nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

02.09.2019 Vleesexport draagt sterk bij aan agrohandelsoverschot

Vlaanderen is een netto-exporteur van agrarische producten. Vers vlees is ons belangrijkste exportproduct want het noteert zowel de hoogste uitvoerwaarde als het hoogste handelssaldo. Het nieuwe agrohandelsrapport kleeft daar voor 2018 volgende cijfers op: 2,81 miljard euro, respectievelijk 1,85 miljard euro. Zuivelproducten staan op hetzelfde peil qua uitvoer, maar het overschot is veel beperkter. Cacaoproducten vervolledigen het podium, en staan ook hoog in de importstatistiek aangezien de grondstof voor chocolade hier niet geteeld wordt. In het geval van die andere culinaire trots, frietjes, komt een groot deel van de grondstoffen wél uit eigen regio. Niet alles, ook bij het pootgoed niet, zodat er een negatief handelssaldo van ruim 200 miljoen euro is voor verse aardappelen. Inclusief aardappelbereidingen is het een gans ander verhaal.

Vorig jaar voerde Vlaanderen voor 32 miljard euro agrarische producten in, en realiseerden we een overschot op de handelsbalans dankzij export ter waarde van 38,4 miljard euro. Het handelssaldo ligt daarmee op +6,4 miljard euro. In vergelijking met 2017 is de uitvoer met 1 procent gestegen en het overschot met 5 procent. In twee jaar tijd groeide de uitvoer met 6 procent en het handelssaldo zelfs met 28 procent. Anders dan je misschien zou verwachten, zijn dierlijke producten (7,4 miljard euro uitvoer) niet de belangrijkste productgroep. Akkerbouwproducten werpen nog meer gewicht in de schaal: 14,2 miljard euro uitvoer en 13 miljard euro invoer.

Tot de groep akkerbouwproducten behoren granen, aardappelen, oliehoudende zaden zoals koolzaad, industriële gewassen zoals vlas, droge peulvruchten en uitheemse gewassen (o.a. cacao, koffiebonen en rijst). Naast de ruwe producten omvat de groep ook een hele reeks verwerkte producten zoals gebak, pralines en chocolade. Bij aardappelen zie je sterk verschillende cijfers naargelang het de grondstof dan wel afgewerkte producten zoals diepvriesfrieten betreft. De aardappelverwerkende industrie koopt meer grondstoffen in de buurlanden aan, en kan daardoor zijn exportgedreven groei volhouden bij een aardappelareaal dat in eigen land tegen zijn grenzen aanloopt. Het handelsoverschot voor aardappelen van bijna 1 miljard euro is volledig te danken aan de uitvoer van aardappelbereidingen, goed voor 1,4 miljard euro. De handel in verse aardappelen, inclusief pootgoed, vertoont daarentegen een negatief saldo van iets meer dan -200 miljoen euro.

De uitvoer van dierlijke producten is tegenover 2017 lichtjes gedaald tot 7,4 miljard euro, maar dat is nog altijd 11 procent meer dan in 2016. De invoerwaarde is in twee jaar tijd met 12 procent gestegen. Vooral de dierlijke producten (met een positief saldo van 2,3 miljard euro) en de agro-industriële producten (+2 miljard euro) dragen bij tot het Vlaamse handelsoverschot. Onder die laatste moet je meststoffen, landbouwmachines en gewasbeschermingsmiddelen verstaan. Ook de akkerbouwproducten (+1,2 miljard euro) en andere producten zoals dranken en veevoeder noteren een handelsoverschot (+1,1 miljard euro). Enkel bij tuinbouwproducten is er een handelstekort van -178 miljoen euro, vooral door de import van exotische vruchten (bananen, ananas, kiwi,...) en fruitsappen. Het betreft dus hoofdzakelijk producten die we in ons land niet kunnen produceren.

Vers vlees komt uit de Vlaamse agrohandelsbalans als het belangrijkste exportproduct. Zuivelproducten staan op hetzelfde peil qua uitvoer (2,78 miljard euro), maar het overschot is veel beperkter (273 miljoen euro versus 1,85 miljard euro). Cacaoproducten vervolledigen het podium. Die laatste bekleden ook een derde plaats in de invoerstatistiek. Het handelsoverschot is niettemin ruim (1,11 miljard euro) aangezien we de grondstof importeren en het afgewerkte product, chocolade met name, exporteren. Scoren ook hoog qua handelssaldo: bier, banketbakkerswerk en diepvriesgroenten.

Zuivelproducten en vers fruit (voornamelijk zuidvruchten) laten de hoogste invoerwaarde optekenen. Zuivelproducten, vooral kaas, boter en melk, maken met een invoerwaarde van 2,5 miljard euro bijna de helft uit van de invoer van dierlijke producten. Vers vlees blijft net onder het miljard euro. Daarna volgen vleesbereidingen en slacht- en gebruiksdieren. De invoer van zuivel is tegenover 2016 met een vijfde gestegen. Ook fokdieren, eieren en vers vlees noteren groeicijfers van meer dan 10 procent. Niet-eetbare dierlijke producten en honing zijn de sterkste dalers. Een aanzienlijk handelstekort is er voor kool- en raapzaad, oliën en vis. Hetzelfde geldt voor wijn, koffie en tarwe.

Meer info: Departement Landbouw en Visserij

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via