grondenbanken havengebied kan groter"

Het flankerend beleid om de maatschappelijke gevolgen van de havenontwikkeling in Antwerpen op te vangen voor al wie getroffen wordt door onteigening botst op onvermijdelijke beperkingen, zoals de moeilijkheid voor een landbouwer om elders in Vlaanderen een vergunning voor de uitbating van zijn bedrijf te verkrijgen. Anderzijds zouden de mogelijkheden van de grondenbanken uitgebreid kunnen worden om de slagkracht ervan te vergroten. Dat zegt minister van Openbare Werken Ben Weyts op een vraag van Vlaams parlementslid Jos De Meyer. In totaal deden al 121 boeren uit het projectgebied afstand van hun grond in ruil voor een financiële vergoeding of compensatiegrond, goed voor een totale oppervlakte van 469 ha. 

Hoe is het gesteld met de uitvoering van het sociaal begeleidingsplan dat getroffen boeren begeleid die onteigend worden om plaats te maken voor de uitbreiding van de haven en de daaraan gekoppelde natuurcompensaties? Dat wilde Vlaamse parlementslid Jos De Meyer (CD&V) weten van minister van Mobiliteit en Openbare Werken Ben Weyts. In zijn antwoord oppert de minister dat de slagkracht van de grondenbanken vergroot zou kunnen worden. 

Enerzijds denkt Weyts daarbij aan een hertekening van het areaal dat in aanmerking komt: “Bij de start van de grondenbanken is afgebakend in welke gebieden getroffen boeren gronden kunnen verwerven. Het valt te overwegen om deze afbakening ruimer in te tekenen. De druk op de landbouwgrond in het Waasland is immers sterk toegenomen.” Anderzijds ziet Weyts brood in een nauwere samenwerking tussen de verschillende grondenbanken in dezelfde regio.

De grondenbank Linkerscheldeoever bevat in totaal 331 hectare aan landbouwgronden en gebouwen. Daarvan is 265 hectare gelegen binnen het haven- en natuurontwikkelingsgebied. In totaal heeft de grondenbank 60 ha ruilgrond ter beschikking, aldus minister Weyts. Verder blijkt uit een stand van zaken op 30 november 2015 dat sinds de start van het GRUP ‘Afbakening Zeehavengebied Antwerpen’ 110 landbouwers op Linkerscheldeoever “vrijwillig het gebruik van een gedeelte van hun gronden beëindigd hebben”, daarbij gebruikmakend van een financiële vergoeding of in ruil voor compensatiegrond. Op Rechterscheldeoever zijn dat er 11. Alles samen gaat het over een totale oppervlakte van 469 ha.

Voor al die individuele gevallen hamert de minister op het belang van begeleiding op maat. “Vooral (potentiële) bedrijfsverplaatsingen vragen veel voorbereiding, zowel van de landbouwer zelf als van de overheid”, zo weet Weyts. “De dossiers in het kader van het havengebied Antwerpen leren dat het niet eenvoudig is om elders in Vlaanderen de nodige vergunningen te krijgen om een nieuw landbouwbedrijf op te starten of uit te breiden. Die context beperkt de mogelijkheden voor een bedrijfsverplaatsing, maar dat kan niet worden opgelost door het flankerend landbouwbeleid bij te sturen.”

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via